miniatuur|bli:b, de openbare bibliotheek van Vorst miniatuur|Inleveren van boeken in Leiden miniatuur|Bibliotheek Zottegem thumb|Bibliotheek in Uithoorn, filiaal van De Bibliotheek Amstelland
Een openbare bibliotheek (OB) maakt verschillende soorten fysieke en digitale informatie- en cultuurdragers (bijvoorbeeld boeken, tijdschriften, compact discs, cd-roms, dia’s, videocassettes, dvd's, internet) én de inhoud die ze bevatten beschikbaar en toegankelijk voor inwoners in haar werkgebied. Bibliotheken bieden vaak ook andere faciliteiten en activiteiten, zoals cursussen en mogelijkheden tot ontmoeting en debat.
Het is een instelling van algemeen nut, meestal gefinancierd uit fondsen, contributies en openbare middelen. Volgens het UNESCO-manifest inzake openbare bibliotheken zijn openbare bibliotheken een basisvoorwaarde voor levenslang leren en het onafhankelijk nemen van beslissingen en de culturele ontwikkeling, en zijn ze daarom nodig om burgers in staat te stellen hun democratische rechten uit te oefenen en een actieve rol te spelen in de samenleving.
Geschiedenis In deze opzet is de openbare bibliotheek van Angelsaksische origine. Het was de boekdrukker Benjamin Franklin, die in Philadelphia in de Britse kolonie Pennsylvania in 1731 de Library Company oprichtte, om de leden van zijn debatingclub Junto van materiaal te voorzien.https://www.smithsonianmag.com/history/how-ben-franklin-invented-library-as-we-know-it-180983983/
De oudste openbare bibliotheek van Europa is de Bodleian Library van de Universiteit van Oxford. Omstreeks het midden van de 19e eeuw ontstonden de eerste 'public libraries' vrijwel gelijktijdig in Engeland en de Verenigde Staten. Behalve in deze landen heeft het openbare-bibliotheekwezen zich vooral in de Scandinavische landen en in het bijzonder na de Tweede Wereldoorlog in de Bondsrepubliek Duitsland sterk ontwikkeld. In Groot-Brittannië en de Scandinavische landen is deze ontwikkeling gestimuleerd door een wetgeving die het stichten en onderhouden van openbare bibliotheken als een taak van de overheid erkende. Denemarken heeft al vele jaren een bibliotheekwet die positief uitwerkt.
België miniatuur|Bibliotheek van Schoten
Geschiedenis In België kwam de eerste openbare bibliotheek tot stand in 1911 te Antwerpen door herinrichting van de daar in 1866 opgerichte "volksbibliotheek". De benaming 'openbare bibliotheek' is in België echter slechts gangbaar sedert de invoering van de eerste Wet op de openbare bibliotheken (17 oktober 1921). Vooral door gebrek aan financiële steun van de overheid kon tot 1945 geen uitgebouwd openbare-bibliotheeksysteem tot stand worden gebracht.
Na de Tweede Wereldoorlog werd de openbare-bibliotheekvoorziening in België geleidelijk verruimd, vooral sedert de eerste wet (1970) op de culturele autonomie, waarbij Vlaanderen eigen bevoegdheid kreeg over het bibliotheekwezen. Geleidelijk werden de openbare bibliotheken naar hun belang onderscheiden in gewone openbare bibliotheken, openbare bibliotheken van groot belang en middelbare openbare bibliotheken (ook wel voltijdse bibliotheken genoemd).
In 1978 kwam een nieuwe wetgeving tot stand. De decreten van 28 februari 1978 (Franse Cultuurgemeenschap) en 19 juni 1978 (Nederlandse Cultuurgemeenschap) voorzagen in de eerste plaats in een heldere structuur. Plaatselijke openbare bibliotheken voorzien in de lectuurbehoeften van de plaatselijke gemeenschap; de centrale openbare bibliotheken, die tevens plaatselijke openbare bibliotheek zijn voor hun gebied, hebben een centraliserende, coördinerende en adviserende taak voor de plaatselijke openbare bibliotheken en hun werkgebied. Op nationaal vlak zou een centrale organisatie worden opgericht (het Nationaal Centrum voor Openbare Bibliotheken [NCOB], nadien het Vlaams Centrum voor Openbare Bibliotheken [VCOB] genoemd en sinds 1 januari 2009 LOCUS.) Ook werden er minimum opleidingseisen gesteld aan het bibliotheekpersoneel. Het decreet van de Nederlandse Cultuurgemeenschap had een dwingend karakter: vóór 1 januari 1983 moest iedere gemeente beschikken over een erkende openbare bibliotheek. Het decreet van de Franse Cultuurgemeenschap is soepeler: de Koning kan een dergelijke verplichting opleggen. Ook de financiering werd in de decreten duidelijk geformuleerd en verdeeld over de staat, de provincies en de gemeenten. Toegang tot een bibliotheek is een dienst aangeboden door de overheid, het is dus gratis voor de ontlener (cd's en dvd's kunnen nu ook gratis ontleend worden).
