thumb|1970-1979 De jaren 1970-1979 (van de christelijke jaartelling) zijn het achtste decennium in de 20e eeuw.
Meerjarige gebeurtenissen en ontwikkelingen Oliecrisis De Oliecrisis van 1973 volgt uit een conflict tussen de Arabische wereld en het westen over het Israëlisch-Arabische conflict en de steun van het westen aan Israël. Ook vindt de door Arabische oliesjeiks gedomineerde Organisatie van olie-exporterende landen dat de geïndustrialiseerde wereld te weinig betaalt voor de aardolie. De prijs wordt verhoogd met 70% en de productie beperkt. Tegen de Verenigde Staten en Nederland wordt in oktober 1973 een olieboycot ingesteld wegens de steun van deze landen aan Israël. In Nederland worden de autoloze zondag (november 1973-januari 1974) en rantsoenering van benzine ingesteld om energie te besparen. Na de oliecrisis verschuift de controle van de oliebronnen naar het OPEC-kartel en naar staatsoliemaatschappijen zoals Saudi Aramco, Gazprom, China National Petroleum Corporation, National Iranian Oil Company, Petróleos de Venezuela, Petrobras en Petronas. De hoogte van de olieprijzen veroorzaakt inflatie en ook een stagnatie van de economie. Deze unieke combinatie krijgt in de wetenschap de naam stagflatie. Een tweede oliecrisis eind 1979 veroorzaakt een wereldwijde economische crisis waarvan ook de olieproducerende landen te lijden hebben. Voortaan zullen zij het oliezwaard met meer voorzichtigheid hanteren. De oliemaatschappijen zoeken naar alternatieven voor de aardolie uit het Midden-Oosten en boren olie aan onder de Noordzee. Met name in het Noorse en het Britse deel van het Continentaal plat zitten grote reserves. In Nederland ontstaat een aanzienlijke offshore-industrie. Frankrijk schakelt vanaf 1974 grootschalig over op kernenergie, andere landen zoals Nederland gaan vanaf 1974 aardolie en aardgas importeren uit de Sovjet-Unie in plaats vanuit Saoedi-Arabie.
Azië Na dertig jaar komt er een einde aan de oorlog in Indochina. In 1975 vallen Zuid-Vietnam, Cambodja en Laos in handen van communistische rebellen. In Cambodja komt de Rode Khmer aan de macht die tot de inval van de Vietnamezen in 1978 een schrikbewind voert, waarbij circa 1,5 miljoen Cambodjanen omkomen door uithongering, ziekten en executies, nadat zij vanuit de steden naar het platteland zijn gedeporteerd. Als Mao Zedong in 1976 sterft, wordt de Culturele Revolutie beëindigd. Na een machtsstrijd en de gevangenneming van de Bende van Vier wordt de meer pragmatische Deng Xiaoping de onbetwiste leider. In 1979 worden de eerste economische hervormingen aangekondigd. Het regime van sjah Mohammed Reza Pahlavi van Iran wordt steeds repressiever. In 1975 worden de in het parlement vertegenwoordigde partijen samengevoegd tot de Herrijzenispartij. De liberale oppositie tegen de eenpartijstaat en tegen de beruchte geheime politie Savak krijgt gezelschap van een verzet uit islamitische hoek onder leiding van ayatollah Khomeini die in ballingschap te Parijs verblijft. In 1978 verslechtert de situatie en onder druk van de Amerikaanse president Carter vertrekt de Sjah begin 1979 naar Egypte, waarna de Islamitische republiek wordt uitgeroepen. De Filipijnse president Ferdinand Marcos komt in het nauw door opstanden van communisten en het Moro Islamic Liberation Front. Ook de liberalen en andere burgerlijke kringen verzetten zich tegen zijn autoritaire regeerstijl en uiteindelijk roept hij de noodtoestand uit en ontbindt de senaat.
