Trond Johan Sollied (Mo i Rana, 29 april 1959) is een voormalig Noors voetbaltrainer en voetballer, die als trainer succes oogstte in België. Sollied was een verdedigende middenvelder, maar kon ook centraal in de verdediging spelen.
Biografie Tijdens zijn spelerscarrière voetbalde Sollied als verdediger voor de Noorse clubs Mo IL, Vålerenga IF, Rosenborg BK en Bodø/Glimt. Hij speelde ook vijftien keer voor de Noorse nationale ploeg, waarin hij één keer scoorde. Onder leiding van bondscoach Tor Røste Fossen maakte hij zijn debuut op 22 mei 1985 in de vriendschappelijke wedstrijd in en tegen Zweden (1-0), net als zijn clubgenoot en aanvaller Gøran Sørloth (Rosenborg BK).
Sollied begon zijn trainerscarrière in 1992 als speler-trainer bij Bodø/Glimt. De ploeg werd kampioen in de 1. divisjon, de Noorse tweede klasse. Het jaar erop eindigde Bodø/Glimt meteen als tweede in de Tippeligaen en won het de Noorse beker. Eind 1993 stopte Sollied met voetballen en werd hij fulltime coach. Na een meningsverschil met de spelers en het bestuur werd hij in 1996 ontslagen. In 1997 werd hij bij Rosenborg BK assistent-trainer van Nils Arne Eggen. Een jaar later werd hij hoofdtrainer toen Eggen een jaar pauze nam. Beide seizoenen werd Rosenborg landskampioen.
Per december 1998 kwam Sollied in België terecht als trainer van KAA Gent. Een knap seizoen leverde hem een overstap naar Club Brugge op. De manier waarop die transfer verliep liet een wrange nasmaak achter bij de Gentenaren.
Met Brugge werd hij twee keer landskampioen, won hij twee keer de beker en twee keer de Supercup. Hij werd er bekend als een coach die altijd ijzig kalm met een notitieboekje op de bank zat en vaak uitpakte met oneliners. Een van zijn grootste successen met Club Brugge was de 1-0-overwinning in de Champions League op het veld van AC Milan op 22 oktober 2003. In de zomer van 2005 kwam na vijf jaar abrupt een einde aan zijn samenwerking met Club Brugge. Terwijl Sollied op vakantie was in Griekenland, lekte er in de Belgische pers een videoboodschap uit waarop hij aankondigde dat hij trainer zou worden bij Olympiakos Piraeus. Sollied zei dat de video eigenlijk pas mocht vertoond worden nadat hij voor de Griekse club getekend had, maar het bestuur van Club Brugge interpreteerde de videoboodschap alsof hij ontslag nam.
Sollied werd uiteindelijk toch de nieuwe trainer van Olympiakos. In zijn eerste seizoen werd hij landskampioen en won hij de beker, maar in de Champions League liep het mis: Olympiakos eindigde laatste in zijn poule en overwinterde dus niet. Na de eerste helft van zijn tweede seizoen als trainer van de Grieken stond Olympiakos weer ruim op kop in het klassement, maar in de Champions League ging het opnieuw fout, met alweer de laatste plaats in de poule tot gevolg. Reden genoeg voor Olympiakos om hem te ontslaan.
Op 13 juni 2007 werd bekendgemaakt dat hij terugkeerde naar KAA Gent. Hij nam zijn assistent-trainers van bij Olympiakos, Chris Van Puyvelde en Čedomir Janevski, mee. In de competitie eindigde Gent op een eerder teleurstellende zesde plaats. Toch kwalificeerde Gent zich voor Europees voetbal door de bekerfinale te bereiken, die evenwel nipt met 3-2 werd verloren van RSC Anderlecht.
Vanaf het seizoen 2008/09 werd Sollied trainer van de Nederlandse eredivisieclub sc Heerenveen. Van Puyvelde werd opnieuw zijn assistent. De seizoensstart was voortvarend. Zo plaatste hij zich met Heerenveen voor de groepsfase van de UEFA Cup. De resultaten waren echter niet van lange duur. Na een aantal slechte resultaten, zowel in de competitie als in de UEFA Cup, kwam de baan van Sollied onder druk te staan. Toen Heerenveen op 22 november 2008 met 0-6 verloor van FC TwenteFC Twente walst over Heerenveen heen, kwamen er steeds meer geruchten dat de trainer ontslagen zou worden.Heerenveen wil af van Sollied
Sollied won op 17 mei 2009 zijn negende prijs als trainer (4x landskampioen en 5x bekerwinnaar) en zijn eerste met sc Heerenveen door met 2-2 gelijk te spelen en na strafschoppen (5-4) te winnen van FC Twente in de bekerfinale in de Rotterdamse Kuip. Op 31 augustus 2009 besloten Sollied en sc Heerenveen het contract te beëindigen. Sollied werd tijdelijk opgevolgd door Jan de Jonge. In de zomer van 2010 ging Sollied aan de slag bij het Saoedische Al-Ahli, eind augustus werd hij er echter al de laan uitgestuurd, naar eigen zeggen omdat hij niet meeging in de bemoeienissen van de prins bij het opstellen van de basiself.
