thumb|Adolf Hitler (nazi-Duitsland) en keizer Hirohito (Japan) als een bloeddorstig, tweehoofdig monster op een Amerikaanse propagandaposter. De asmogendheden, ook wel de as genoemd, vormden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog een alliantie, waarvan de kern bestond uit het Duitse Rijk, het koninkrijk Italië en het Japanse Keizerrijk. Van deze mogendheden ging het initiatief van de oorlog uit.

De term werd voor het eerst gebruikt door de Italiaanse dictator Benito Mussolini in november 1936 toen hij sprak over een as Rome-Berlijn nadat Italië en Duitsland een vriendschappelijk verdrag hadden getekend. Samen met het door Duitsland geannexeerde Oostenrijk, vormden zij een as door Europa. In 1939 zouden Duitsland en Italië hun relatie nog meer versterken door onderlinge (deels geheime) afspraken vastgehouden in het Staalpact.

De voorwaarden van het pact veranderden op 18 maart 1940 tijdens een ontmoeting van Hitler en Mussolini in de Alpen. Daar besloten ze om een alliantie te vormen tegen Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.

Oorsprong In de periode tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog, werden er als gevolg van een opgebloeid nationalisme, en omarming door de internationale politiek van het beginsel dat volkeren het recht hadden een eigen staat te vormen, relatief veel nieuwe staten gevormd. Ook werden veel grondgebieden herverdeeld. Dit leidde ertoe dat veel naties een herziening, in de praktijk veelal een opschorting, van het Verdrag van Versailles wilden, waarin de afspraken ter beëindiging van de Eerste Wereldoorlog waren vastgehouden. Tijdens en na de Depressie van de jaren dertig werd een aantal regeringen vervangen door fascistische dictaturen en andere rechtse regeringen. Zij wilden uit de economische depressie geraken en tegelijkertijd oude rekeningen vereffenen. Dit had tot gevolg dat nazi-Duitsland zijn agressieve politiek uiteindelijk richtte op het buitenland. Daarnaast was er een groep landen die weliswaar in de Eerste Wereldoorlog niet tot de verliezers had behoord, maar evenals Duitsland van mening was dat de gevestigde internationale orde hen niet hun plaats onder de zon gunde. Dit waren Italië en Japan. Veel van deze landen ontwikkelden bovendien politieke systemen gelijkend op die van Duitsland.

Aanvankelijk hadden Duitsland, Italië en Japan nog weinig met elkaar op. Het fascistische Italië zag Duitsland als een concurrent en belette het in 1934 Oostenrijk te annexeren. Duitsland werkte begin jaren dertig bovendien voornamelijk samen met China en niet met Japan. Vanaf 1935 begon de Duitse diplomatie zich actief op Italië en Japan te richten terwijl de banden met de geallieerden, de Sovjet-Unie en China werden verwaarloosd. De landen groeiden naar elkaar. Bovendien zorgden incidenten als de Tweede Chinees-Japanse Oorlog, de Tweede Italiaans-Ethiopische Oorlog, de herbezetting van het Rijnland en de Anschluss ervoor dat deze landen internationaal geïsoleerd raakten en wel steun bij elkaar moesten zoeken.

thumb|

In 1936 werd het Anti-Kominternpact getekend door nazi-Duitsland en het Japanse keizerrijk. Dit pact was bedoeld om het communisme tegen te gaan. Later werd het pact uitgebreid met het koninkrijk Italië. In 1939 werd het Staalpact tussen Hitler en Mussolini getekend dat inhield dat Duitsland en Italië voortaan bondgenoten zouden zijn.

De as werd uitgebreid met Japan als gevolg van het Driemogendhedenpact van 27 september 1940. Daarna werd de as nog groter door het toetreden van Hongarije (20 november 1940), Roemenië (23 november 1940) en Slowakije (24 november 1940). Joegoslavië sloot zich ook aan op 25 maart 1941, maar zou zich twee dagen later terugtrekken als gevolg van een geslaagde volksopstand; Duitsland viel daarop het land binnen in april 1941. Bulgarije trad op 1 maart 1941 toe. Op 10 april 1941, nog tijdens de Duitse inval in Joegoslavië, riep Ante Pavelić de Onafhankelijke Staat Kroatië uit en voegde dat land bij de as.

