thumb|Isabellabrevier, De heilige Barbara f297r Het Breviarium van Isabella van Castilië is een brevier uit de 15e eeuw, bewaard in de British Library als Ms. Add. 18851.
Oorsprong thumb|De H. Catharina naast de Heilige Maagd, dit zou een portret zijn van Isabella, Gerard David Het breviarium van Isabella van Castilië is een brevier, gemaakt in Vlaanderen op het einde van de 15e eeuw, dat door de Spaanse edelman Francisco de Rojas aan Isabella van Castilië werd geschonkenFolium 437 recto bevat de wapens van Francisco de Rojas, zijn devies en een dedicatie die dit bevestigen. ter gelegenheid van het dubbelhuwelijk van de kinderen van de Katholieke Koningen met de kinderen van Maximiliaan van Oostenrijk. Francisco de Rojas y Escobar was een Castiliaanse diplomaat die verscheidene belangrijke diplomatieke missies uitvoerde voor Isabella en Ferdinand. Hij was de diplomaat die de onderhandelingen over het huwelijk tussen Johan, de kroonprins, en Margaretha enerzijds en Filips de Schone en Johanna van Castilië anderzijds kon afronden in 1495. Het huwelijk van Johanna en Filips vond plaats op 20 oktober 1496 in Lier, dat van Johan en Margaretha op 3 april 1497 in Burgos. Op folium 436 verso van het handschrift vinden we de wapens van de Katholieke Koningen en van beide huwelijksparen. Het devies van Francisco de Rojas dat we terugvinden op folium 437 recto luidt: “Lux in tenebris lucet et tenebrae eam non comprehenderunt”.Het licht scheen in de duisternis maar de duisternis heeft het niet begrepen thumb|Isabellabrevier, Wapenschilden f436v
Beschrijving Het handschrift is geschreven in het Latijn en is bedoeld voor dominicaansHet huis Trastámara, waartoe zowel Isabella als Ferdinand behoorden, had nauwe connecties met de dominicanen. Vincent Ferrer, een dominicaan, maakte deel uit van de rechtbank die de opvolging in Aragon besliste, met het compromis van Caspe, in het voordeel van de Trastámaras in 1412. gebruik.Voor het Concilie van Trente (1545-1563) kon elke bisschop het Breviarium opstellen of aanpassen voor zijn eigen diocees en dit werd ook bijna overal gedaan, elke kloosterorde en elk bisdom had zijn eigen Breviarium, vandaar de term ‘voor gebruik in ...’.De kalender in het breviarium van Isabella van Castilië stemt perfect overeen met de dominicaanse kalenders en missalen die tussen 1482 en 1500 werden gedrukt, onder meer het Breviarium Fratrem Predicatorem gedrukt bij Anton Koberger in Neurenberg in 1485 (Cambridge University Library, Inc. 6.A.7.2, ISTC: ib01141300)
Het handschrift bevat 524 folia en meet 230 x 160 mm. De tekst is geschreven in 2 kolommen van 34 lijnen in een tamelijk rond gotisch lettertype. De tekstzone meet 135 x 95 mm. De kolommen en lijnen zijn afgelijnd met rode inkt, maar de aflijning is nauwelijks zichtbaar.
Het bevat in totaal 170 miniaturen en is daarmee een van de rijkst versierde breviaria die bewaard zijn gebleven. De miniaturen zijn als volgt verdeeld: kalender: 12 tijdeigen: 50 psalmen: 27 eigen en gemeenschappelijke der heiligen: 81Bij de heilige Nicolaas is de plaats voorzien, maar de miniatuur ontbreekt.
Er zijn twee soorten miniaturen namelijk bladbrede en kolombrede. Van de bladbrede telt het manuscript er 44, de meeste van 24 lijnen hoog, een van 26 lijnen, twee van 19 lijnen en een van 18 lijnen. Daarnaast zijn er 104 kolombrede miniaturen waarvan de hoogte varieert tussen negen en negentien lijnen hoog. Het handschrift telt 12 kalenderbladzijden, één volbladminiatuur en een folio met wapens en emblemen. Het telt ook acht gehistorieerde initialen waarvan één onafgewerkt.
De kalender is van het Vlaamse type, niet alle dagen zijn ingevuld met de feestdag van een Heilige of een kerkelijke feestdag.
Vanaf folium 402 r – 524 is er ander perkament gebruikt en zijn het schrift, de initialen en de verluchting verschillend van het eerste deel, met uitzondering van het katern ff. 499r – 506r. Er zijn ook stijlverschillen, zo worden bijvoorbeeld de “responses” niet meer in een kleiner lettertype geschreven zoals in deel 1. Het handschrift lijkt dus duidelijk in twee campagnes gemaakt te zijn.
