thumb|Het tramnet in 2025 De tram van Sint Petersburg (Russisch Санкт-петербургский трамвай) is een van de openbaarvervoermogelijkheden in Sint-Petersburg, een van de belangrijkste steden van Rusland. Het werd met paardentramlijnen in 1863 in gang gezet, geëlektrificeerd vanaf 29 september 1907 en wordt geëxploiteerd door Gorelektrortrans (Russisch: Горэлектротранс), een gemeentelijk bedrijf dat ook een uitgebreid trolleybusnetwerk exploiteert. Het heeft een spoorbreedte van 1524mm (bekend als ‘Russisch breedspoor’) en rijdt onder een voltage van 600v gelijkstroom. In de jaren 1980 was het railnet veruit het grootste ter wereld – 340 kilometer baanlengte – maar in 2007 was daar nog maar 220 kilometer van over. Sinds 1955 heeft Sint-Petersburg een metro die de ruggengraat van het openbaar vervoer is. Alle data in dit artikel zijn volgens de moderne Gregoriaanse kalender, ev. teruggerekend. De stad heette van 1914 tot 1924 Petrograd en van 1924 tot 1991 Leningrad, in dit artikel wordt voor de leesbaarheid zo veel mogelijk Sint-Petersburg geschreven.

De paardentram thumb|Paardentram op Nevski Prospekt ter hoogte van de kathedraal van Kazan, 1896. De paardentram voor passagiersvervoer ging in Sint-Petersburg op 27 augustus 1863 van start. De ‘Première Compagnie des tramways à Peterbourg’ opende een lijn, Nevskaja-lijn genaamd, tussen het Admiraliteitsplein, over het Slotplein en de Nevski Prospekt tot het station Nikolajevski (Moskovski vokzal). De spoorwijdte was 1524 mm. In 1854 werd er al een paardentrams gebruikt voor vrachtvervoer, voornamelijk buiten het stadscentrum, bv. naar de zeebatterij in Kronstadt. In 1864 werden twee nieuwe paardentramlijnen geopend. De Sadovaja-lijn liep in zuidwestelijke richting van Gostnyy dvor, bij de Nevski Prospekt, tot de markt van Nikolski (het huidige Toergenjevplein, Ploschad Turgeneva) en was zo’n 3,5 kilometer lang. De Wasiliostrovskaja-lijn was ook ongeveer 3,5 km lang en liep van het Admiraliteitsplein over de houten Sint Izaäkbrug naar de 8ste straat op het Vasilyevsky-eiland. Het nemen van de brug met tram en passagiers was geen gemakkelijke opgave voor één paard. Aan beide kanten van de brug waren stallen gebouwd waar oude paarden verbleven. Zij hadden als enig klusje het samen met het eerste paard de brug over trekken van het paardentramrijtuig (en de passagiers). Er was sprake van vrij ondernemerschap en zo ontstond verschillende trambedrijfjes. In 1874 werd door Petersburgse zakenlieden de ‘Tweede Naamloze Vennootschap van de Paardentram in Sint-Petersburg’ (PAM) opgericht. Deze nieuwe maatschappij pakte de uitbreiding van het vervoer intensief op en in 1877 werden er al 27 lijnen met een lengte van 91 km aangeboden; in 1899 was dit bedrijf al gegroeid tot een lengte van 131 km. Er deden 2407 paarden dienst en voor de 433 tweeassige trams (sommige met een open imperiaal bovenop) waren zes remises nodig. Er werden ongeveer twee miljoen passagiers per jaar vervoerd. De kleur van de wagens was crème met blauw en omdat er nog geen rijtuigindustrie in Sint-Petersburg was, werden wagens uit Engeland en Zweden aangeschaft. Latere series rijtuigen werden wel in Sint-Petersburg gebouwd, bv. uit de Putilov-fabrieken, de huidige Kirov. Ook een fabrikant genaamd ‘Phoenix’ – voorloper van de Russisch-Baltische Wagonfabriek te Riga - produceerde paardentrams. Naargelang de drukte werden een of twee paarden voorgespannen. Snel ging het niet want de hoogste snelheid bedroeg zo’n 7 km per uur. Al snel hadden de Petersburgers een bijnaam voor de paardentram: ‘lamme eend’. De standaardprijs voor een rit was 5 kopeken; men kon ook voor 3 kopeken mee maar dan moest men tevreden zijn met een plaats boven op de wagen in de open lucht. In 1878 werd een derde paardentrambedrijf onder de naam ‘Nevskaja voorstadspaardentram’ dat een lijn van het Nikolajevski station naar het nog dorpse Mursinka – het huidige stadsdeel Rybatskoje – opent. Op 3 september 1902 verliep het contract tussen de gemeente en de PAM en het complete netwerk, de rails, wagens, paarden, remises werden eigendom van de gemeente. Tevens werd het personeel in gemeentedienst genomen. Bijna onmiddellijk werd aan een Amerikaans bedrijf, de Westinghouse Electric Company, opdracht gegeven het gehele netwerk te elektrificeren, de sporen, die op smalspoor (1000 mm) waren aangelegd, om te bouwen voor het standaard Russische ‘breedspoor’ (1524 mm), depots te bouwen, motorwagens en aanhangwagens te bouwen en te bestellen, personeel op te leiden en een voorstel te doen voor een efficiënt en winstgevend lijnennet. Tot 1910 worden echter nog paardentramlijnen aangelegd. Dit was omdat de financiële middelen ontbraken de groei van de stad met elektrische tramlijnen op te vangen. De Eerste Wereldoorlog bracht om praktische redenen de paardentrambedrijven tot stilstand omdat er onvoldoende voedsel voor de paarden aangekocht kon worden. Paarden, die niet door de militaire organisaties waren gevorderd, waren ernstig ondervoed.

