De Sint-Josephkerk is het grootste in gebruik zijnde rooms-katholieke kerkgebouw van de Nederlandse stad Leiden. De kerk is onderdeel van de Parochie Heiligen Petrus en Paulus. Ze staat ook bekend als de Herensingelkerk, gezien de ligging aan de Herensingel in het Noorderkwartier, maar heet officieel de Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart en Sint-Josephkerk. De kerk is een rijksmonument, onderdeel van de Historische Canon van Leiden (nummer 51) en een van de hoogste gebouwen van Leiden.
Geschiedenis Al in de 17e eeuw stichtten de paters Karmelieten aan de Utrechtse Veer in Leiden een aantal staties, waaronder een die St. Joseph werd genoemd en een ander gewijd aan O.L.V. Hemelvaart. In 1917 werden onder verantwoordelijkheid van deken P. Deessen oude huizen opgekocht aan de Herensingel.Akte van koop van 3 huizen en erven aan de Herensingel 1, 3 en 4 door het kerkbestuur, 1917, Regionaal Archief Leiden In 1920 gaf de bisschop van Haarlem A. Callier de kapelaan A.J.J. Leusen, wiens laatste doopnaam ook Joseph luidde, de opdracht om een nieuwe parochie te stichten in de omgeving van de Herensingel. In 1922 gaf Leusen aan de gebroeders Van der Laan de opdracht voor het ontwerp van de kerk. In maart 1924 werd het ontwerp van de kerk gepresenteerd en begonnen de eerste werkzaamheden. thumb|links|Gezicht op de bouw Op 1 september dat jaar werd de eerste steen gelegd. Op 17 september 1925 werd de vierde parochiekerk van Leiden afgerond en geconsecreerd als Sint Josephkerk. Deze naam werd gekozen omdat de kerk in een arbeiderswijk stond en Sint Joseph de patroon van de arbeiders is. In 1928 werden de luidklokken St. Joseph, St. Bernardus en St. Margharetha als jubileumgeschenk gegeven aan de pastoor.Zestig jaren het middelpunt, Jubileumboek, Leiden 1985, pp. 8. In 1930 werd J.J. Vijverberg benoemd als pastoor.
Samenvoeging met O.L.V. Hemelvaart Op 4 mei 1934 werd de Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaartkerk aan de Haarlemmerstraat (bijgenaamd "Mon Père") gesloten. Op diezelfde datum werd de parochie van de St. Joseph opgeheven en samengevoegd met die van de O.L.V. Hemelvaart. Hierdoor kreeg de kerk haar huidige naam. Reden hiervoor was de tegen de verwachting in uitblijvende uitbreiding van de stad naar het noorden toe. Vervolgens gaan allerlei geruchten de ronde, waardoor deken A.H.M.J. Homulle zich genoodzaakt ziet hier publiekelijk op te reageren. Beide parochies samen hadden in dat jaar meer dan 7000 leden en zes lagere scholen. Homulle, die pastoor was van de Mon Père, werd pastoor van de nieuwe parochie. Vanaf 1939 werd jaarlijks een zegening van de gereedschappen en de arbeid in het algemeen gehouden, omdat St. Joseph de patroonheilige is van de arbeiders.
Oorlogsjaren thumb|150px|links|Kruisweg, detailIn 1934 had kapelaan Dorbeck van de Josephparochie in een toespraak al "op gloedvolle wijze" gewezen op de gevaren van de N.S.B. en het fascisme. In mei 1940 werden 30 bedden en enige ledikanten die voor het ziekentriduüm gebruikt geschonken voor de opvang van de inwoners van Valkenburg, die door het oorlogsgeweld uit hun huizen waren verdreven. Tijdens de oorlog werd de afdeling van de De Graal op last van de bezetter opgeheven. Ook de padvinders werden opgeheven, maar op St. Jorisdag gingen velen toch met hun uniform onder hun jas naar een kapel om die gelegenheid te vieren. Tijdens de oorlog kwam de sinds 1919 bestaande Leidse kring van de R.K. Bond van Werkmeesters bijeen in een kapel van de kerk om te besluiten zich op te heffen. Men wilde namelijk geen lid worden van het door de bezetter gecreëerde Nederlands Arbeidsfront. In 1943 vierde vierde de parochie het 40-jarig priesterjubileum van deken Homulle en gaf hem een door Wijnand Geraedts geschilderde kruisweg cadeau. Het bisdom Haarlem verlichtte in dat jaar de afbetalingsverplichtingen voor de parochie. Op lastgeving van de Rijkscommissaris werden dat jaar echter de drie luidklokken gevorderd om ze om te laten smelten. In 1946 werden weer nieuwe klokken opgehangen. Op 10 december 1944 sloeg tijdens de Mis bij geallieerde bombardementen een vliegtuigbom in vlak bij de kerk in de Alexanderstraat. Het eigenlijke doelwit was 'Het Spoortje', een station aan de Herensingel, dat een overslagplaats was voor V2 raketten. Er vallen twaalf doden en vele gewonden, terwijl 150 huizen worden verwoest. De kerk doet vervolgens dienst als geneeskundige en geestelijke opvang. In de hongerwinter van 1945 zorgt de kerk voor voedselhulp. Alleen op zondag wordt de Mis gevierd, aangezien men ook een tekort aan hosties en kaarsen vreest.
