Het Bulgaars voetbalelftal is een team van voetballers dat Bulgarije vertegenwoordigt in internationale wedstrijden en competities.
Geschiedenis Beginjaren (1924–1960) Bulgarije speelde in 1924 zijn eerste interland, het verloor met 0-6 van Oostenrijk. Voor de Tweede Wereldoorlog behoorde Bulgarije tot de zwakkere Europese landen; het nam nooit deel aan de Olympische Spelen en speelde voor het WK van 1934 en 1938 vijf kwalificatie-wedstrijden en haalde maar één gelijkspel met het doelsaldo: 4 voor en 21 tegen. Ook kwalificatie voor het WK van 1954 was niet best met één punt uit vier wedstrijden en de laatste plaats achter Tsjecho-Slowakije en Roemenië. Voor het WK van 1958 boekte Bulgarije zijn eerste zeges in een kwalificatie-toernooi tegen Noorwegen, maar Hongarije was tweemaal duidelijk te sterk. Een lichtpunt was een derde plaats op de Olympische Spelen in Melbourne, in een door boycots sterk gedevalueerd toernooi haalde Bulgarije de derde plaats na een 3-0 zege op India.
Vijf WK's zonder overwinning (1960–1986) WK 1962 Voornaamste tegenstander om zich te kwalificeren voor het EK van 1962 was Frankrijk, de nummer drie van het laatste WK, de uitwedstrijd werd kansloos met 3-0 verloren. In de return scoorde Iliev vlak voor tijd het winnende tijd en aangezien het doelsaldo nog niet toereikend was voor een beslissing moest er een beslissingswedstrijd gespeeld worden in Milaan. Dimitar Yakimov scoorde het winnende doelpunt en Bulgarije plaatste zich voor de eerste keer voor het WK. Het WK in Chili werd geen succes, na een 1-0-nederlaag tegen Argentinië volgde een duidelijke nederlaag tegen Hongarije: 6-1. De debutant eindigde het toernooi met een doelpuntloos gelijkspel tegen Engeland.
EK 1964 Het deelnemersveld voor het EK van 1964 bestond uit slechts vier landen, men moest drie play-offronden overleven om de eindronde te halen. Het tweeluik tegen Portugal stond in het teken van twee ontluikende sterren: Georgi Asparuhov scoorde twee keer in de met 3-1 gewonnen thuiswedstrijd, Eusébio scoorde het tegendoelpunt. Nadat de wedstrijd in Lissabon met 3-1 werd verloren was er een beslissingswedstrijd nodig, Asparuhov scoorde het enige doelpunt. In de tweede ronde was opnieuw Frankrijk de tegenstander, na een 2-1 zege in Sofia verloor de ploeg in Parijs de wedstrijd in het laatste kwartier: 3-1.
WK 1966 thumb|Georgi Asparuhov In het kwalificatie-toernooi was België de voornaamste tegenstander, na een 3-0 zege in Sofia volgde een duidelijke 5-0 nederlaag in Brussel. Beide landen eindigde gelijk in punten en er moest andermaal een beslissingswedstrijd komen, in Florence won Bulgarije met 2-1 door twee doelpunten van Asparuhov. Verscheidene Europese topclubs wilden de aanvaller contracteren, maar de communistische regering liet hem niet gaan. Op het WK in 1966 maakte Bulgarije een goede indruk, maar in een sterk deelnemersveld werden drie nederlagen gelegen: 2-0 tegen Brazilië, 3-0 tegen Portugal en 3-1 tegen Hongarije.
EK 1968 Om de play-offs van het EK te halen was opnieuw Portugal de tegenstander, Bulgarije verwierf een goede uitgangspositie door tweemaal van Zweden te winnen, terwijl de Portugezen een thuisnederlaag tegen Zweden leden. In de onderlinge wedstrijd won Bulgarije met 1-0 door een doelpunt van Dinko Dermendzjiev, Italië was het laatste obstakel om de eindronde te halen. Voor 60.000 toeschouwers overklasten de Bulgaren de Italianen, maar door een tegendoelpunt zes minuten voor tijd viel de zege karig uit: 3-2. In Milaan waren de rollen omgedraaid, voor 90.000 toeschouwers wonnen de Italianen met 2-0, ze zouden later Europees kampioen worden. In hetzelfde jaar haalde Bulgarije de finale van de Olympische Spelen in Mexico, in de finale werd met 4-1 verloren van Hongarije.
