De geschiedenis van de islam vangt volgens de Hadith aan op het moment dat Mohammed een openbaring van God kreeg. De islam verspreidde zich vanaf 610 over de wereld. Het is met ruim 1,6 miljard aanhangers de op een na grootste wereldreligie.
Het begin miniatuur|Het Arabisch Schiereiland in pre-islamitische tijden. Door handelscontacten met andere volkeren, zoals de joden, de Byzantijnse en Abessijnse christenen en de Perzische zoroastristen, hadden de Arabieren reeds kennis van verschillende monotheïstische godsdiensten. Zelf waren de Arabieren in Mekka henotheïstisch, dat wil zeggen dat ze meerdere goden aanbaden, waarvan er wel een als oppergod werd beschouwd.
Hoewel het geboortejaar van Mohammed niet met zekerheid kan worden vastgesteld, gaat men ervan uit dat hij geboren is rond 571.Islam, cultuur en religie, Markus Hattstein, vertaling door Nannie Nieland-Weits, Tandem Verlag GmbH, 2006, blz. 8, Volgens de islamitische traditie, op veertigjarige leeftijd in het jaar 611, verklaart Mohammed openbaringen van God via de engel Djibriel te hebben ontvangen. Na eerst beangstigd te zijn, Mohammed vreesde aanvankelijk zelfs dat hij bezeten was door een boze geest, verkondigde hij daarna de boodschap van het monotheïsme.Catholica, Geïllustreerd encyclopedisch vademecum voor het Katholieke leven, Heid, A.M., 's-Gravenhage, N.V. Uitgeversmaatschappij Pax, 1963 Islam, blz. 659 In de 23 jaar die volgde, openbaarde God volgens de islamitische opvattingen de boodschappen die hij gefaseerd (al-tandjim) zou hebben ontvangen en die later zijn opgetekend in de Koran,Inleiding tot de studie van koran, Abdelilah Ljamai, 2005, Uitgeverij Meinema, blz. 26, dat afgeleid is van het werkwoord qara'a ('reciteren').Nieuwe inleiding tot de islam, Dr. J.J.G. Jansen, Uitgeverij Coutinho, 1998, , CIP, blz. 33 Omstreeks 613 begon Mohammed in het openbaar te preken. De eerste bekeerlingen waren volgens de overleveringen zijn vrouw Khadija, de vrijgelaten slaaf Zayd ibn Haritha, zijn neef Ali en de in aanzien staande Aboe Bakr.De Koran, in de vertaling van prof. dr. J.H. Kramers, bewerkt door drs. A. Jaber en dr. J.J.G Jansen, uitgeverij de Arbeiderspers, 2003, Inleiding VII,
Mekka Al gauw kwam er sterke weerstand tegen Mohammeds boodschap. De 'overgave aan de ene God' was niet alleen een nieuw begrip voor de trotse Arabieren, de inwoners van Mekka vreesden vooral dat hij hun bron van inkomsten, de cultische verering van zo'n 360 goden in de Kaäba, zou ondermijnen. Bovendien vreesden de toenmalige plaatselijke machthebbers voor hun eigen godsdiensten, hun gezag over Mekka en voor de pelgrimsindustrie. Er werd zoveel gedreigd, gehinderd, vervolgd en gemarteld, dat Mohammed in 615 sommige volgelingen adviseerde naar het christelijke Abessinië te vluchten. In 619 overleed zijn eerste vrouw Khadija en daarna zijn geliefde oom Aboe Talib. Hierdoor werd Mohammed niet meer beschermd en zou hij de opdracht van God hebben gekregen uit Mekka weg te gaan. Yathrib (het latere Medina), ongeveer 350 km ten noorden van Mekka, wilde hem graag ontvangen. De hoofdmannen van het dorp vertelden hem over de ongelijkheid in Yathrib. Ze beweerden dat wanneer de islam het gezamenlijke geloof werd, het beter zou gaan met Yathrib. In 622 emigreerden Mohammed en zijn volgelingen van Mekka naar Yathrib. Dit staat bekend als de hidjra. De stad Yathrib werd vanaf toen Medinat al-Nabi genoemd, de 'stad van de profeet'. De naam Medina is hiervan afgeleid. Deze voor moslims belangrijke gebeurtenis markeert het begin van de islamitische jaartelling. Moslims konden vanaf dat moment vrij leven, zonder bang te zijn vervolgd te worden vanwege hun geloof.
