De geschiedenis van het socialisme van 1789 tot 1900 laat de ontwikkeling zien van het socialisme dat zich ontwikkelde van een ideologie gepredikt door afzonderlijke denkers tot een internationale beweging. De oudste bekende gebruik van de term socialist is in een Italiaanse krant uit 1803 gevonden, maar daar werd het niet gebruikt in politiek of economisch opzicht.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 1. Gearchiveerd op 2 december 2021. De oudste gevonden politieke gebruik van het woord socialist was in 1827 in de Britse krant Co-operative Magazine uitgegeven door de aanhangers van Robert Owen.Max Beer: Algemene geschiedenis van het socialisme; Deel 4: De tijd van 1750-1860; Nederlandse vertaling 1927; hoofdstuk 28. Gearchiveerd op 7 april 2022. In 1832 werd het woord socialisme gebruikt in een artikel van Pierre Leroux in Le Globe, waar hij het woord socialisme gebruikt om de denkbeelden van Saint-Simon te beschrijven. Het woord socialisme werd in 1833 gebruikt in de krant The Poor Man’s Guardian, dat werd uitgegeven door Owen-aanhanger Henry Hetherington.Thomas Kirkup: A History of Socialism; 1913; hoofdstuk 1. Voor 1789 waren er al groeperingen en mensen die hervormingen pleitten met socialistische tinten, maar zij worden gerangschikt onder de voorlopers van het socialisme.
Het socialisme tussen 1789 en 1800 thumb|François-Noël Babeuf Tijdens de Franse Revolutie staken boeren kastelen in brand en eigende de landerijen van de grootgrondbezitters toe. De jakobijnen legaliseerden de onteigeningen door boeren. De jacobijnen hadden het recht op eigendom in de Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger opgenomen.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 2. Gearchiveerd op 2 december 2021. De jacobijnen voerden cijnskiesrecht in, waardoor alleen mensen die een hoge belasting betaalden mochten stemmen. Hierdoor mochten ongeveer 4,25 miljoen burgers van de 25 miljoen Fransen stemmen.Leo Michielsen: Geschiedenis van de Europese arbeidersbeweging; Deel 1: Tot 1914; 1976; hoofdstuk 2. Gearchiveerd op 18 augustus 2021. In 1791 nam de Nationale Vergadering de Wet le Chapelier aan waardoor het verboden werd dat arbeiders zich zouden verenigen. De jacobijnen verboden ook de gilden. Het schrikbewind van de jacobijnen werd afgezet door de Directoire.
Gracchus Babeuf en Filippo Buonarroti Gracchus Babeuf en Filippo Buonarroti organiseerden een samenzwering om de Directoire af te zetten. Binnen de eerste organisatie van Babeuf waren verschillende ideologieën, maar deze organisatie werd grotendeels gearresteerd door de Franse politie. Babeuf begon in 1795 een nieuwe groep met communisten avant la lettre en sloot een bondgenootschap met een groep jacobijnen. Het plan van Babeuf was om met zijn klein groepje samenzweerders de macht te grijpen met de steun van het proletariaat. De nieuwe regering zou verkiezingen organiseren voor het parlement, waarbij alleen arbeiders zouden mogen stemmen. In de tussentijd zou de regering grote onteigeningen uitvoeren. In hun plan zou de regering het erfrecht afschaffen, zodat na tientallen jaren de meeste productiemiddelen en andere goederen staatseigendom werden. Alle geproduceerde goederen zouden worden opgeslagen in lokale magazijnen, waaruit de overheid aan iedere burger goederen uit zou verdelen. Er zou geen geld meer bestaan. De overheid verzekerde gelijk al haar burgers van een woning, kleding en voedsel. Het deïsme zou de staatsgodsdienst worden, maar er zou wel godsdienstvrijheid bestaan.H.P.G. Quack: De socialisten: Personen en stelsels. Deel 1: Het socialisme vóór de negentiende eeuw; P.N. van Kampen & Zoon, Amsterdam 1911 (4de druk); hoofdstuk 12. Gearchiveerd op 25 april 2023. De visie van Babeuf over de nieuwe maatschappij was geïnspireerd op het boek Code de la Nature. Babeuf dacht dat dit boek was geschreven door Denis Diderot, maar tegenwoordig is bekend dat Jean Morelly dit boek heeft geschreven. In de groep van Babeuf zat een politie-infiltrant waardoor de samenzweerders werden gearresteerd. In 1797 werd Babeuf ter dood veroordeeld. Buonarroti werd jaren later vrijgelaten en ging verder met propaganda.Ferdinand Domela Nieuwenhuis: De geschiedenis van het socialisme; Deel 1; 1901; hoofdstuk 13. Gearchiveerd op 18 maart 2022.Max Beer: Algemene geschiedenis van het socialisme; Deel 4: De tijd van 1750-1860; Nederlandse vertaling 1927; hoofdstuk 25. Gearchiveerd op 8 december 2021.