Cultuurbeleid In Vlaanderen werd op 2001 een nieuw decreet goedgekeurd, het decreet “Integraal Lokaal Cultuurbeleid”. Dit decreet bracht een dynamiek in het lokale culturele landschap. De bibliotheek wordt een instrument van het integrale lokale cultuurbeleid. De kwalificatie van personeel wordt aangepast. Voortaan moet minstens de helft van het personeel een hoger onderwijs hebben genoten. Elke gemeente beschikt over een gemeentelijke openbare bibliotheek. Dit kan zelfstandig of in samenwerkingsverband met meerdere gemeenten. Het Vlaamse steunpunt LOCUS en de provincies vervullen bibliotheektaken op bovenlokaal vlak.
Nederland miniatuur|Bibliotheek Rotterdam In Nederland zijn de openbare bibliotheken verenigd in de Vereniging Openbare Bibliotheken (VOB). Hierbij aangesloten zijn circa 170 openbare bibliotheken (waarbij een bibliotheek vaak meerdere vestigingen heeft). De Openbare Bibliotheek Amsterdam is de grootste van Nederland; Bibliotheek Utrecht is de oudste Enkele andere grote bibliotheken zijn de Bibliotheek Den Haag, Bibliotheek Rotterdam en Bibliotheek Eindhoven. De Koninklijke Bibliotheek (Nederland) is gevestigd in Den Haag.
De Nederlandse openbare bibliotheken hadden in 2024 een gezamenlijke collectie van 22,5 miljoen boeken, tijdschriften en audiovisuele materialen (exemplaren). De bibliotheken verzorgden dat jaar bij elkaar 54,3 miljoen uitleningen. In 2025 waren de totale kosten van de bibliotheken 682 miljoen euro, waarvan onder meer 5.358 bibliotheekbanen (in FTE, de meeste personeelsleden werk(t)en parttime) betaald werden.CBS Statline Openbare Bibliotheken, 11 september 2025 (Bezocht 11 februari 2026)
De Wet Stelsel Openbare Bibliotheekvoorzieningen (WSOB; 2015)Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen - wetten.nl omschrijft de vijf basale functies van de bibliotheek:
Ter beschikking stellen van kennis en informatie. Bieden van mogelijkheden tot ontwikkeling en educatie. Leesbevordering en het laten kennis maken met literatuur. Organiseren van ontmoeting en debat. Laten kennis maken met kunst en cultuur.
Geschiedenis miniatuur|Voormalige bibliotheek van Bussum uit 1913, een van de eerste openbare bibliotheken in Nederland ontworpen voor de functie als 'openbare bibliotheek' In Nederland ontstonden de eerste "leesbibliotheken" rond het begin van de 19e eeuw op initiatief van particulieren, vaak boekhandelaren. In 1892 werd in Utrecht de eerste openbare leeszaal van Nederland geopend, in het gebouw "Concordia" aan de Loeff Berchmakerstraat. Hendrik Adriaan van Beuningen (1841-1908) behoorde tot de oprichters. (brochure, najaar 2023 gratis verkrijgbaar in Bibliotheek Neude) Daarop volgde Dordrecht (1 mei 1899); en daarna Den Haag, Rotterdam, Groningen en Leeuwarden. Deze zes richtten in 1908 samen de Centrale Vereniging voor Openbare Leeszalen en Bibliotheken op, die als overkoepelende organisatie voor de belangenbehartiging bij de overheid en voor de centrale dienstverlening van grote betekenis is geweest. Een zeer belangrijke bijdrage tot ontstaan en groei van de 'leeszaalbeweging' en tot een theoretische fundering ervan leverde H.E. Greve, die vanaf de oprichting gedurende veertig jaar secretaris is geweest van de vereniging.