Lekenbrevier Dit breviarium was geen uitzondering in de collectie van Isabella, de koningin bezat er twintig, een onwaarschijnlijk groot aantal,Elisa Ruiz García, Los Libros de Isabel la Católica: Arqueologia de un patrimonio escrito, 2004, Salamanque; inventaris op de pp. 371-582. zoals blijkt uit de inventaris opgemaakt door Elisa Ruiz García. Het was gebruikelijk dat de adellijke dames een getijdenboek gebruikten voor hun persoonlijke devotie, het brevier was in principe het boek voor de geestelijken. Het blijft gissen naar de bedoeling van Isabella met haar breviaria, maar een hypothese die verre van onwaarschijnlijk lijkt te zijn is, dat het getijdenboek ondertussen zijn weg had gevonden naar het “grote publiek”, ook de gegoede burgerij beschikte over luxueuze getijdenboeken en dat men zich met een brevier kon distantiëren van het gewone volk. Bovendien kon het door zijn omvang een gans ander verluchtingsprogramma herbergen.
In Frankrijk vindt men dergelijke breviaria terug bij de Koninklijke familieDe eerste bij Filips IV, ca. 1290-1295, BnF Latin 1023.Een ander bekend voorbeeld is het Belleville breviarium 1323-1326 gemaakt voor Jeanne de Belleville, BnF Latin 10484. vanaf het einde van de 13e eeuw. De hertogen van Bourgondië volgen dit voorbeeld, zoals later ook de Spaanse Koninklijke familie dat zal doen.
Enkele van de befaamde middeleeuwse breviaria zijn: Brevier van Philippe le Bel, ca. 1290-1295, BnF Latin 1023. Belleville-breviarium Parijs 1323-1326, BnF, Ms. Lat. 10484 Brevier van Filips de Goede, Brussel, Koninklijke Bibliotheek, 9511 en 9026 Brevier van Henri de Lorraine, Chazy (New York), Alice T. Miner museum Breviarium van Eleonora van Portugal, New York, Morgan Library 2287 Brevier van Karel V BnF ms. lat 1052 Brevier van Marie de Savoie, Bibliothèque municipale de Chamberry. Brevier van Martin d'Aragon, Parijs, BnF, Rothschild 2529 Brevier van Mattias Corvinus Rome, Biblioteca Apostolica Vaticana Urb. Lat. 112 Brevier van Monte-cassino, Parijs, Bibliothèque Mazarine, Ms 364 / 20 Brevier van Renaud de Bar (Wintergedeelte), Verdun, Bibliothèque municipale de Verdun, Bm 107 Brevier van Renaud de Bar (zomergedeelte), Londen, British Library Grimani Breviarium Venetië, Biblioteca Marciana, Ms. Lat.X167(7531) Breviarium Mayer van den Bergh, Antwerpen, Museum Mayer van den Bergh
Geschiedenis van het handschrift Wie het manuscript verwierf na de dood van Isabella, of zelfs nog tijdens haar leven, is niet bekend. Een auteurGustav Friedrich Waagen, Works of Art and Artists in England, 3 vols. Londen, 1838. vermeldt, dat het boek zou meegenomen zijn uit het Escuriaal gedurende de Franse invasie in Spanje, maar er zijn geen documenten teruggevonden die dit bevestigen.
In 1815 is het werk in het bezit van John Dent, een Brits verzamelaar die bankier en Parlementslid was. Uit 1817 kennen we een beschrijving van het boek door Thomas Frognall Dibdin.Thomas Frognall Dibdin, The Bibliographical Decameron, 3vols. Londen, 1817, Vol I, pp. 163-168. Na het overlijden van Dent in 1826 wordt zijn collectie in 1827 verkocht en in de catalogus van de verkoop worden vier bladzijden besteed aan de bespreking van het breviarium van Isabella van Castilië. Het boek wordt verkocht voor £ 378Evans, Londen, 29 maart 1827, lot 484; het lotnummer, geschreven in potlood, is terug te vinden op het eerste schutblad. aan Philip Hurd, lid van de Inner Temple.Een van de vier verenigingen van advocaten (barristers) in Engeland en Wales. Vijf jaar later, na Hurd’s dood wordt het boek opnieuw verkocht voor £ 520Evans, Londen, 29 maart 1832, lot 1434. en komt het terecht in de verzameling van John Soane, een beroemd architect en de stichter van het “Sir John Soane’s Museum”. In 1833 verkoopt Soane het handschrift aan John Tobin voor de som van £ 645.Edward Morris, Early Ninenteenth-Century Liverpool Collectors of Late Medieval Manuscripts, in Costambeys, Hammer et Heale, The Making of the Middle Ages. Liverpool Essays, Liverpool, 2007
Frederic Madden, de toekomstige conservator van de British Library en de Duitse kunstkenner Gustav Friedrich Waagen kregen de gelegenheid het manuscript te bestuderen, toen het zich in de verzameling van Tobin bevond. Na de dood van John Tobin wordt het handschrift door diens zoon, John Tobin of Liscard, verkocht aan een Londense boekverkoper William Boone, samen met zeven andere manuscripten uit de collectie van zijn vader. Boone verkoopt het ganse lot, voor de toen exorbitante prijs van £ 3000 aan het British Museum, van waar het zal over gaan naar de British Library. Boone had zelf maar £ 1900 betaald voor het ganse pakket. Ook het bekende Bedford-getijdenboek maakte deel uit van deze deal.