WK 1970 Tegenstanders in de kwalificatie waren twee opkomende landen, het Nederland van Johan Cruijff en het Polen van Kazimierz Deyna. Alle drie de landen wonnen hun onderlinge thuiswedstrijden, de beslissing viel in Rotterdam toen Bulgarije met 1-1 gelijkspeelde tegen Nederland, Christo Bonev scoorde de gelijkmaker. De eindronde in Mexico werd opnieuw een flop, Bulgarije verspeelde een 2-0 voorsprong tegen Peru, verloor met 3-2 en na een 5-2 nederlaag tegen West-Duitsland was de ploeg al na twee wedstrijden uitgeschakeld. Ook tegen Marokko werd niet gewonnen (1-1), zodat het land nog steeds moest wachten op hun eerste zege op een WK.
EK 1972 thumb|Christo Bonev Belangrijkste tegenstander in de kwalificatie was Hongarije, de thuiswedstrijd werd met 3-0 gewonnen, maar door een 2-0-nederlaag in Boedapest, een nederlaag tegen Frankrijk en een gelijkspel thuis tegen Noorwegen kwam de ploeg twee punten tekort. Erger was de dood van Asparuhov, hij overleed bij een auto-ongeluk, honderdduizenden Bulgaren bewezen de eerste grote Bulgaarse voetballer de laatste eer.
WK 1974 Bulgarije had weinig moeite zich opnieuw te plaatsen voor het WK, een gelijkspel in Lissabon tegen Portugal volstond dankzij twee goals van Bonev, die de opvolger werd van Ashapourov. Na een 0-0 gelijkspel tegen Zweden leek Bulgarije op weg naar de eerste zege op een eindronde, maar door een fout van doelman Goranov werd een 1-0 voorsprong tegen Uruguay weggegeven: 1-1. Er moest nu gewonnen worden van het Nederland van Johan Cruijff, maar tegen het aanvallend sterke en verdedigend keiharde totaalvoetbal van de Nederlanders waren de Bulgaren niet opgewassen: 4-1. Net als de (ex-) wereldkampioenen Italië, Uruguay, West-Duitsland en Brazilië plaatsten de Bulgaren zich vier keer achter elkaar voor het WK, maar hun cijfers waren dramatisch: 12 wedstrijden, nul overwinningen, vier gelijke spelen, acht nederlagen en de doelcijfers: 9 voor en 29 tegen.
1974–1984 Daarna kwamen vijf kwalificatie-toernooien zonder zich te plaatsen voor een eindtoernooi, voor het WK van 1978 had Bulgarije genoeg aan een gelijkspel tegen Frankrijk om zich voor de vijfde keer te kwalificeren, maar een 3-1 nederlaag zorgde voor de eerste uitschakeling sinds 1958. In de andere kwalificatie-toernooien speelde Bulgarije geen rol van betekenis. Voor het EK van 1984 moest Bulgarije de laatste wedstrijd uit tegen Joegoslavië spelen, de winnaar zou zich plaatsen voor het toernooi, bij een gelijkspel zou Wales profiteren. Bij een 2-2 stand kozen beide landen vol voor de aanval, in de laatste minuut kwamen drie Bulgaren vrij voor de doelman, maar ze kregen de bal er niet in, waarna bij de tegenaanval Radanović het winnende doelpunt voor Joegoslavië scoorde.
WK 1986 Bulgarije had in de kwalificatie voor het WK van 1986 drie geduchte tegenstanders: Oost-Duitsland, Joegoslavië en vooral Europees kampioen Frankrijk. In het voorjaar van 1985 werden alle drie de thuiswedstrijden gewonnen en door de onderlinge resultaten volstond nu een zege op Luxemburg: 1-3. Op het WK in Mexico speelde Bulgarije gelijk tegen Italië en Zuid-Korea, waarna een 2-0 nederlaag volgde tegen het Argentinië van Diego Maradona. Bulgarije eindigde als derde in zijn groep, maar omdat Bulgarije tot de beste nummers drie van het toernooi behoorde plaatste Bulgarije zich toch voor de achtste finales. Het land was echter kansloos tegen het gastland: 2-0.
Tijdperk Stoitsjkov (1986–2000), halve finale WK 1994 1986–2002 thumb|Christo Stoitsjkov In 1987 leek Bulgarije zich voor de eerste keer voor een EK-eindronde te plaatsen, na een 2-0 zege op België had Bulgarije nog één punt nodig om enig rivaal Ierland voor te blijven. Een 2-0 nederlaag in Dublin was nog niet fataal, maar door in de laatste wedstrijd thuis van Schotland te verliezen door een laat doelpunt gingen de Ieren naar het EK. Hoop gaf de voorhoede van Sredets Sofia (het voormalige CSKA Sofia), waar het aanvalsduo Emil Kostadinov, Ljoeboslav Penev en met name Christo Stoitsjkov doorbraken. In de halve finale van de Europa Cup tegen FC Barcelona imponeerde Stoitsjkov dermate, dat de Bulgaar het volgend jaar naar de topclub vertrok. De resultaten van het Bulgaarse team bleven nog achter, voor het WK van 1990 eindigde Bulgarije op de vierde en laatste plaats. Ook het kwalificatie-toernooi voor het EK van 1992 leverde slechts een vierde plaats op, positief was een 0-3 uitzege op Roemenië, maar twee nederlagen tegen Zwitserland brak het land op.