In 1972 trad in de plaats voor de vereniging het Nederlands Bibliotheek- en Lectuurcentrum (NBLC), waartoe ook de organisaties van rooms-katholieke en protestants-christelijke openbare bibliotheken toetraden. In 2003 veranderde het NBLC zijn naam in Vereniging van Openbare Bibliotheken.
De Wet van 19 november 2014 tot vaststelling van een geactualiseerd stelsel van openbare bibliotheekvoorzieningen (Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen) die per 1 januari 2015 is ingegaan actualiseert de wettelijke bepalingen ten aanzien van openbare bibliotheken, en geeft de landelijke digitale openbare bibliotheek vorm. De bibliotheekwet regelt de digitalisering van de openbare bibliotheek en zorgt voor structurele financiering daarvan uit openbare middelen door Rijksoverheid, Provincie en Gemeente. In deze wet is vastgelegd dat iedere Nederlander toegang moet hebben tot een openbare bibliotheek, zowel in fysieke als digitale vorm. Ook zijn de functies en voorwaarden vastgelegd waaraan een openbare bibliotheek moet voldoen. De digitalisering van de openbare bibliotheken wordt centraal belegd bij Koninklijke Bibliotheek (KB). Naast deze taak krijgt de KB de zorg voor de stelselbewaking en -coördinatie van openbare bibliotheken en de verantwoordelijkheid voor het stelsel van voorzieningen voor mensen met een leesbeperking.
Per 1 januari 2016 is bij de Nederlandse openbare bibliotheken de eerste fase van het project Nationale Bibliotheekpas ingegaan. In deze fase kan een lid van een openbare bibliotheek (zijn zogenaamde thuisbibliotheek), behalve in het geval van sommige goedkopere vormen van lidmaatschap/abonnement, in elke andere openbare bibliotheek (de zogenaamde gastbibliotheek) gratis of voor enkele euro's ook een gastleenpas van de gastbibliotheek krijgen. Hiermee kan men materialen lenen bij de gastbibliotheek (gastlenen). Deze moeten wel worden teruggebracht waar ze geleend zijn. Andere voordelen van een lidmaatschap (zoals bij sommige bibliotheken gratis of goedkoper internetten alleen voor leden) gelden niet bij de gastbibliotheek.http://www.debibliotheken.nl/fileadmin/documenten/branche/2016_NBP_gastlenen_faq-klant_vob-spn.pdf
De openbare bibliotheken werken samen in het Netwerk Digitaal Erfgoed, een groeiende beweging van archieven, bibliotheken, musea, onderwijs- en cultuurinstellingen, software-leveranciers, overheden en vergelijkbare organisaties die zich inzet voor een gemeenschappelijk digitaal geheugen van Nederland.
Confessioneel Als instelling voor iedereen heeft in Nederland de openbare bibliotheek lange tijd op bezwaren gestuit bij de rooms-katholieken en een deel van de protestanten, die het pleit voerden voor bibliotheken van eigen signatuur. De eerste rooms-katholieke en protestants-christelijke bibliotheken ontstonden circa 1910-1915, later door vele andere – vooral rooms-katholieke gevolgd. Sinds de jaren zestig van de twintigste eeuw is in toenemende mate een streven merkbaar geweest naar herstel van de eenheid: thans zijn bijna alle confessionele bibliotheken samengevoegd met de zgn. algemene openbare bibliotheken.
Provincie Van origine was de openbare bibliotheek in Nederland een stedelijk instituut. Dit had tot gevolg dat de bibliotheekvoorziening van het platteland lange tijd is achtergebleven. Voor de Tweede Wereldoorlog was het vooral de Centrale Vereniging van Reizende Bibliotheken die vanuit één landelijk centrum vele kleine woongemeenschappen van boekencollecties voorzag. Na de oorlog zijn het de Provinciale Bibliotheekcentrales (de PBC’s) die de kleinere gemeenten (minder dan 30.000 inwoners) ondersteunen bij hun bibliotheekvoorziening. Bekend is in dit verband de 'rijdende bibliotheek', de bibliobus. De bibliobus komt ook in stedelijke gebieden voor.
Subsidies miniatuur|Bibliotheek van Silvolde-Terborg (Achterhoek)