thumb|Vrouw met een mand met fruit, 1642, Gemäldesammlung der Universität, Göttingen thumb|Samson en Delila. Een filistijn knipt een haarlok van Samson af (1630). Het schilderij werd in 1632 door de stad Dordrecht gekocht voor 75 gulden en 17 stuivers en in de grote zaal van het stadhuis gehangen. Het schilderij is qua compositie gebaseerd op een schilderij van Rubens met hetzelfde thema. Dit schilderij maakte van Couwenbergh in de volgende 10 jaar een gevraagd kunstschilder. Christiaen Gillisz. van Couwenbergh (Delft, 8 september 1604 – Keulen, 4 juli 1667) was een Nederlands kunstschilder, tapijtontwerper en tekenaar. Hij vervaardigde portretten, genrestukken en historische en allegorische taferelen.
Van Couwenbergh was een zoon van de uit Mechelen afkomstige zilversmid en kunsthandelaar Gillis van Couwenbergh. Deze verhuisde voor 1604 naar Delft, waar hij trouwde met Adriaentje Vosmaer, een zuster van de schilder Jacob Vosmaer (1574-1641). Christiaen leerde het schildersvak van Johan van Nes, die zelf een leerling was geweest van de portretschilder Michiel Jansz. van Miereveld.
Tussen 1622 en 1624 bevond hij zich mogelijk in Utrecht. Zijn genrewerk onderging invloed van Gerard van Honthorst, Hendrick ter Brugghen en Dirck van Baburen. Hij behoorde tot de stroming van de Caravaggisten. In 1627 trad hij toe tot het Sint-Lucasgilde in Delft. Hij trouwde in 1630 met Elisabeth van der Dussen, een dochter van een burgemeester. Hun zoon Gillis van Couwenbergh (II) werd eveneens kunstschilder.
In zijn Delftse periode volbracht hij enkele goedbetaalde opdrachten. Hij leverde decoraties voor het Huis Honselaarsdijk in Honselersdijk (1638) en voor het Huis ter Nieuburch in Rijswijk (1642-1643). Beide gebouwen waren destijds in het bezit van prins Frederik Hendrik.
In de periode 1646 tot 1656 bevond hij zich in Den Haag, waarschijnlijk om wat dichter bij het hofleven te zijn. Hij werd er lid van het Sint-Lucasgilde, en zou later deken worden van het genootschap. Hij werd betrokken bij het maken van schilderijen en decoraties voor het 'Oude Hof' (nu Paleis Noordeinde) in 1647, en voor de Oranjezaal in Paleis Huis ten Bosch tussen 1648 en 1651.
Ondanks zijn vergaarde rijkdom en een erfenis van zijn in 1655 overleden vrouw liep hij in Den Haag schulden op. Van 1656 tot zijn dood in 1667 woonde en werkte Van Couwenbergh in Keulen. In zijn Keulse periode toonde zijn werk invloeden van Jan van Bronckhorst.
Hij was een leraar van Gillis van Couwenbergh (II) en Willem Verschoor.
Externe links Vermelding in De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen van Arnold Houbraken
Categorie:Nederlands kunstschilder Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 17e eeuw