Op 3 januari 2011 tekende Sollied een contract bij de Belgische eersteklasser SK Lierse. Op dat ogenblik stond Lierse op de voorlaatste plaats in het klassement. Het lukte Sollied nog om Lierse in eerste klasse te behouden, het eindigde de reguliere competitie op de 14de plaats, met 1 puntje meer dan de 15de in de stand, KAS Eupen.
Op 1 juni geraakte bekend dat Sollied zijn contract bij Lierse niet verlengde. Twee dagen later werd bekend dat hij een contract getekend had bij KAA Gent, en daar voor de derde maal in zijn loopbaan aan de slag gaat. Op 23 oktober 2012 werd hij ontslagen bij KAA Gent.
In juni 2013 tekende Sollied een contract bij de Turkse ploeg Elazığspor.Sollied tekent bij Elazigspor Na 9 speeldagen stond het team op de 16de plaats. Na 5 verliezend matchen op rij werd hij reeds ontslagen na 4 maanden.Trond Sollied na vier maanden al ontslagen bij Turkse club
Op 29 oktober 2018 tekende Sollied een contract tot het einde van het seizoen (met bijkomende optie voor één jaar) bij KSC Lokeren.Trond Sollied volgt Peter Maes op bij Lokeren, Sporza.be op 29 oktober 2018 Hij volgt Peter Maes op die door een teleurstellende seizoensstart de laan werd uitgestuurd. Op 20 januari 2019 werd Trond Sollied ontslagen omdat hij ook het tij niet kon keren, zijn opvolger was Glen De Boeck.Lokeren ontslaat Trond Sollied na amper tien wedstrijden: Glen De Boeck neemt meteen over, Het Nieuwsblad, 20 januari 2019
Speelwijze thumb|De beruchte "4-3-3 punt naar achteren" van Sollied bij Club Brugge was de "metodo" van Vittorio Pozzo; met een belangrijke taak voor de spelverdeler die dan ook als balrecuperator optrad. (formatie 2–3–2–3). Sollied baseerde zijn 4-3-3 op oude Italiaanse voetbalfilosofie uit de jaren 1930. Pozzo won twee wereldtitels met Italië in de jaren 1930. — Inside forward = mezzala — Centre halfback = centromediano / centrosostegno — Left / right halfback = mediano sinistro / destro Trond Sollied was een overtuigd aanhanger van een aanvallende 4-3-3-opstelling met driehoek op het middenveld die naar achteren wijst. Zijn benadering was gebaseerd op Italiaanse voetbalfilosofieën uit de jaren 1930. Sollied koos voor vier zoneverdedigers, een ‘omgekeerde’ driehoek op het middenveld: één verdedigende middenvelder (‘zes’), twee centrale middenvelders (mezzale) en onberekenbare voorlinie bestaande uit twee naar binnen trekkende buitenspelers (trequartista’s) en één centrumspits die moeilijk te verdedigen waren omdat ze veel van positie wisselden. Met een structuur verwant aan het Metodo (2-3-2-3) van Vittorio Pozzo behaalde Sollied meerdere landstitels en nationale bekers.
Bij Club Brugge, tussen 2000 en 2005, toonde Sollied zich flexibel in zijn aanpak. Zijn spelwijze vroeg veel fysiek engagement en een hoog loopvermogen van zijn spelers. De twee offensieve middenvelders fungeerden als halve buitenspelers die constant de flanken opzochten. Deze rol komt overeen met de mezzala in het Italiaans, de inside forward in het Engels en wat men in het Nederlands vaak gewoon als ‘de nummer 8’ aanduidt. In zijn Brugse typeploeg vertrouwde Sollied op Nastja Čeh als de creatieve geest en Gaëtan Englebert als de werkmier met offensieve inbreng. Voor de komst van Čeh vervulde Sven Vermant deze rol, tot zijn vertrek naar Duitsland.
