Trabzon (Grieks: Τραπεζούντα, Trapezounta), historisch bekend als Trebizonde, is een stad aan de noordoostkust van Turkije. Het is tevens het hoofdstaddistrict van de gelijknamige provincie. De stad telt 230.400 inwoners (2009) en ligt in een vruchtbare kuststreek aan de Zwarte Zee, waar een gematigd zeeklimaat heerst. Hoge bergen scheiden de stad van het binnenland van Anatolië. Trabzon was een prominente plaats aan de Zijderoute en werd in de eerste helft van de 19e eeuw van groot belang voor de internationale handel tussen Europa en Azië. De opening van het Suezkanaal in 1869 bracht een eind aan de intensieve internationale handel in de stad. Toch is het een belangrijke haven aan de Zwarte Zee gebleven voor transport richting de Kaukasus en Iran. Trabzon is daarnaast ook cultureel, historisch en sportief gezien de belangrijkste stad aan de zuidkust van de Zwarte Zee en geldt derhalve als de onofficiële hoofdstad van de Pontus (de Turkse Zwarte Zeestreek Karadeniz). De bijnaam van de stad is Klein Istanboel of Klein Constantinopel, vanwege haar keizerlijke geschiedenis (Grieks keizerrijk Trebizonde). Sinds de lokale verkiezingen van 2014 is de stad uitgebreid tot een 'metropoolregio' met ruim 800.000 inwoners.
Etymologie thumb|left|200px|Een munt van Trapezus uit de 4e eeuw v.Chr in het British Museum te Londen. De munt prijst de koloniale stad aan als een tafel van overvloed. De naam van de stad is een verwijzing naar de trapeziumvormige heuvel waarop de oorspronkelijke nederzetting (Yukari en Orta Hisar) lag. De oorspronkelijke naam voor deze nederzetting was Τραπεζοῦς (Trapezous), een afgeleide van τραπέζι (Trapeza), dat 'tafel' betekent in het Oudgrieks; een verwijzing naar de centrale afgevlakte heuvel met steile rotswanden aan beide zijden. In het Latijn heette de stad Trapezus. Dit veranderde in de Byzantijnse periode naar Trapezounta. Via het Italiaans en Frans kwam de transliteratie Trebizonde in het Nederlands in gebruik. De laat-Osmaanse transliteratie is Trabzon, de huidige officiële naam van de stad. Alternatieve spellingen, die incidenteel ook in Nederlandstalig werk werden gebruikt, zijn onder meer: Trapezunt, Trebisonda, Trabizond, Trapizonde, Tarabozan en Trabuzan.
Geschiedenis In de oudheid
Trabzon werd als Trapezous in 756 v.Chr. vanuit Sinope gesticht door Griekse kolonisten, die oorspronkelijk afkomstig waren uit Milete. Eerder bevond zich op deze plaats een belangrijke Assyrische nederzetting. Zoals de andere Miletische handelskolonies aan de Zwarte Zeekust was het een Griekse enclave. In tegenstelling tot Griekse koloniën aan de Middellandse Zee, en de noordkant van de Zwarte Zee, vestigden de kolonisten in Trabzon zich echter ook in het achterland van de stad en kwamen zo in aanraking met andere volkeren in de omgeving, zoals de Mossynoeci. Vervolgens kwam de stad in Perzische handen in de 6e eeuw voor Christus. Rond 400 voor christus bezocht Xenophon Trabzon en beschreef de relatie tussen de Griekse stad en omringende volkeren. Met name met de Kaukasische volkeren Mossynoeci en Drilae ten zuidoosten van de stad waren er conflicten. Een deel van de Mossynoeci zou in de Griekse stad zijn ingetrokken, en kwamen in opstand tegen hun leider. Het leger van Xenophon hielp de rebellerende Mossynoeci en versterkte zo de positie van Trabzon in de regio. Tot de veroveringen van Alexander de Grote in de 4e eeuw v.Chr. betaalde de stad huldebetuiging aan de moederstad Sinop en het Perzische rijk. De stad zelf werd echter niet door Alexander ingenomen en verkreeg daardoor een mate van zelfbestuur. De stad werd rond 100 v.Chr. weer door de Perzisch-Pontisch-Griekse koning Mithridates VI veroverd, waarop deze er zijn vloot onderbracht. De vele natuurlijke havens van de stad maakte het een ideale uitvalsbasis.