William Godwin thumb|William Godwin De Brit William Godwin wordt beschouwd als de eerste anarchistische theoreticus, hoewel Godwin zichzelf niet een anarchist noemde. William Godwin schreef zijn denkbeelden in het boek Enquiry Concerning Political Justice uit 1793. Godwin wilde dat iedere vorm van opgelegde autoriteit zou verdwijnen, inclusief de overheid. Hij was voorstander van vrijwillige samenwerking van individuen in lokale gemeenschappen. Volgens Godwin was immoreel gedrag het gevolg van onwetendheid over de principes van moraal en rechtvaardigheid. Hij vond dat een anarchistische samenleving vreedzaam verwezenlijkt moest worden. Alle grond en grondstoffen zouden aan iedereen toebehoren. Hij wilde dat het gehele concept van eigendom zou verdwijnen.George Woodcock: Anarchism; A History of Libertarian Ideas and Movements; 1962; hoofdstuk 3. Gearchiveerd op 21 september 2021.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 3. Gearchiveerd op 2 december 2021.
Grondleggers van het moderne socialisme De denkbeelden van Saint-Simon, Fourier en Owen worden soms met de term utopisch socialisme omschreven. Zij hadden de overeenkomst dat zij hun toekomstplannen in detail uitwerkten en dachten dat de rijkere klasse hun plannen zouden steunen. Zij verwerpen het gebruik van geweld.H.P.G. Quack: De socialisten: Personen en stelsels. Deel 2: De eerste dertig jaren der negentiende eeuw; P.N. van Kampen & Zoon, Amsterdam 1911 (4de druk). Gearchiveerd op 29 oktober 2020.
Charles Fourier thumb|Charles Fourier De Fransman Charles Fourier schreef in 1808 zijn eerste socialistische boek. Hij noemde zichzelf “het nederig werktuig, waarvan God zich heeft bediend om de nieuwe boodschap aan de aarde te brengen.”Ferdinand Domela Nieuwenhuis: De geschiedenis van het socialisme; Deel 1; 1901; hoofdstuk 12. Gearchiveerd op 18 maart 2022. Fourier wilde zorgen voor de vervulling van passies van alle mensen door het werk leuk te maken. Fourier wilde dat arbeiders afwisselend werk zouden doen. Zijn plan was om in de bestaande maatschappij zo veel mogelijk gemeenschappen op te richten. Hij gaf de gemeenschap de naam phalange en de gebouwen werden phalanstéres genoemd. Fourier vond dat iedere phalange ongeveer 1600 bewoners moest hebben. In een phalange werden landbouw en industrie gecombineerd. Iedereen zou verdienen naar arbeidsuren, talent en ingelegde kapitaal. De geproduceerde goederen of de winst van het phalange zou verdeeld worden onder de bewoners en de investeerders. Investeerders in een phalange zouden dividend krijgen. Iedereen moest huur betalen voor hun kamers in de phalanstéres en voor luxere kamers moesten er hogere huren betaald worden. Iedere persoon zou zijn eigen persoonlijke kapitaal bezitten, waardoor men de mogelijkheid kreeg om met zijn kapitaal de phalange te verlaten en naar een ander phalange te gaan. Alle phalanges zouden onderdeel zijn van een wereldfederatie bestuurd door een heerser met de titel Omniarch die in Constantinopel zou zetelen. In de Verenigde Staten werden 29 phalanges opgericht die in de meeste gevallen slechts een aantal jaren bestonden.Thomas Kirkup: A History of Socialism; 1913; hoofdstuk 2.Max Beer: Algemene geschiedenis van het socialisme; Deel 4: De tijd van 1750-1860; Nederlandse vertaling 1927; hoofdstuk 27. Gearchiveerd op 24 mei 2022.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 6. Gearchiveerd op 2 december 2021.