Europa De Bondsrepubliek voert onder een coalitie van SPD en FDP een nieuwe Ostpolitik. Het bestaan van de DDR wordt beschouwd als een voldongen feit en er vinden wederzijdse bezoeken plaats op regeringsniveau. De Oder-Neissegrens met Polen wordt erkend en bondskanselier Willy Brandt vraagt in Auschwitz vergiffenis voor de misdaden van nazi-Duitsland. Ook met Tsjecho-Slowakije en de andere Oost-Europese landen gaat de Bondsrepubliek betrekkingen aan. Tussen IJsland en het Verenigd Koninkrijk woeden twee Kabeljauwoorlogen. Aanleiding is de uitbreiding door IJsland van zijn territoriale wateren eerst naar 93 kilometer (1971) en vervolgens (in 1975) tot 370 kilometer. De Britten trekken hun marine terug als IJsland dreigt de NAVO-basis bij Keflavík te sluiten. In Zuid-Europa komt een democratische ontwikkeling tot stand. De dictaturen krijgen democratische regeringen (Portugal en Griekenland in 1974; de Spaanse democratische overgang begint in 1975) en beginnen aan het proces van toetreding tot de Europese Gemeenschap.
Koude Oorlog De Ostpolitik van de West-Duitse bondskanselier Willy Brandt leidt tot een aantal verdragen met de Sovjet-Unie, Polen en ten slotte het Grundlagenvertrag met de DDR (1972). De normalisatie van de Duits-Duitse betrekkingen maakt het voor de westerse wereld mogelijk om in 1973 de DDR te erkennen. De Helsinki-akkoorden verminderen de militaire spanning in Europa tussen de landen van de NAVO en het Warschaupact. Op aandrang van het westen wordt ook een afspraak toegevoegd over de mensenrechten.
Terrorisme Het terrorisme grijpt om zich heen en wordt in extreemlinkse kringen geaccepteerd als strijdmiddel. De Rote Armee Fraktion in West-Duitsland, de Rode Brigades in Italië en het Japanse Rode Leger bereiken met hun acties vooral dat de wetten in hun landen worden aangescherpt. De democratie kunnen ze niet echt bedreigen. In Zuid-Amerika ligt dat anders. De bewegingen van de Tupamaros in Uruguay en de Montoneros in Argentinië drijven de strijdkrachten in deze landen tot het instellen van militaire dictaturen en grove schendingen van de mensenrechten. Er vinden vele vliegtuigkapingen plaats, vooral door strijders van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) en andere Palestijnse groepen. Nederland wordt tweemaal geconfronteerd met een treinkaping door Zuid-Molukse jongeren: in 1975 bij Wijster en in 1977 bij De Punt. Gelijktijdig met de treinkaping bij De Punt wordt ook een lagere school in Bovensmilde gegijzeld. Op 7 september 1978 vindt een moordaanslag in Londen plaats op de Bulgaarse schrijver en journalist Georgi Markov vermoedelijk via de punt van een paraplu, de paraplumoord. Op 11 september 1978 overlijdt hij, vergiftigd met ricine. De Bulgaarse president Zjivkov, de Bulgaarse Geheime Dienst en de Russische KGB worden verdacht hier achter te zitten.
België In 1970 begint het proces van staatshervorming, dat in vier stappen zal leiden tot een federale structuur. Begonnen wordt met de bouw van kerncentrales ten behoeve van de energievoorziening door Electrabel. Er verrijzen centrales bij Tihange aan de Maas en in Doel bij Antwerpen. Bouw van de Université catholique de Louvain in de nieuwe universiteitsstad Louvain-la-Neuve. Aanleg van de Brusselse metro, die aanvankelijk met tramstellen door de tunnels rijdt maar in 1976 volwaardig in gebruik wordt genomen. Paul Vanden Boeynants is een van de voortrekkers van het Manhattanplan voor Brussel. De Noordwijk, een levendige buurt met ateliers, cafés, cinema's, winkelstraten en 20.000 inwoners, wil hij vervangen door 78 kantoortorens vlak bij een gepland kruispunt van de Europese snelwegen. De oliecrisis van 1973 doen de plannen in de koelkast verzeilen waardoor slechts drie WTC-torens worden afgewerkt. De snelwegen komen er nooit, al kan men in de R20 wel een stadsautosnelweg zien.