In 63 v.Chr. veroverden de Romeinen de stad. Trabzon was toen al een belangrijke handelsstad, met een tempel voor de handelsgod Hermes, en de Perzisch-Griekse god Mithra. Onder Romeins bewind won de stad aan belang, doordat onder keizer Vespasianus de handelsroute vanaf de Zwarte Zee over de Ziganapas naar de Eufraat en vervolgens naar Perzië werd verbeterd. Onder Romeins gezag werd Trabzon een vrije stad (civitas libera), met een grote mate van autonomie. Keizer Hadrianus bezocht Trabzon in het jaar 129 als onderdeel van zijn inspectie van de oostelijke Limes. Hoewel het Romeinse Rijk inmiddels ook het oostelijker gelegen Colchis en Armenië administreerde, wenste Hadrianus de Eufraat als oostelijke grens te behouden. Hierdoor behield Trabzon zijn positie als meest oostelijke Romeinse haven aan de Zwarte Zee. Hadrianus liet enkele grote werken in de stad verrichten, waaronder een nieuwe haven, op dat moment de grootste geconstrueerde haven aan de Zwarte Zee. Mogelijk gaf hij ook de opdracht voor een tempel voor Apollo Philesios ten westen van de stad (naast de huidige Hagia Sophia).
Verval in de middeleeuwen thumb|Het martelaarschap van Aquila, Valerianus, Eugene en Candidus van Trebizonde. Werk uit het jaar 985, Vaticaanse Bibliotheek. In 257 n.Chr. werd het inmiddels christelijke Trebizonde grotendeels verwoest door Gotische plunderaars. Het volgende jaar vielen de Perzen de stad binnen. Diocletianus liet de stadsmuren herstellen, maar de stad herstelde zeer langzaam. Onder Diocletianus werden in de stad christenen vervolgd; onder andere de christen Eugenius, die het Mithraeum op de heuvel Boztepe had vernietigd, werd ter dood gebracht. Voor de christenen in de stad werd hij na zijn dood de patroonheilige. De bewoning verplaatste zich in deze periode van de stad richting de bergweides langs de handelsroutes richting het oosten en zuiden. Door het verval van het Romeinse Rijk en het lokale gezag stonden de handelsroutes echter onder continue dreiging van rovers en plunderaars. Om toch veilig te kunnen leven vestigden veel mensen zich in de nabijheid van kloosters, die vanaf de 3e eeuw werden gebouwd in moeilijk bereikbare rotswanden in het Pontisch Gebergte. Voor de pacht van de grond betaalden zij belastingen, het lokale bestuur zou nog tot in de 14e eeuw bij deze kloosters blijven. Pas in de 6e eeuw ging de stad zelf weer groeien, wanneer de internationale handel over de zijderoute weer op gang komt. Trebizonde ontwikkelde zich als eindpunt van de noordwestelijke tak, vanaf Tabriz in Iran. De stad was ook van belang voor enkele slagen tegen de Perzen. Binnen het Byzantijnse rijk was Trebizonde de hoofdstad van het Thema Chaldië.