Tot 2000 J. Buis werd in 1952 in deze kerk gewijd tot titulair bisschop van Astypalaia, terwijl hij tergelijkertijd benoemd werd tot Apostolisch Vicaris van Jesselton in Maleisië. De Leidse parochie bleef de regelmatig terugkerende Buis steunen in gebed en met donaties. Pas vanaf de jaren 50 van de twintigste eeuw wordt de bijnaam Herensingelkerk in de krant gebruikt. In 1953 werd J.A. van Kleef de nieuwe pastoor. De kerk bleef door verschillende personen als 'Mon Père' dan wel als 'Jozef' genoemd. Daarom schreef Van Kleef dat jaar: 'Om al die namen onder één noemer te brengen, verzoek ik u deze parochie voortaan de Herensingel-parochie te noemen'. Begin jaren 50 werd het grote kruis achter het altaar geplaatst. Verder werden in 1957 de tabernakeldeuren versierd door een pelikaan en een vis, symbool voor Christus.Zestig jaren het middelpunt, p. 20. Vanaf de oprichting in 1955 van een nieuw Bisdom Rotterdam gaat de kerk daar deel van uitmaken. In 1961 werd een dependance van de R.K. bibliotheek geopend in een zaal van de Herensingelkerk. Dat jaar vertrekt de kapucijner parochiaan Fom de Jeu als missionaris naar La Unión in Chili, waar hij in 2014 tot ereburger wordt benoemd. In 1964 wordt voor het eerst de Eucharistie in de volkstaal gevierd en celebreerde de priester met het gezicht naar het volk.Zestig jaren het middelpunt, p. 23. Vanaf 1966 wordt De Menswording in Leiderdorp ingewijd, en wordt het betreffende gebied van de Josephparochie afgesplitst. In 1968 werd W.A.J. Koenekoop pastoor van deze parochie. In dat jaar werd ook voor het eerst een parochieraad gekozen. De parochieraad en de priesters van de Herensingelkerk spreken zich in 1969 uit voor een interpellatie in de gemeenteraad over een illegale situatie aan de Waardgracht. In 1970 zijn de kapelaans C.M. Fischer osb, F.P.A. Verlaan en C.J. Matthee scj tijdelijk gezamenlijk verantwoordelijk voor de parochie. In 1974 werd de laatste parochiezaal verkocht, die hoorde bij de oorspronkelijke kerk van O.L.V. Hemelvaart en die was gelegen aan de Maria Gijzensteeg. In 1975 was de voormalige kapelaan F. Verlaan korte tijd (waarnemend) pastoor. De zondag trok dat jaar gemiddeld 700 bezoekers. De pastorie werd verhuurd aan de gemeentelijke sociale dienst. In 1976 deed de franciscaanse pater P.C.A. de Ridder ofm zijn intrede. Hij schrijft in het sinds 1969 uitgegeven parochieblad ‘Bij de Tijd’: ‘Ik heb twee strakke wensen: dat de kerk en pastorie als gebouw in goede orde zijn en dat de mensen als echte gewone gelovige mensen zonder poeha levensecht om elkaar zouden geven.’ Het binnenplein van de kerk werd in de jaren 70 van de twintigste eeuw door een bouwbedrijf gebruikt als houtopslag. Medio 1977 nam de pastoor zijn intrek in de gerenoveerde pastorie. Bij de viering van zijn 30-jarig priesterfeest werd de oude fietsenstalling achter de kerk verbouwd tot de huidige Ridderzaal, waar sindsdien de ontmoeting bij de zondagse koffie plaatsvindt. In 1979 lekt het dak en is aan renovatie toe. In 1983 wordt de scouting-zolder van de Ridderzaal grondig verbouwd. Vanaf 1987 is de geschenkenwinkel Religia gevestigd in de pastorie.Website Religia In het najaar van 1991 sterft De Ridder en blijft de parochie ruim een jaar zonder pastoor. Oud-deken van het Westland Wiegerinck wordt benoemd tot administrator. In 1992 wordt in een pastoraal beleidsplan nauwe samenwerking tussen de kerk en de Hartebrugkerk aangekondigd. In 1993 werd pater Jan Jetse Bol MSC als pastoor geïnstalleerd. Voor hem stond centraal 'Dat de mensen zelf hun kerk vorm geven'. Deze pastoor hoorde de biecht niet meer en biechtte zelf evenmin: 'Dat werkte in de praktijk ook allang niet meer.' Vanaf 1998 ontstond voor de Josephkerk en de Petruskerk een officieel samenwerkingsverband in de vorm van één pastoraal team, waar paters J.J. Bol en H.J.G. Heimeriks deel van uitmaakten. In 2000 werden zowel het kerkgebouw als de pastorie als monument aangewezen