Inhoud Een brevier bevat de gebeden die de geestelijken dagelijks moeten reciteren. Het ontstond in de abdijen en was het boek dat uiteindelijk gebruikt werd bij het getijdengebed.
De meeste breviaria bevatten vooreerst de 150 psalmen toegeschreven aan koning David en daarnaast gebeden specifiek voor de dag, in functie van het kerkelijk feest dat gevierd wordt of van de heilige die op die dag herdacht wordt. De psalmen worden voorafgegaan en gevolgd door antifonen, lezingen of teksten uit de heilige schriften, verzen en responses. Naast de psalmen worden ook hymnen en kantieken gebeden.
Het breviarium van Isabella van Castilië bevat de gebruikelijke secties van een dominicaans brevier zoals ze werden opgesteld door Humbert de Romans, generaal overste van de orde tussen 1254 en 1277, die een orderegel uitvaardigde betreffende het getijdengebed binnen de orde van de dominicanen.Victor Leroquais, les Bréviaires manuscrits des bibliothèques publiques de la France, I, Paris, 1934
De indeling van het breviarium ziet er als volgt uit:
Sectie Plaats OmschrijvingDe kalenderff. 1v – 7rHet tijdeigenTijdeigen (Propium de tempore): Bevat de gebeden die eigen zijn aan een bepaald feest op een bepaalde cyclische datum (zoals bv. Kerstmis) en de gebeden voor feesten met een variabele datum (zoals de paascyclus). ff. 8v – 110v van de eerste zondag van de advent tot aan de zaterdag voor Pasen.De psalmenff. 111v – 194rKantiekenff. 194r – 197v voor metten, lauden, vespers en completen en voor de priem op zondagGeloofsbelijdenis en Onze Vaderf. 197vLitanieff. 198r – 200rRubrieken voor de feestdagenff. 203r – 208ruitleg over de klasse van de feestdagen en hun onderlinge rangordeHet tijdeigenff. 211r – 288vvan Pasen tot de laatste zondag voor de adventOfficie voor een kerkwijdingff. 288v – 292rEigene der heiligenEigene der heiligen (Proprium Sanctorum):De gebeden gebonden aan de feestdag van een welbepaalde heilige. ff. 293r – 498rvan de heilige Andreas (30 november) tot Saturin (29 november)Gemeenschappelijke der heiligenGemeenschappelijke der heiligen (Commune Sanctorum): Gebeden voor heiligenfeesten van heiligen die niet voorkomen in het ‘Proprium Sanctorum’. Deze zijn dan gegroepeerd per ‘type’ heilige zoals martelaren, apostelen, evangelisten, maagden, belijders etc. ff. 498r – 508rOfficie van de H. maagd Mariaff. 508v – 512vOfficie van de dodenff. 512v – 514rBenedictiesff. 514r – 514vbij de lessen van de mettenGebeden voor de overledenenff. 518v – 521rGebeden voor het etenff. 521r – 521v en zegening van diverse objectenDiverse gebedenff. 522r – 523rmet onder meer de zegening van water (wijwater) en zout.
Kalender De kalender is een normale dominicaanse kalender op basis van de dominicaanse kalender die in het derde kwart van de 13e eeuw werd opgesteld door Humbert van Romans. Een aantal wijzigingen op de originele kalender werden doorgevoerd na goedkeuring door het generaal kapittel van de dominicanen, maar het duurde soms lang eer die wijzigingen in alle kloosters gekend waren.
De kalender bevat een aantal feesten van heiligen die typisch dominicaans zijn (zie de lijst hieronder).