miniatuur|Het Stationsgebouw van de Gooische Stoomtram te Hilversum tegenover Station Hilversum bestaat nog steeds, het was lange tijd in gebruik als kantoor van Connexxion; 2013. miniatuur|Gooische Tram met Henschel-stoomlocomotief in Station Naarden-Bussum, anno 1940. Het door MAN gebouwde rijtuig behoorde oorspronkelijk bij de motortrams. miniatuur|SHM loc 18 van de Gooische Stoomtram, te Wognum-Nibbixwoud; 29 september 2013. miniatuur|Gooische Tramloc nr. 18 bij de Museumstoomtram Hoorn-Medemblik. miniatuur|Standbeeld in Laren ter ere van 50 jarig bestaan.HK Laren Lieu de mémoire: De Gooische Stoomtram, 2002, geraadpleegd op 29 augustus 2024 De Gooische Stoomtram (GS), sinds 1930 Gooische Tramweg-Maatschappij (GoTM), gevestigd te Amsterdam-Watergraafsmeer, onderhield een tramdienst van het Weesperpoortstation in Amsterdam naar Diemen, Muiden, Muiderberg, Naarden, Bussum, Laren en Hilversum.

Geschiedenis In 1874 was de Oosterspoorweg, Amsterdam - Hilversum - Amersfoort tot stand gekomen, maar behalve Naarden, Bussum en Hilversum hadden de andere plaatsen in het Gooi geen station. Voor het realiseren van betere bereikbaarheid van de andere dorpen in het Gooi werd de Gooische Stoomtram opgericht op 17 december 1880. Een van de initiatiefnemers was Jan Hamdorff. Hij had een hotel in Laren en hij hoopte door een betere verbinding op meer gasten.Oneindig Noord-Holland In het spoor van de ‘Moordenaar’, 30 oktober 2023, geraadpleegd op 29 augustus 2024 Het traject Amsterdam - Laren werd tussen 17 mei 1881 en 15 april 1882 in fasen geopend. Tegelijkertijd met Naarden – Laren werd de tramlijn Hilversum - Huizen op 15 april 1882 in gebruik genomen.

De tram reed door smalle winkelstraten in Diemen, Muiden en Naarden. De conducteur liep soms met de rode vlag voor de tram uit om de weg vrij te maken want de tram had altijd voorrang. Van Muiden reed de tram langs de Naardertrekvaart naar Naarden. Bij de Hakkelaarsbrug, ongeveer halverwege beide vestingsteden, kreeg de tramlijn in de zomer van 1881 een aftakking naar Muiderberg. Het strand van dit dorp aan de Zuiderzee trok in de zomer veel Amsterdammers. Aan de Brink bij het Rechthuis was het eindpunt van deze aftakking. Naast passagier brachten boeren hun melkbussen naar de tram, de tram bracht deze naar het Weesperpoortstation vanwaar de melk verder de stad in werd gebracht. Overledenen werden naar de Joodse begraafplaats in Muiderberg gebracht in speciaal daarvoor bestemde salonrijtuigen.

De tram was betrokken bij veel ongevallen en vaak met dodelijke afloop. Alleen in Naarden en Laren waren er tussen 4 februari 1926 en 11 augustus 1927 al 25 ongevallen, met acht dodelijke slachtoffers.Algemeen Handelsblad Het tram-ongeluk bij Laren. Het rapport der Commissie uit de ingezetenen, 12 september 1927, geraadpleegd op 29 augustus 2024 Het zwaarste ongeval was op 7 augustus 1927. Toen botsten twee tramstellen op elkaar, ze reden op hetzelfde spoor maar in tegenovergestelde richting, waarbij vier doden vielen en zeven zwaargewonden.

Door de komst van de stoomtram werd het Gooi beter bereikbaar. De bevolking steeg van ongeveer 19.000 in 1881 naar honderdduizend in het jaar 1930.

Op 1 januari 1917 werd de op 8 november 1883 geopende Tramlijn Bussum - Huizen overgenomen van de Stoomtramweg Maatschappij Bussum - Huizen. Op 30 mei 1930 werd de Gooische Stoomtram omgedoopt in Gooische Tramweg-Maatschappij NV (GoTM). In 1944 volgde overname door de Nederlandsche Buurtspoorweg-Maatschappij (NBM).

Materieel De Gooische Stoomtram had in totaal een vloot van 89 rijtuigen en 19 motorrijtuigen. (2004) De rijtuigen van de Nederlandse paarden-, stoom- en motortramwegen. Leiden: NVBS.

