De klasse van wilgenbroekstruwelen (Franguletea) is een klasse van syntaxa die broekstruwelen omvat die gedomineerd worden door breedbladige wilgen en/of sporkehout.
Naamgeving en codering Synoniemen Franguletea alni Salici-Franguletea Carici-Salicetea cinereae Frans: Fourrés arbustifs hygrophiles des sols tourbeux planitiaires à submontagnard Engels: Scrub and hedges on acid, nutrient poor, often peaty soils of western and central Europe Syntaxoncode voor Nederland (rVvN): r39
De wetenschappelijke naam Franguletea is afgeleid van de botanische naam van sporkehout (Frangula alnus). thumb|Sporkehout in vrucht, in een vegetatie uit de klasse van wilgenbroekstruwelen.
Fysiognomie De vegetatiestructuur van vegetatie uit deze klasse wordt in de Lage Landen gekenmerkt door een dichte struiklaag, met drie vrijwel steeds voorkomende soorten: het naamgevende sporkehout, en de breedbladige wilgensoorten grauwe- en geoorde wilg. Zeldzamer is de hybride van deze beide, Salix ×multinervis.
De samenstelling van de ondergroei is afhankelijk van de trofiegraad van de bodem. Op oligrofe bodems vindt men vooral planten uit het hoogveen, zoals gewone dophei en verschillende soorten veenmossen in de moslaag. Op eutrofe plaatsen zijn moerasplanten zoals riet en gele lis dominant in de kruidlaag en is de moslaag eerder beperkt.
Ecologie thumb|Voorjaarsaspect van een vegetatie uit de klasse in Rhein-Neckar-Kreis (Duitsland) De klasse van wilgenbroekstruwelen omvat plantengemeenschappen van natte standplaatsen op een venige bodem. In tegenstelling tot de klasse van wilgenvloedbossen en -struwelen, is de grondwaterspiegel bij wilgenbroekstruwelen vrij constant. De bodem is van gematigd voedselarm tot gematigd voedselrijk, de pH van circumneutraal tot zuur.
Wilgenbroekstruwelen worden vooral gevonden in duinvalleien, langs beekdalen, in laagveengebieden en aan de rand van hoogvenen.
Onderliggende syntaxa in Nederland en Vlaanderen De klasse van wilgenbroekstruwelen wordt in Nederland en Vlaanderen vertegenwoordigd door slecht één orde met één verbond.
orde van wilgenbroekstruwelen (Salicetalia auritae) verbond van wilgenbroekstruwelen (Salicion cinereae) associatie van geoorde wilg (Salicetum auritae) associatie van grauwe wilg (Salicetum cinereae)
rompgemeenschap met wilde gagel en hennegras (RG Myrica gale-Calamagrostis canescens-[Salicion cinereae/Caricion nigrae]) rompgemeenschap met sporkehout (RG Frangula alnus-[Franguletea]) rompgemeenschap met wilde gagel en pijpenstrootje (RG Myrica gale-Molinia caerulea-[Franguletea/Oxycocco-Sphagnetea])
Diagnostische taxa voor Nederland en Vlaanderen thumb|150px|Sporkehout thumb|150px|Grauwe wilg thumb|150px|Geoorde wilg
In de onderstaande synoptische tabel staan de belangrijkste kensoorten en begeleidende soorten van de klasse van wilgenbroekstruwelen voor Nederland en Vlaanderen.
Struiklaag Kentaxon Presentie Triviale naam Botanische naam kK 10 > 50% sporkehout Frangula alnus kK > 10% geoorde × grauwe wilg Salix ×multinervis 40 > 90% grauwe wilg Salix cinerea 0 > 90% geoorde wilg Salix aurita Kruidlaag Kentaxon Presentie Triviale naam Botanische naam Opmerking bg pitrus Juncus effusus Moslaag Kentaxon Presentie Triviale naam Botanische naam Opmerking bg gewoon sterrenmos Mnium hornum
Fotogalerij
Externe links Franguletea op FloraVeg.EU
Wilgenbroekstruwelen Categorie:Struweel