De eerste islamitische gemeenschap in Medina Twee jaar voordat Mohammed in Medina arriveerde, was er al sprake van een aantal bekeerlingen uit deze stad.Dr. J.J.G. Jansen, Nieuwe Inleiding tot de islam, blz. 108,
Toen Mohammed zich in Medina vestigde, veranderde zijn leven ingrijpend. Van een door zijn Mekkaanse stadsgenoten als excentriek en schadelijk beschouwd individu werd hij nu de stichter van een staat.Het leven van Mohammed, Ibn Ishaak, ingeleid, vertaald en toegelicht door Wim Raven, Bulaaq, 2000, blz. 101, Mohammed moest in Medina de kibbelende partijen samenbrengen die hem in juridische zin als stadshoofd dienden te accepteren.De Islam, Wereldreligies, leren kennen en begrijpen, Ruquaiyyah Maqsood, Zuidnederlandse Uitgeverij NV, 2001, blz. 174, Veel ayat die zouden zijn geopenbaard waren dan ook antwoorden op de vragen die gesteld werden. Volgens de islamitische opvattingen is een van de redenen waarom de Koran gefaseerd werd geopenbaard, de zorg voor de opbouw van de islamitische gemeenschap binnen de nieuwe context van de prediking van de islam.Inleiding tot de studie van koran, Abdelilah Ljamai, 2005, Uitgeverij Meinema, blz. 28,
Echter, in tegenstelling tot sommige oriëntalisten, veranderde Mohammeds boodschap niet: dat hij de Zegel der Profeten en de laatste profeet was, gekomen voor de gehele mensheid, de boodschap die Mohammed reeds in Mekka verkondigd had. Ayat zoals En de meeste mensen willen niet geloven zelfs al wens je het vurig. Gij vraagt er hun geen beloning voor. Het is niets dan een vermaning aan alle werelden. (soera Jozef 103-104) en En Wij hebben u (Mohammed) slechts als genade voor de werelden gezonden. (soera De Profeten 107) zijn Mekkaans. Het is dus ten onrechte dat soms gedacht werd dat Mohammed deze boodschap pas ging verkondigen na de successen in Medina. De enige aya met eenzelfde strekking die in Medina werd geopenbaard is soera De Partijscharen 40, Mohammed is niet de vader van een uwer mannen, maar de boodschapper van God en het zegel der profeten; God heeft kennis van alle dingen, waarmee het eerder in Mekka gestelde slechts bevestigd werd.Islam, een nieuw geloof in Nederland, P. Reesink (redactie), Uitgeverij Ambo Baarn, 1991, P. Reesink, blz. 94-95,
Het zogenoemde Verdrag van Medina werd in 622 door de verschillende partijen in Medina bevestigd. Het legt daarmee een blauwdruk van de eerste islamitische samenleving. Het legt formeel vast dat Mohammed een verbond aangaat met de Arabische en joodse stammen van Medina. De diverse stammen van de oase zouden hun oude vijandschap begraven en als het ware een nieuwe superstam vormen. De moslims en de joden dienden vredig naast de heidenen van Medina te wonen. God was het hoofd van de gemeenschap en alle stammen vormden de oemma.Mohammed, een westerse poging tot begrip van de islam, Karen Armstrong, Uitgeverij Anthos Amsterdam, tweede druk november 1997, blz. 164, Zij die geen moslim zijn of zich niet bekeren kunnen in Medina blijven wonen, zolang zij niet samenspannen met de Qoeraisj uit Mekka.Malcom Clark Islam voor dummies, blz 93,
De traditionele Arabische cultuur zoals de familie-eer, persoonlijke trots en trouw aan de clan werden binnen de jonge moslimgemeenschap veranderd; gelijkwaardigheid van afkomst, een goede behandeling van wezen en trouw aan de islam namen hun plaats over. Hoewel tot op de dag van vandaag de traditionele, Arabische cultuur nog steeds een rol in het sociale leven speelt.
