Met titulatuur worden in de numismatiek de gezamenlijke in het omschrift vermelde titels (en ambten) van de muntheer bedoeld, die meestal afgekort zijn. De muntheer is degene in wiens naam de munten worden geslagen.

Voorbeeld Op de voorzijde van de hieronder afgebeelde munt, geslagen rond het jaar 66 in naam van de Romeinse keizer Nero, staat:

IMP NERO CAESAR AVG P M TR POT P P

hetgeen betekent: IMPerator NERO CAESAR AVGustus, Pontifex Maximus, TRibunicia POTestate, Pater Patriae

oftewel: bevelhebber Nero, caesar/keizer, de verhevene, hogepriester, volkstribuun, vader des vaderlands

300px|Munt geslagen omstreeks 66 AD

Lijst van titels en functies (Ere)titels en functies werden op verschillende manieren afgekort, waarbij er meer tekst op een munt paste naarmate er sterker werd afgekort. Als gevolg hiervan kunnen sommige afkortingen verschillende betekenissen hebben en moet de juiste betekenis van een afkorting op een munt uit de context gehaald worden. Zo kan een C voor caesar en consul staan en een P voor onder meer pius en perpetuus. Soms wordt de laatste letter van de afkorting verdubbeld of verdrievoudigd om aan te geven dat meerdere personen de titel delen, zoals in AVGGG.

Afkorting Voluit Betekenis AFR Africanus overwinnaar van de Afrikanen ARM Armeniacus overwinnaar van de Armeniërs AVG Augustus verhevene (keizer/keizerin) BEA Beatissimus meest gelukkige en gezegende BRIT Britannicus overwinnaar van de Brittanniërs C (zie CAE, COS) CAE, CAES Caesar keizer, troonopvolger CENS Censor censor (bepaalde de samenstelling van de Senaat) CENS P, CEN PER Censor perpetuus censor voor het leven CONS, COS Consul consul (de hoogste magistraat) COS DES Consul designatus benoemd tot consul D, DAC Dacicus overwinnaar van de Daciërs DICT Dictator dictator (hoog ambt in tijden van nood) DIVI Divine goddelijke DN Dominus noster onze heer F, FEL Felix gezegende FORT C(AES) Fortissimus caesar allermoedigste caesar G, GER, GERM Germanicus overwinnaar van de Germanen III VIR Tresviri een van het college van muntmeesters (tresviri monetales) IMP Imperator (opper)bevelhebber (eretitel voor zegevierende keizers) I, IN, INV Invictus onoverwinnelijke MAX Maximus de grootste MED Medicus overwinnaar van de Meden NC (zie NOB C) NOB Nobilissimus of -ma edele NOB C(AES), NOB CS enz. Nobilissimus caesar meest edele caesar OPT Optimo principi de beste P Pius vrome, plichtsgetrouwe PART, PARTH Parthicus overwinnaar van de Parthen PERP Perpetuatae voor het leven, eeuwig PF Pius felix plichtsgetrouwe PM, PONT MAX Pontifex maximus hogepriester PONT Pontifex priester PP Pater patriae vader des vaderlands R Rex koning SARM Sarmaticus overwinnaar van de Sarmaten TR P, TR POT, TRIB POT enz. Tribunicia potestate (bekleed met de macht van) volkstribuun V C Vir clarissimus illustere

Overige afkortingen Hieronder volgen enkele andere afkortingen die op Romeinse munten kunnen voorkomen.

Afkorting Voluit Betekenis EX SC Ex senatus consulto muntuitgave goedgekeurd door de Senaat SC Senatus consultum goedgekeurd door de Senaat SPQR Senatus populusque Romanus van de Senaat en het volk van Rome Familiebanden F, FIL Filius of filia zoon of dochter van IVN Junior de jongere M, MAT Mater moeder N Nepos kleinzoon P, PT Pater vader PRON, PRONEP Pronepos achterkleinzoon PT (zie P)

Zie ook Lijst van overwinningstitels van Romeinse keizers

Categorie:Numismatiek