Het experiment met de tram over het ijs thumb|Opname van de ijstram rond 1900. Burgers van Sint-Petersburg konden al op 22 augustus 1880 een elektrische tram bewonderen. Een ondernemend ingenieur, Fjodor Pirotsky, liet het publiek met de nieuwe techniek kennismaken. Daarbij hoopte hij dat de PAM belangstelling zou tonen en haar lijnen zou willen elektrificeren. Pirotsky’s voorstel werd echter afgewezen, omdat het bedrijf de investeringen in nieuwe trams en de werkzaamheden aan de baanvakken om deze geschikt te maken voor de (zwaardere) elektrische tractie dacht niet op te kunnen brengen. In de winter van 1895/6 werd de elektrische tram wederom geïntroduceerd; deze keer op ijs. De exploitant was een BV met de naam ‘Finse Scheepvaartmaatschappij’. Over de rivier de Neva werd een enkelsporige lijn aangelegd die op land in drie verschillende takken uitwaaierde en er werd – indien de rivier dichtgevroren was – een regelmatig dienstpatroon aangeboden. De rails en de bovenleidingsmasten werden zodra de eerste ijsvorming – meestal in oktober – zich voordeed in het ijs ingevroren. Afhankelijk van het moment waarop de dooi serieus intrad, werd het materiaal weer verwijderd. De spoorbreedte was 1000 mm. De PAM spande een proces aan tegen de nieuwe elektrische tram omdat zij meende het monopolie op het stadsvervoer te hebben. Ze verloor de zaak echter, omdat de rechter van mening was dat het monopolie betrekking had op het exploiteren van lijnen over de weg en niet over ijs. Zodra er bruggen over de Neva werden gebouwd waarover de paardentram werd aangelegd verviel het voordeel van de ijstram en deze reed in de winter van 1909/10 voor het laatst.

Stoomtram thumb|De Nevski Prospekt met de Znamenskaya kerk tussen 1890 en 1905. Stoomtram en paardentrams staan klaar voor passagiers. In 1881 werden de eerste proefritten met een ander nieuwe vervoermiddel gemaakt. Op de paardentramlijn die bekendstond als de Lesnaja-lijn werd een stoomtram in dienst gesteld. De locomotief was van een Duitse fabrikant: Krauss. De stoomtram reed echter tussen 1882 en 1884 niet op de genoemde lijn maar op de voorstadslijn naar Newskaja. Pas in 1887 komt zij terug op de Lesnaja-lijn zodat er twee stroomtramlijnen zijn die in 1902 en 1913 door de stad worden opgekocht. De Lesnaja-lijn wordt reeds in 1914 gedeeltelijk geëlektrificeerd, waarbij het niet elektrische gedeelte weer paardentractie krijgt. Tot 1916 blijft dit zo maar omdat bijna alle paarden voor de oorlog worden geconfisqueerd moet de stoomtram tussen 1916 en 1918 weer op dat lijngedeelte terugkeren. De gehele lijn is echter in 1918 klaar voor de elektrische tram! De Eerste Wereldoorlog voorkwam dat de Newskaja-lijn snel werd geëlektrificeerd, maar dit werd onhoudbaar, omdat in de spitsuren tot 200 passagiers in één wagen moesten worden vervoerd. Pas op 26 augustus 1922 slaagde men erin deze lijn onder de draad te brengen en op die dag reed de laatste stoomtram door de Petersburgse straten.

Elektrificatie thumb|Opname van het Vitebsk station met op de voorgrond een elektrisch tramstel. Datering voor 1910. Op 29 september 1907 reed de eerste elektrische tramlijn. De openingsceremonie vond plaats op de Admiralteyskiy prospekt. De eerste lijn was de geëlektrificeerde Wasiliostrovskaja-lijn (in 1909 het noordwestelijk deel van lijn 5). Op 28 oktober konden de andere lijnen, de Sadovaja- en de Nevskaja-lijn, feestelijk geopend worden. Tot 1909 werden de paardentramlijnen die de meeste passagiers vervoerden geëlektrificeerd en hiervoor waren uiteindelijk 190 motorwagens in dienst die door de Brush-fabrieken in Loughborough, Engeland waren gebouwd. Dit type kreeg dan ook de aanduiding ‘Type MB (motorny Brush)’. Opvallend was dat deze wagens direct van een gesloten balkon waren voorzien, iets wat toen niet gebruikelijk was. Het had heel waarschijnlijk met de zeer strenge Petersburgse winters te maken. In 1909 deden de elektrische tramlijnen 1, 2, 3, 3A, 3B, 3V, 4, 5, 6, 7, 7A, 7B, 8, 9, 10, 11, 12 en 14 dienst. Een lijnnummer 13 werd vermeden.

Ontwikkelingen tot en met de Grote Vaderlandse Oorlog thumb|Ansichtkaart van de Potseluev brug waar net een tram op draait, gedateerd 1914. thumb|Museumtram van het MS type, 2007. thumb|MS-3 type met aanhangwagen als museumstel.