Oost-Roemelië (Bulgaars: Източна Румелия, Iztochna Roemelija; Osmaans: روم الى شرقى, Rumeli-i Şarkî; Turks: Doğu Rumeli; Grieks: Ανατολική Ρωμυλία, Anatoliki Romilia) was een autonome provincie (vilayet) van het Ottomaanse Rijk op de Balkan die formeel bestond tussen 1878 en 1908 en thans deel uitmaakt van Bulgarije. De hoofdstad was Plovdiv (Turks Filibe, Grieks Philippoupoli). De bevolking bestond overwegend uit etnische Bulgaren (70% volgens de volkstelling van 1878), met vooral Turkse en Griekse minderheden.
Ontstaan Het gebied was bij het Verdrag van San Stefano uit 1878 door Turkije aan Bulgarije afgestaan. Bij het Congres van Berlijn later in datzelfde jaar, beslisten de grote mogendheden dat het als een afzonderlijke provincie opnieuw deel van het Ottomaanse Rijk zou worden, maar met bestuurlijke autonomie. Het zou worden bestuurd door een christelijke (in de praktijk een Bulgaarse) gouverneur-generaal die door de Verheven Porte werd benoemd met instemming van de grote mogendheden. Een provincieraad van 56 leden, waarvan 36 door de bevolking gekozen, had wetgevende bevoegdheid. De op het Congres van Berlijn ingevoerde naam "Oost-Roemelië" verwees naar Roemelië, de door de Turken gebruikte benaming van het Europese deel van het Ottomaanse Rijk.
De provincie lag ten zuiden van het Vorstendom Bulgarije, dat door het Congres van Berlijn erkend was als een vazalstaat van de Ottomaanse sultan. In het zuidwesten scheidden 17 (later 22) dorpen met een bevolking van Polmaken (Bulgaars sprekende moslims) zich af en vormden de kortstondige Republiek Tamrasj.
Vereniging met Bulgarije De Bulgaren beschouwden Oost-Roemelië als een kunstmatig afgescheiden deel van Bulgarije. Er werden al snel pogingen ondernomen om het gebied bij Bulgarije te voegen.
Nadat er in de provincie rellen waren uitgebroken, namen Bulgaarse gewapende groepen op 18 september 1885 (6 september volgens de toen geldende Juliaanse kalender) de macht over in Plovdiv en installeerden er een voorlopige regering, die de vereniging met Bulgarije proclameerde (6 september is nu nog als "Dag van de Vereniging" een nationale feestdag in Bulgarije). Drie dagen laten betrad Alexander van Battenberg, de vorst van Bulgarije, Plovdiv om de vereniging te bekrachtigen.
De grote mogendheden aanvaardden deze aanhechting niet zomaar en er ontstonden grote spanningen met buurland Servië, dat leidde tot de korte Servisch-Bulgaarse Oorlog. Uiteindelijk erkende de Verheven Porte op 5 april 1885 met het akkoord van Tophane een de facto vereniging van Oost-Roemelië met Bulgarije: de vorst van Bulgarije werd tegelijk gouverneur-generaal van Oost-Roemelië. Ter compensatie kreeg de Porte opnieuw het gezag over de streek van Kardzjali, met een overwegen Turkse bevolking, en over de Republiek Tamrasj.
Louter formeel bleef Oost-Roemelië een aparte entiteit tot 1908, toen Bulgarije zich uitriep tot het onafhankelijke Koninkrijk Bulgarije.
Categorie:Geografie van Bulgarije Categorie:Geschiedenis van Bulgarije Categorie:Provincie van het Ottomaanse Rijk