In veel van deze asmogendheden werden de Joden fanatiek vervolgd, met als belangrijke uitzonderingen Bulgarije, Italië en Japan. Met uitzondering van Japan, Bulgarije en Kroatië namen deze landen ook allemaal deel aan de veldtocht tegen de Sovjet-Unie, waarbij Roemenië zelfs vrijwel zijn hele leger inzette.

De asmogendheden bestonden uit de volgende landen.

(tot 1943)

20px|rand Kroatië (na 2 dagen door middel van machtsovername naar geallieerde zijde).

Hoewel Vichy-Frankrijk, Finland, Siam en Mantsjoekwo meevochten aan de zijde van de as, maakten zij er officieel geen deel van uit. Spanje was neutraal maar overwoog wel serieus toetreding tot de as en stuurde "vrijwilligers" naar het oostfront.

Onderlinge verhoudingen Feitelijk was het enige dat de landen bond de gemeenschappelijke afkeer jegens Groot-Brittannië, de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten. Japan volgde een eigen agenda, en heeft nooit zijn oorlogsinspanningen met de Duitsers gecombineerd. In Italië werd Mussolini uiteindelijk afgezet. Roemenië, Slowakije, Hongarije en Bulgarije waren landen die slechts gebonden werden door Duits-Italiaanse dwang, en daarnaast nog geschillen met elkaar hadden. Illustratief hiervoor is het feit dat tijdens Operatie Barbarossa Roemeense en Hongaarse troepen vanwege de slechte verhouding tussen de landen gescheiden moesten worden gehouden. Toen Roemenië in 1944 overliep naar de geallieerden, verklaarde het behalve Duitsland (hiertoe was het verplicht) ook Hongarije de oorlog. Kroatië werd lid, omdat het slechts door nazi-Duitsland was opgericht.

Participanten De grote mogendheden Er waren drie grote mogendheden die bij de as zaten. Dit waren nazi-Duitsland, het koninkrijk Italië en het keizerrijk Japan.

Nazi-Duitsland

miniatuur|Nazi-Duitsland In de Eerste Wereldoorlog werden de Duitsers verslagen door de geallieerden. Die waren van mening dat Duitsland hard moest worden aangepakt, zodat het niet nog een keer de wereld in een oorlog kon storten. Veel Duits grondgebied werd toegewezen aan Polen, (Opper-Silezië, etc.) of werd een vrije staat. Dit gebeurde met Danzig (het huidige Poolse Gdańsk), dat een door de Volkerenbond bestuurde vrije stad werd. Duitsland verloor zijn koloniën.

Vele Duitsers kregen wrok tegen de maatregelen van het Verdrag van Versailles. Na de jaren twintig, waarin Duitsland traag uit een economisch dal klom, volgde de Grote Depressie die in Duitsland grote werkloosheid veroorzaakte. Hierdoor konden Adolf Hitler en de nazi's een dictatuur vestigen. Hij was tegen Versailles en negeerde de bepalingen die Duitsland waren opgelegd. Hij begon het leger op te bouwen en in 1938 werd Oostenrijk bezet.

In 1939 werd met het koninkrijk Italië het Staalpact getekend. Hierin werd vastgelegd dat Italië en nazi-Duitsland voor de komende 10 jaar bondgenoten zouden zijn. Ze zouden elkaar steunen in het oorlog voeren en hun buitenlandse politiek zou in overeenstemming met elkaar zijn. In 1940 werd een asmogendheden pact getekend. Deze werd eerst getekend door Japan, Duitsland en Italië en later volgden de kleinere asmogendheden zich bij dit pact. Hierin werd vastgelegd dat de verschillende ondertekenden elkaars bondgenoten zouden zijn. Ondanks het feit dat Japan en Duitsland bondgenoten waren, was dit niet in het voordeel van Duitsland. Ze konden elkaar niet effectief steunen en Japan hielp niet in de oorlog tegen de Sovjet-Unie. Ze sloten zelfs een niet-aanvalsverdrag. Hitler verklaarde de VS de oorlog nadat Japan dit had gedaan en bracht zo een machtige vijand in oorlog tegen zich.

Het Duitse rijk ging met een goed getraind leger de oorlog in. Het had een schijnbaar bijna onoverwinnelijke strategie: de Blitzkrieg met tanks en vliegtuigen. Het veroverde Polen binnen een maand en breidde het rijk ook in het westen uit. Voor de invasie van de Sovjet-Unie was ook het grootste deel van de Balkan onder controle van Hitler. Mussolini was een oorlog tegen Griekenland begonnen om via Albanië Griekenland te veroveren. Hierdoor zou Mussolini zijn nieuw Romeinse rijk vergroten. De campagne van 1940 tegen Griekenland mislukte, de oorlog duurde voort en na enkele successen en overwinningen werden de Italianen teruggedreven. De Grieken veroverden zelfs een stuk van Albanië. De leider van Griekenland, Ioannis Metaxas inspireerde de Grieken.

