Op weg naar de hemel (Engels: The Way up to Heaven) is een kort horrorverhaal van de Britse schrijver Roald Dahl.

Het verhaal verscheen voor het eerst in februari 1954 in The New YorkerAll Work By Roald Dahl, newyorker.com. Later is het samen met een aantal andere korte verhalen opnieuw uitgebracht in enkele verhalenbundels, waaronder Kiss Kiss.

Verhaal

Het bejaarde en rijke echtpaar Foster woont met hun vier bedienden in een groot luxe huis in East Sixty-Second Street in New York. Het huis heeft zes verdiepingen en een lift, zodat de Fosters niet steeds alle trappen op en af hoeven. Hun volwassen dochter is verhuisd naar Parijs en heeft daar nu een gezin. Mevrouw Foster is eigenlijk helemaal niet gelukkig met haar nogal tirannieke man, die haar volledig onder de plak heeft. Daarnaast ergert ze zich eraan dat haar man zo vaak treuzelt als ze ergens heen wil, ze verdenkt hem ervan dat hij dit met opzet doet. Ze zou het liefst naar Parijs verhuizen om bij haar dochter en kleinkinderen te zijn. Dit zal echter niet gebeuren zolang haar man in leven is, want hij wil absoluut niet uit New York weg.

Na lang aandringen krijgt mevrouw Foster haar man zover dat ze van hem zes weken naar Parijs mag. Op de dag dat het vliegtuig vertrekt, is ze bang dat de vlucht te zullen missen. De vlucht wordt die dag uitgesteld vanwege dichte mist. Mevrouw Foster krijgt 's avonds te horen dat de vlucht is verschoven naar elf uur morgenochtend. Als ze teruggaat naar huis, is haar man daar inmiddels alleen. Hij heeft – voor de komende weken dat hij alleen thuis is – alle bedienden met verlof gestuurd, zodat hij ze niet hoeft uit te betalen.

De volgende morgen staat buiten de taxi klaar om mevrouw Foster opnieuw naar het vliegveld te brengen. Haar man staat erop om mee te reizen naar het vliegveld, zodat hij meteen bij zijn club is. Als ze samen in de taxi zitten, is Mr. Foster opeens een kam kwijt die hij mevrouw Foster mee had willen geven als cadeau voor hun dochter. Hij gaat het huis weer in, om in de slaapkamer boven naar de kam te zoeken. Mevrouw Foster ziet even later de kam gewoon naast haar in de taxi liggen, waarop ze haar man wil waarschuwen. Als ze op het punt staat om de sleutel in het slot van de voordeur om te draaien, hoort ze van diep binnen in het huis vreemde geluiden die ze niet goed kan identificeren. Dan rent ze ineens weer terug naar de taxi, en zegt dat ze echt geen moment langer meer op haar man kan blijven wachten.

Mevrouw Foster haalt het vliegtuig naar Parijs nog net. De weken daarna heeft ze een heerlijke tijd samen met haar dochter en drie kleinkinderen. Als ze weer terugreist naar New York, lijkt ze er om een of andere reden van overtuigd dat ze snel weer opnieuw in Parijs zal zijn. Als ze thuis aanbelt, doet haar man niet open. Ze gaat zelf naar binnen. In het hele huis is het bedompt en er hangt een merkwaardige geur. Alles ligt er bovendien nog precies zo bij als toen ze zes weken eerder naar Parijs vertrok, en alle post is in de tussentijd ongeopend voor de deurmat blijven liggen. Mevrouw Foster constateert dat de lift – terwijl die onderweg was naar de slaapkamer op de derde etage – is blijven hangen. Heel blij en voldaan belt ze de reparateur.

Categorie:Kort verhaal van Roald Dahl Categorie:Horrorverhaal