thumb|left|Saint-Simon Saint-Simon De Fransman Claude Henri de Saint-Simon schreef in 1803 zijn eerste politieke geschrift, Lettres d’un Habitant de Genéve, maar dit geschrift raakte in de vergetelheid en werd pas teruggevonden na zijn dood. In 1817 schreef hij het boek L’Industrie waarin hij voor het eerst zijn socialistische ideeën uitte. Saint-Simon geloofde dat het bestuur van de maatschappij in handen zou komen van wetenschappers en grootindustriëlen. Saint-Simon deelde de samenleving in een productieve klasse en een niet-productieve klasse. In de onproductieve klasse zaten de adel, de geestelijke en soldaten. De productieve klasse bestond uit fabrikanten, bankiers, loonarbeiders, middenstanders, boeren en wetenschappers. De productieve klasse zou de macht moeten krijgen, zodat er een samenleving ontstond waar de meest bekwame personen de leiding hadden. De grote fabrikanten en bankiers zouden de macht over de overheid en de economie op zich nemen met wetenschappers als adviseurs. De industriële leiders zouden ieder afzonderlijk hun eigen bedrijf beheren, terwijl ze gezamenlijk de algemene economische planning bepaalden. Het doel was om zo volledige werkgelegenheid te krijgen en om voor de belangen van de arme arbeiders op te komen.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 4. Gearchiveerd op 2 december 2021.
Volgens Saint-Simon moest elke Europese land bestuurd worden door de koning en het parlement. Hij pleitte voor een Europees Parlement gekozen door wetenschappers, fabrikanten en handelaars. Het Europees Parlement zou een Europese koning aanstellen. In zijn laatste boek uit 1825 beweerde Saint-Simon dat God sprak via zijn geschriften. Saint-Simon wordt gezien als een grondlegger van de meritocratie, want hij pleitte voor een hiërarchische indeling van de maatschappij naar bekwaamheid.
Robert Owen thumb|Robert Owen De Brit Robert Owen was de eigenaar van de katoenweverij New Lanark. Hij verbood kinderen onder de tien jaar om te werken in de fabriek en zorgde dat iedere kind onderwijs kreeg. De arbeidsdag van veertien uur werd verminderd tot tien uur. Op het fabrieksterrein werd een magazijn opgericht waar de arbeiders producten voor inkoopprijs konden kopen, waardoor de prijs per product een kwart lager werd. Dit principe werd een voorbeeld voor de latere consumptiecoöperaties. Sinds 1812 pleitte Owen voor de invoering van arbeidsrechten. In samenwerking met parlementslid Robert Peel senior zorgde Owen voor de invoering van de arbeidswet van 1819. Owen pleitte voor de invoering van de achturige werkdag, wat uitgroeide tot een van de belangrijkste eisen binnen de socialistische beweging.G.D.H. Cole: Socialist Thought: Volume 1: The Forerunners 1789 – 1850; 1953; hoofdstuk 9. Gearchiveerd op 2 december 2021.Thomas Kirkup: A History of Socialism; 1913; hoofdstuk 4.