Hitler schoot Mussolini te hulp in de Balkan vanwege het feit dat Joegoslavië zich tegen de asmogendheden ging keren als gevolg van een coup d'état. De Grieken, die tot 1940 zo veel mogelijk een oorlog wilden vermijden werden nu het slachtoffer. Ze vochten dapper met een goed verdedigingsplan maar waren niet opgewassen tegen een aanval vanuit Bulgarije, Joegoslavië en Albanië tegelijk. Ioannis Metaxas maakte dit al niet meer mee, hij was op 29 januari 1941, gestorven; een maand voor de Slag om Griekenland. Ook Kreta werd in mei en juni veroverd door Duitse parachutisten. Hierdoor was heel de Balkan in handen van de asmogendheden, op enkele afgelegen gebieden in Joegoslavië na. Hier vochten maarschalk Tito en zijn partizanen verder tegen de nazi's en handlangers.

Duitsland was de leidende natie in de asmogendheden. Het vocht op verschillende fronten en toen Italië wegviel als bondgenoot, nam Duitsland het noordelijk deel van Italië over. Ze verdedigden zich hard maar werden in 1945 verslagen.

Koninkrijk Italië

thumb|Koninkrijk Italië thumb|Benito Mussolini en Adolf Hitler

In 1915 vocht Italië tijdens de Eerste Wereldoorlog aan de zijde van de geallieerden. Na lang overleg werd Italië veel land beloofd als de oorlog eenmaal gewonnen zou zijn. Toen al werd het land geteisterd door verschillende facties die elkaar bestreden, onder andere de communisten tegen de fascisten. De oorlog maakte dat de onderlinge strijd tijdelijk werd stopgezet, maar weer oplaaide nadat de oorlog gewonnen was. Italië kreeg het meeste niet wat het beloofd was en dit zorgde voor een instabiele situatie in de regering.

Mussolini besloot om de macht over te nemen en koning Victor Emanuel III was bang om zijn troon te verliezen en stemde in met de machtsovername. Al snel werden de gevolgen zichtbaar: de democratie werd uitgebannen omdat alle partijen behalve de fascistische van Mussolini werden verboden. Mussolini wilde een nieuw Italiaans imperium creëren rond de Middellandse Zee en had daar een bondgenoot voor nodig. Frankrijk en Groot-Brittannië voelden niks voor Italiaanse machtsuitbreiding en Italië zocht dan ook naar andere bondgenoten. Mussolini moest natuurlijk ook eerst zijn eigen land in de hand houden en daarom werden veel bedrijven en personen onder staatstoezicht geplaatst. Veel mensen die protesteerden tegen de nieuwe regering werden hard aangepakt door de zwarthemden en of door de politie.

Italië stond aanvankelijk niet op goede voet met de Duitse naziregering. De kwestie Zuid-Tirol speelde hier een rol in, vooral toen Duitsland zich steeds meer met Oostenrijk ging bemoeien. Bovendien had Italië goede relaties met voormalige bondgenoten Groot-Brittannië en Frankrijk, waar de conservatieve elites een autoritaire maar stabiele en anticommunistische regering toejuichden. Ook persoonlijk mocht Mussolini Hitler niet zo erg. Mussolini verhinderde al in 1934 een aansluiting van Oostenrijk bij Duitsland. Mettertijd raakte Italië echter meer en meer diplomatiek geïsoleerd door zijn oorlogszuchtige opstelling in Ethopië, Spanje en Albanië, waarop Mussolini wel steun moest zoeken bij Duitsland.

In 1938 liet Mussolini alsnog de Anschluss toe. Kort daarna werden Mussolini en Hitler bondgenoten met het Staalpact. In 1938 lijfde Italië Albanië in als deel van het 'Impero Fascista'. Er bleef een sfeer van wantrouwen bestaan en na het uitbreken van de oorlog bleef Italië neutraal en overweeg het zelfs aan geallieerde zijde mee te strijden. Het was Mussolini vooral te doen om zoveel mogelijk van twee walletjes te eten en eventueel met de hoogstbiedende in zee te gaan.