Motortrams en verbussing In de jaren twintig werden de stoomtrams in het Gooi voor een deel vervangen door motortrams. Hiervoor werden acht vierassige motorwagens aangeschaft. Een plan tot elektrificatie ging niet door, omdat de natuurbeschermer Dr. Jac. P. Thijsse met succes bezwaar maakte tegen horizonvervuiling door bovenleidingmasten bij het Naardermeer. Blijkbaar riepen uitlaatgassen minder bezwaren op.

De aanschaf van tien moderne trammotorwagens met benzinemotoren (later vervangen door dieselmotoren) en tien bijbehorende aanhangrijtuigen in 1929-1931, waarmee de tramdienst tussen Amsterdam en Laren gemoderniseerd en versneld werd, kon niet verhinderen dat op 15 oktober 1939 de dienst tussen Amsterdam en Naarden werd vervangen door een busdienst. Aanleiding hiertoe was de sluiting van het Weesperpoortstation en de verbreding van Rijksweg 1 voor het groeiende wegverkeer. Rijkswaterstaat wilde de tram weg hebben van de te verbreden doorgaande weg tussen Diemen en Laren. Slechts enkele maanden na de verbussing en de verkoop van het materieel raakte Nederland in mei 1940 betrokken bij de Tweede Wereldoorlog met brandstofschaarste als gevolg. Hierdoor konden de bussen en resterende motortrams (tussen Bussum, Huizen en Hilversum) niet meer rijden. Enkele nog aanwezige stoomtrams werden weer voor reizigersvervoer in het Gooi ingezet, maar de rails naar Amsterdam waren in maart 1940 al opgebroken.

Serie Bijzonderheden Afbeelding 1 Gebouwd in 1901 door Waggonbau Görlitz en Henschel waarbij de ketel, machine en de draaistellen afkomstig waren van Henschel. Het stoommotorrijtuig had 12 zitplaatsen 1e klasse en 20 zitplaatsen 2e klasse. Er was stoomverwarming en gasverlichting. In 1924 werd het omgebouwd tot een benzinemotorrijtuig. De benzinemotor werd in 1932 vervangen door een dieselmotor. Uiteindelijk eindigde het rijtuig samen met motorrijtuig 2 als noodwoning in Maarn. 2-9 In 1925 besteld bij deels Beijnes en deels Werkspoor. Deze motorrijtuigen hadden 31 zitplaatsen 2e klasse. Er was elektrische verlichting en verwarming vond plaats met het koelwater. Tussen 1933 en 1934 werden de benzinemotoren vervangen naar dieselmotoren. Rijtuigen 4-6 en 8-9 werden in 1939 verkocht aan de NTM en werden daar in dienst gesteld als M8, M11, M9, M12 en M10. De M8 en M10 waren rond 1945 enige tijd in Duitsland. De motor van de M9 was verdwenen en is in 1947 omgebouwd tot rijtuig C102. In 1947 werd de M11 afgevoerd na een aanrijding waarbij de bak voor een woonboot werd gebruikt. Rijtuig 7 werd in 1946 verkocht aan de NTM en als nieuwe M11 in dienst gesteld. De 2 werd een noodwoning in Maarn. Rijtuig 3 werd een kantine op het spooremplacement van Alkmaar. De M8, M10 - 12 en C102 werden in 1948 verkocht aan de Hoogovens waar ze als 95, 94, 93, 91 en 92 tot 1957 gereden hebben voor personeelsvervoer. Daarna hebben de 93 en 94 nog enige tijd bij een sportterrein in Beverwijk gestaan. 10-19 In 1929 en 1930 gekocht bij Nordwaggon. Rijtuigen 13, 15 en 19 werden in 1942 verkocht aan Rheinmetall/Borsig waarna het verdere lot onbekend is. Rijtuig 12 werd een schaftlokaal bij NS-depot Feijenoord. Rijtuigen 11, 12 en 18 kwamen in 1946 bij de NTM terecht. Rijtuig 11 kwam hier uiteindelijk als enige in dienst als M13. Later kwam dit rijtuig terecht bij de Hoogovens waar het dienst deed als 90 als directierijtuig. Daarna stond het rijtuig tot 1966 als kantoor op het terrein van Hoogovens. Rijtuigen 12 en 18 werden een noodwoning in Groningen. Rijtuigen 10, 14, 16 en 17 noodwoning in Hilversum. In 1973 kwam de 14 terecht bij de Tramweg-Stichting. 125px125px

Rijtuigen