Expedities tijdens Mohammed zijn leven De Arabische stammen waren van oudsher gewend om op zijn tijd karavanen van andere Arabieren en andere doortrekkende kooplieden te overvallen. Deze expedities (Arabisch: غزوة (vermoedelijk razzia)) waren algemeen geaccepteerd behalve in enkele maanden zoals de 'heilige maand' rajab waarbij een 'wapenstilstand' gold. Een jaar na zijn entree in Medina organiseerde Mohammed de eerste expeditie, naar Waddan en Abwa, op zoek naar een karavaan van zijn voormalige stadsgenoten, maar keerde onverrichter zake terug. Een tweede tocht naar Bowat bleef ook zonder resultaat. Bij de derde expeditie hoopte Mohammed een rijke karavaan van Mekka naar Syrië bij Osheira te onderscheppen, maar kwam te laat. Mohammed sloot hier verdragen met enkele lokale stammen. Net een week terug in Medina trok Mohammed er opnieuw op uit, ditmaal om veedieven van de Fihri-stam te achtervolgen. Hij kwam tot in de vallei van Safwan maar wist daar geen overwinning te behalen. Drie expedities hierna, niet persoonlijk geleid door Mohammed, bleven ook zonder resultaat. Vervolgens stuurde Mohammed Abdallah ibn-Jahsh met een kleine groep moslims naar Nakhla om daar een kleine onbeschermde karavaan van de Qoeraisj te overvallen. Dit gebeurde in radjab, de heilige maand voor de moslims, maar tevens voor de ongelovige Arabieren. In deze periode waren alle vijandelijkheden strikt verboden. De moslims hadden succes bij de overval en brachten de buit mee naar Medina. Het schenden van de heilige maand werd verantwoord in Soera De Koe 217, waarin uitgelegd wordt dat het schenden van een heilige maand een zonde is, maar de toegang weigeren tot de Kaäba (zoals de Mekkanen deden) een grotere zonde is.
Kort hierna deed zich opnieuw de mogelijkheid voor een karavaan te onderscheppen, namelijk die van Aboe Sufyan die terugkeerde uit Syrië naar Mekka. Mohammed kon volgens biograaf Ibn Ishaq beschikken over een leger van ruim 300 man. De moslims misten weliswaar de karavaan zelf, maar troffen wel het Mekkaanse leger dat gestuurd was om de karavaan te beschermen. Deze Slag bij Badr liep uit op een klinkende overwinning voor de moslims, die hierbij niet alleen veel kamelen, wapens en leer buitmaakten, maar ook nog losgeld voor krijgsgevangen Mekkaanse soldaten opstreken. Na deze succesvolle expeditie zouden er tijdens het leven van Mohammed nog tientallen volgen, waaronder de Slag bij Khaybar in 628.
Na de Slag bij Badr in 624 vonden er nog twee slagen plaats tussen de inwoners van Mekka en die van Medina, namelijk de Slag bij Uhud in 625 en de Slag bij de Gracht in 627. Uiteindelijk vond in 630 de Verovering van Mekka plaats. Persoonlijk sloeg Mohammed de afgodsbeelden in de Kaäba kapot. Als overwinnaar stelde hij zich coulant op, zodat hij toch veel inwoners van Mekka voor zich wist in te nemen. Velen bekeerden zich tot de islam.
Tijdens Mohammeds leiderschap werd het grootste deel van het Arabisch Schiereiland vrij snel onder islamitisch bestuur gebracht, voornamelijk doordat Mohammed de verschillende stammen door militaire campagnes wist te verenigen. De krachtige persoonlijkheid van Mohammed trok de bewoners van het Arabisch Schiereiland aan. Ook door zijn beloften van redding voor hen die stierven tijdens de strijd voor de islam, kreeg hij mensen achter zich. Door overvallen op karavanen in de vroege jaren van de islam en daarna oorlogen op volle schaal, was er een aantrekkelijk vooruitzicht op rijke buit voor hen die succesvol waren in de strijd.Encarta, editie 1999
Mohammeds laatste woorden Op zijn sterfbed gaf Mohammed volgens zijn biografen drie instructies: alle heidenen van het Arabisch Schiereiland te verwijderen, buitenlandse delegaties helpen zoals hij gewoon was geweest, en nog iets wat verteller Ibn Abbas achterwege liet.
Mohammeds houding tegenover joden en christenen Op het Arabisch Schiereiland woonden toentertijd ook joden en christenen. In Medina bijvoorbeeld leefden wel drie verschillende joodse groepen of stammen. In de eerste fase van zijn prediking heeft Mohammed geprobeerd hen voor zijn nieuwe godsdienst te winnen. In 624 werd de stam Bani Qainuqa uit Medina verbannen, in 625 Banu Nadir. Na de Slag bij de Gracht in 627 keerde het leger van Mohammed zich tegen de stam Banu Qurayza. Deze stam werd ervan beschuldigd verraad te hebben gepleegd bij de voorafgaande slag. Na hun overgave werden alle volwassen mannen onthoofd, de vrouwen en kinderen werden als slaaf verkocht.Bukhari Volume 4, Boek 52, Nummer 281, USC-MSA Compendium of Muslim TextsShaykh Safi ur-Rahmaan Mubarakfoori. The Story of the Prisoners of the Battle of Badr, www.islaam.org.uk Volgens sommige bronnenGabriël Mandel Khan Mohammed, de profeet, blz. 59,