WK 1994 thumb|Emil Kostadinov Stoitsjkov groeide bij Barcelona uit tot een internationale ster, in 1992 won hij als eerste Bulgaar de Europa Cup I. Kwalificatie voor het WK van 1994 begon goed met een 2-0 zege op Frankrijk, maar door een serie mindere resultaten (2-0 verlies tegen Zweden, 3-1 tegen Oostenrijk, thuis gelijk tegen Israël) zorgde voor een flinke achterstand op Zweden en Frankrijk. Na een 1-1 gelijkspel thuis tegen Zweden had Bulgarije een wonder nodig om zich te plaatsen. Dat wonder gebeurde in Parijs, waar Frankrijk in de slotminuten tegen Israël een 2-1 voorsprong verspeelde en met 2-3 won. Bulgarije moest nu ook winnen in Parijs, een minuut voor tijd was de stand 1-1 door doelpunten van Éric Cantona en Emile Kostadinov. In de slotminuut verspeelde David Ginola namens Frankrijk de bal in zijn eigen strafgebied, dankzij een razendsnelle counter scoorde Kostadinov het winnende doelpunt en de wedstrijd was meteen afgelopen. Het WK in de Verenigde Staten begon slecht, Nigeria troefde de Bulgaren met 3-0 af, de tweede wedstrijd leverde eindelijk de eerste WK-zege op een eindronde op: 4-0 tegen buurland Griekenland. In de laatste groepswedstrijd tegen Argentinië zou een gelijkspel genoeg zijn om de achtste finales te halen, vlak voor de wedstrijd raakte Argentinië Maradona kwijt vanwege betrapping op doping. In de tweede helft sloeg Bulgarije toe en door doelpunten van Stoitsjkov en Sirakov werd een 2-0 zege geboekt. In de achtste finale tegen Mexico moesten strafschoppen de beslissing brengen, Yordan Letchkov zorgde voor de beslissende penalty. De kwartfinale tegen Duitsland ontbrandde in de tweede helft, een vrij onschuldige buiteling van Jürgen Klinsmann tegen Letchkov werd bestraft met een strafschop, die Lothar Matthäus benutte. Vlak daarna leek de beslissing te vallen, Rudi Völler scoorde, het scorebord gaf al 2-0 aan, maar het doelpunt werd afgekeurd vanwege buitenspel. Daarna kantelde de wedstrijd, Stoitsjkov scoorde uit een vrije trap, waarna nota bene de voor Hamburger SV Letchkov de wedstrijd besliste met een kopgoal. In de halve finale tegen Italië werd Bulgarije overklast door twee doelpunten van Roberto Baggio, Bulgarije kwam niet verder dan een benutte strafschop van Stoitsjkov. De wedstrijd om de derde plaats werd een farce, binnen drie dagen moest er van New York naar Los Angeles gereisd worden en in de eerste helft was de stand al 4-0 voor Zweden. Stoitsjkov werd samen met de Rus Salenko topscorer van het toernooi met zes goals en werd gekozen tot Europees voetballer van het jaar.
EK 1996 Na een moeizaam jaar bij FC Barcelona vertrok Stoitsjkov naar Parma Calcio 1913, waar hij weinig indruk maakte en al naar een jaar terugkeerde bij de Catalaanse club. Bij het Bulgaarse team was hij nog steeds van grote waarde, hij scoorde tien keer in de kwalificatie. Na zeven van de tien wedstrijden was Bulgarije voor de eerste keer al zeker van kwalificatie voor het EK, het plaatste zich samen met Duitsland met gemak voor de eindronde, belangrijkste zege was een 3-2-zege op de Duitsers na een 0-2-achterstand. Bulgarije begon het EK in Engeland met een 1-1 gelijkspel tegen Spanje en een 1-0 zege op Roemenië. Winst op Frankrijk was nodig om de kwartfinales te halen, maar Bulgarije verloor kansloos met 3-1, dieptepunt was een eigen doelpunt van aanvaller Penev. Bulgarije had nog hoop als Spanje niet zou winnen van Roemenië, maar door een laat doelpunt van Amor moesten de Bulgaren naar huis. Alle drie de doelpunten werden gemaakt door Stoitsjkov, uit een strafschop, uit een solo en uit een vrije trap. Bondscoach Penev werd na het toernooi ontslagen.
WK 1998 thumb|Krasimir Balakov