Keizerrijk tijdens de Renaissance
thumb|links|Kaart van Trabzon in 1604 door Julien Bordier. thumb|Plattegrond van het (ommuurde) centrale deel van Trebizonde in de late middeleeuwen, met in het rood de nog bestaande muren en kerken. Vanaf de 11e eeuw vestigden zich steeds meer Turkse stammen in de omgeving ten westen van Trebizonde, met name de Çepni Turken. Na de Slag bij Manzikert in 1071 werd de stad belegerd door de Seltsjoeken. Dankzij de hoge stadsmuren en de leiding van Theodore Gabras, een lokale edelman, werd de stad van een Turkse overname gespaard. Na de overwinning rebelleerde Gabras tegen het Byzantijnse Rijk en regeerde Trabzon als een onafhankelijke staat. Ook na zijn dood in 1091 bleef de stad onafhankelijk, onder bestuur van zijn nazaten. Nadat de Vierde Kruistocht Constantinopel had geruïneerd tot het Latijnse Keizerrijk, onder Venetiaanse en West-Europese dwingelandij, verhuisde de Oost-Romeinse of Byzantijnse Keizerlijke familie naar het Griekstalige Trebizonde. In april 1204 veroverden Alexius en David Comnenus, kleinzonen van Andronicus I, met hulp van koningin Tamar van Georgië aan wier hof zij in ballingschap waren, de stad. Zij stichtten zo het Keizerrijk Trebizonde dat nog tot 1461 door de Comnenen geregeerd zou worden. Hiermee werd de stad in feite de derde en laatste, hoewel in omvang zeer bescheiden, incarnatie van Rome. Verschillende bouwwerken werden vervaardigd om deze naam eer aan te doen, waaronder ook een kleinere Hagia Sophiakerk die een vergelijkbare levensloop zou kennen met zijn grote broer in Constantinopel. Aan deze periode heeft de stad zijn bijnaam Klein Istanboel te danken. Handelaren uit de Republiek Genua kregen in de stad hun eigen handelswijk toegewezen (nu Iskender Paşa geheten), vergelijkbaar met hun wijk Pera (Kadikoy) in Constantinopel. Het kleine keizerrijk had ook bezittingen in de Krim en beheerste de handel op de oostelijke helft van de Zwarte Zee. Trabzon verkreeg grote welvaart door de hoge belastingen die het kon heffen op de handel van en naar Perzië en China. Marco Polo verloor in de stad een groot deel van zijn kapitaal aan heffingen. Na de vernietiging van Bagdad door de Mongolen in 1258 ontwikkelde Trabzon zich als noordelijk alternatief westelijk eindpunt van de Zijderoute. In 1306 kochten de Genuezen zelfs het Leonkastronkasteel aan de oostkant van de stad en de naastgelegen grond. Enkel met toestemming van de Genuese gemeenschap kon men hier een woning betrekken; het vormde dus net zoals het Griekse centrum en de Armeense wijk een soort enclave binnen de stad. Door de economische bloei kwamen in de 13e en 14e eeuw naast christenen en islamitische Çepni ook andere Turkse volkeren naar het Keizerrijk Trebizonde, zoals Joodse en sjamanistische Kumanen en Khazaren. Veel van hen bekeerden zich tot het orthodoxe christendom en vermengden met de lokale Griekse bevolking.The monastery of Soumela and ancient trade routes connected to it Ismail Köse, Karadeniz TU
thumb|14e-eeuwse Byzantijnse illuminatie met soldaten uit Trebizonde.
In de tijd van het Latijnse Keizerrijk probeerde Trebizonde zich op te werpen als de enig ware vertegenwoordiger van de Byzantijnse keizerlijke waardigheid, maar zij werden daarin uiteindelijk door de keizer van Nicaea Theodorus Lascaris gestopt. Later namen de Turken Sinop in en scheidden de Griekse staten zo van elkaar. Trebizonde zou daarna geen rol meer spelen in de politiek van de hoofdstad. De stad hield het als onafhankelijk land echter wel enkele jaren langer uit dan de rest van het Byzantijnse Rijk, doordat het over het algemeen goede relaties onderhield met de Turken; niet enkel met de Turkstalige nomaden binnen hun rijk, maar ook haar naburige islamitische rijken. Een belangrijk middel om deze relaties vriendschappelijk te houden was het uithuwelijken van talrijke prinsessen van het keizerrijk.
thumb|left|200px|Portret van Irene Palaiologina, Alexios III Komnenos en Theodora Kantakouzene in het klooster van Theoskepastos (Kızlar of Meisjesklooster) in Trabzon, zoals afgebeeld door Charles Texier in 1864. Trebizonde was in de 14e en 15e eeuw, met name onder heerschappij van Alexios III Megas Komnenos, tevens een belangrijke plaats voor het ontstaan van de renaissance. De fresco's die in de nieuwe kerken van de Comnenen werden geschilderd worden gezien als de vroegste uiting van renaissancekunst. Meerdere Pontische Grieken, onder wie Basilios Bessarion en George van Trebizond, reisden naar Noord-Italië en namen Perzische en Byzantijnse vertalingen van Oudgriekse werken mee die zij gebruikten om de klassieke kennis er aan de Italianen te onderwijzen.