Na 2000 thumb|190px|Pater Pio kapel De huidige pastoor J.H. Smith werd in 2001 benoemd, die stelde: 'Weten wie je zelf bent en waar je zelf voor staat. Dat is waar het om draait.' Dat jaar startte de huidige Pater Pio gebedsgroep en de inrichting van de noordwestelijke Mariakapel met een beeld van deze heilige. Tevens werd vanaf dat jaar de biechtstoel weer gebruikt. Volgens de gemeentelijke Illuminatienota uit 2004 zou de toren van de kerk verlicht moeten worden.Leiden ziet het licht. Illuminatienota 2004, par. 3.4 In 2005 werd rijkssubsidie toegezegd voor de herstel van de rijksmonumentale kerk. Vanaf 2006 wordt vanaf de Josephkerk de sacramentsprocessie gelopen door de binnenstad van Leiden. In 2009 werd vanuit onder andere deze kerk in de binnenstad van Leiden weer de eerste kruisweg gelopen. In 2011 zegent bisschop Van Luyn de nieuwe Verrijzeniskapel in. Ook werd daarbij in aanwezigheid van burgemeester Henri Lenferink de nieuw geplaatste grafsteen van architect Leo van der Laan, bouwer van de kerk, onthuld. Voor de zegening wordt een boek van kapelaan Michel Remery gepresenteerd. Hij promoveerde op de architectuur van Leo's andere zoon, Dom Hans van der Laan. In 2012 werd het binnenplein van de kerk omgevormd tot een parkeerterrein. Sinds augustus 2012 houdt de Sint-Michaëlparochie van de Eritrese Koptische Tewahdo gemeenschap vieringen in de Josephkerk. Vanaf 6 oktober dat jaar maakt de kerk en de parochiekern deel uit van de Heilige Petrus en Paulusparochie van Leiden en ommelanden. In 2013 kwamen gemiddeld 175 bezoekers naar de zondagse Mis en 250 inclusief de Poolse gemeenschap.RK Kerk OLV Hemelvaart en Sint Joseph. Jaaroverzicht 2013, blz. 3 De Poolse gemeenschap begon in 2015 elke zondag de Mis in hun taal te vieren in de Josephkerk. Tot dan gebeurde dit slechts om de week.
Vanaf februari 2016 werden de kerk en de naastgelegen pastorie grondig gerenoveerd; onder andere het gehele dak werd vervangen. In de pastorie was tot 2020 een studentenhuis gevestigd, waardoor een van de in het gebouw aanwezige keukens kon uitgroeien tot de culinaire kribbe van de zgn. 'frikandellenpizza'. Na de opheffing van het studentenhuis werd in 2021 begonnen met de verbouwing ervan met het oog op de huisvesting van uit Indonesië afkomstige zusters van de Sociëteit van Jezus, Maria en Jozef. De Indonesische zusters trokken in 2023 in de pastorie. Het gebouw huisvestte tevens ruim 30 jaar lang een religieuze cadeauwinkel, die eind 2017 sloot.
Verenigingsleven In 1928 werd de Mariacongregatie opgericht, onderverdeeld in afdelingen voor mannen, vrouwen, jongens en meisjes. In 1931 werd het lekenapostolaat opgericht dat onder andere ziekenbezoeken aflegde en collectes hield. In 1931 stemde een kwart van de stemgerechtigden van de parochie op een niet katholieke partij. In 1932 werd de St. Josephgroep opgericht, een afdeling van de Verkenners van de Katholieke Jeugdbeweging die in 1971 opging in Scouting Nederland. Een jaar latern werd een welpengroep opgericht met de naam 'St. Joseph-horde'. De groep bestaat nog voort in de huidige Leidse scouting St. Jozef.