De vleugelbacks (onder meer Olivier De Cock en Peter Van der Heyden) fungeerden als rechtshalf en linkshalf — ze speelden dus hoog, tot diep in de voorste linies, om voorzetten te geven of doelgericht te zijn. In dit systeem was geen sprake van een klassieke spelmaker of 'nummer tien'. Door het opduiken van de mezzale op de flanken was er ruimte voor overlappingen met de vleugelbacks. De balcirculatie was snel en verticaal, gericht op snelle combinaties van speler naar speler. In balbezit stond Club Brugge haast automatisch in 3-4-3 (soms 3-4-2-1 avant la lettre), als gevolg van het hoge spel van de vleugelbacks. Sollieds verdedigende middenvelder — de regista of centromediano — hield positie en schoof niet door over de middenlijn, om de mandekkers defensieve steun te bieden bij counters. In Sollieds systeem waren dat bij KAA Gent de Fransman Éric Joly en, nadat dit tegenviel, de Bosniër Edin Ramčić, en bij Brugge nam Timmy Simons deze taak op zich. Hoewel hij vooral zijn omgekeerde 4-3-3 hanteerde, koos Sollied soms voor een driemansverdediging en schakelde hij naar een aanvallende variant op de 3-4-3 met een soort vierkant op het middenveld omdat zijn buitenspelers vaak naar binnen kwamen en van positie wisselden.
In het seizoen 2000–01 streed Club Brugge om de titel met het dominante Anderlecht van Aimé Anthuenis, en dat in de standaard 4-3-3 met punt naar achteren. In de terugronde, tussen januari en maart 2001, speelde Club liefst negen keer gelijk. Sollied miste op dat moment een bepalende speler: aanvoerder Gert Verheyen (rechtsbuiten), die lange tijd out was met buikspierproblemen. Englebert schoof noodgedwongen door naar rechtsbuiten. Verheyen keerde pas terug op speeldag 32 (thuis tegen Anderlecht, 0–1 verlies). Anderlecht profiteerde van de dip en pakte de titel.
Sporadisch hanteerde Sollied een uitgebalanceerde 4-4-2. In die opstelling dacht de ene helft van het team defensief, de andere offensief. Een variant was de 3-1-4-2, waarin de verdedigende middenvelder (Simons) een sleutelrol kreeg en zes spelers aanvallend dachten. De backs fungeerden als flankmiddenvelders. Achterin acteerden twee uiterste centrale verdedigers als zoneverdedigers, met nog een geparkeerde libero en de zes. In deze formatie haalde Club Brugge op 15 mei 2005 onder zware druk een 2–2 gelijkspel tegen RSC Anderlecht, waarmee de dertiende landstitel werd veiliggesteld.
Dit ‘Anderlecht-plan’ had Sollied vermoedelijk al langere tijd in gedachten. Het was de enige keer dat hij in de Belgische competitie van dat seizoen met een afwijkende opstelling begon. Omdat Simons op dat moment een schorsing riskeerde (twee gele kaarten) en bovendien licht geblesseerd was na de 0–1 tegen Excelsior Moeskroen, liet Sollied hem de week ervoor thuis. In de titelmatch fungeerde Maertens als libero tussen Clement en Rozehnal. Clement dekte de zone rechts, Rozehnal zone links. Beiden mochten in balbezit inschuiven. Simons speelde als buffer voor hen uit. Čeh en Englebert speelden centraal op het middenveld.
Ook paste Sollied soms 5-3-2 of 3-5-2 toe. De driehoek op het middenveld kon zowel naar voren als naar achteren gericht zijn. Een voorbeeld hiervan is de uitwedstrijd tegen KAA Gent op speeldag 18 van seizoen 2000–01: een inhaalwedstrijd uit februari 2001. Gent speelde onder Patrick Remy veelal in dezelfde bezetting: 4–3–3 met driehoek op het middenveld naar achteren. De driehoek op het middenveld wees naar achteren en omvatte de vaste waarden Simons, Englebert en Vermant. Nzelo Lembi speelde als libero, en Tjörven De Brul en Lešnjak als mandekkers tegen de flanken Gunther Schepens en Saša Gajser. De Brul moest spits Alexandros Kaklamanos opvangen wanneer die er doorheen glipte. Club Brugge won de wedstrijd in een 5-3-2 met 0–2.
Internationaal gezien is een bekend voorbeeld de thuiswedstrijd tegen FC Barcelona in de groepsfase van de Champions League 2002–03. Simons en Maertens namen Juan Román Riquelme in de tang. Clement en Lešnjak dekten de zones van de spitsen Dani en Geovanni (trequartista’s). Brugge verloor door een laag schot van Riquelme dat stuiterde voor Verlinden.