Nederland Voortgezette deconfessionalisering, waarvan vooral de KVP veel te lijden heeft. Dit leidt tot streven naar de vorming van een verenigde christendemocratische partij, die er op 11 oktober 1980 ook officieel zal komen, het CDA, een fusie tussen ARP, KVP en CHU. Vanaf 25 april 1975 vormen deze 3 partijen al een federatie, en al sinds mei 1977 is het CDA via een eigen lijst in de Tweede Kamer vertegenwoordigd. Dienstplichtigen komen in verzet tegen rigide gezagsuitoefening in de krijgsmacht. Ze richten de VVDM op en bereiken een versoepeling van de groetplicht, verhoging van de soldij en het recht om in hun vrije tijd burgerkleding te dragen. Nederland krijgt in 1971 een liberale echtscheidingswet. De volgende tien jaar verdubbelt het aantal echtscheidingen. Het is na de oliecrisis van 1973 een tijd van stijgende werkloosheid, oplopende overheidstekorten, er vinden massale stakingen plaats, onder andere bij Enka en in de Rotterdamse haven (1979). Het kabinet-Den Uyl (1973-1977) symboliseert de politieke polarisatie tussen links en rechts. Spreiding van macht, kennis en inkomen is het motto. Maar het zijn ook de jaren van Dries van Agt, die de eerste leider wordt van een verenigde christendemocratische partij: het Christen-Democratisch Appèl. Hij pleit voor een ethisch reveil en wil de vertoning van erotische films beperken tot bioscopen met minder dan 50 stoelen. Als minister van Justitie wil hij de abortuskliniek Bloemenhove sluiten, wat door felle protestdemonstraties en een bezetting van de kliniek uiteindelijk wordt voorkomen. Ook zijn voornemen om in 1972 drie oorlogsmisdadigers uit de gevangenis van Breda vrij te laten, omdat deze gevangenisstraf 'binnen ons rechtsstelsel geen enkel doel meer dient', roept emotionele reacties op en wordt uiteindelijk afgeblazen. De vlucht van de van ernstige oorlogsmisdaden verdachte Pieter Menten naar Zwitserland half november 1976, die hiermee nog 3 weken aan arrestatie ontkomt, wordt aan Van Agts nalatigheid toegeschreven, wat hem in de Tweede Kamer een zeer moeilijk moment oplevert. Prins Bernhard komt in opspraak door de Lockheed-affaire, die begint met een onthulling door de president-directeur van de Amerikaanse vliegtuigfabriek Lockheed tijdens een hoorzitting in het Amerikaanse Congres. Bernhard zou in totaal 1,2 miljoen dollar aan steekpenningen hebben aangenomen, in ruil voor zijn voorspraak bij de aankoop van onder andere de Lockheed F-104 Starfighter. Een onderzoek door een commissie van drie wijze mannen wijst uit dat de prins inderdaad niet altijd correct gehandeld heeft. Door het algemeen geprezen optreden van premier Den Uyl wordt een constitutionele crisis voorkomen, maar de prins moet wel al zijn militaire functies neerleggen. Een artikel in het juridisch studentenblad Ars Aequi stelt in 1971 dat de rechtspraak vrijwel ontoegankelijk is voor mensen met lage inkomens. Daarop worden in universiteitssteden en later ook elders rechtswinkels opgericht, waar studenten en vrijwilligers gratis adviezen geven aan mensen die geen advocaat kunnen betalen. Een regeringscommissie komt in 1974 met het advies, om de rijksdiensten beter over het land te spreiden, en zo de economie te stimuleren in regio's die kampen met bedrijfssluitingen. De regering-Den Uyl volgt het advies op en verplaatst onder meer de hoofddirectie van de PTT naar Groningen en het Centraal Bureau voor de Statistiek naar Heerlen.
Suriname Het aantreden in Nederland van het progressieve kabinet-Den Uyl wordt in Suriname in creools-nationalistische kringen gezien als een kans om de dekolonisatie van Suriname gedaan te krijgen. De Hindoestaanse en Javaanse oppositie zien niets in dit streven. De regering van Henck Arron weigert echter een volksstemming te houden. Pas als de door alle partijen gerespecteerde gouverneur Johan Ferrier zich bereid verklaart president te worden, vindt een nationale verzoening plaats. De Surinaamse onafhankelijkheid vindt plaats op 25 november 1975, maar heeft dan al geleid tot een massale migratie van Surinamers naar Nederland die er blijkbaar geen vertrouwen in hebben. Hindoestanen zijn hierbij oververtegenwoordigd. In de jaren na de onafhankelijkheid blijft de blokkade bestaan tussen regering en oppositie, ofwel creolen en Hindoestanen. De regering geeft de Nederlandse hulpgelden uit aan prestigeprojecten, zoals een "spoorlijn van niets naar nergens": de spoorlijn Bakhuisgebergte - Apoera, ten behoeve van bauxietwinning. Dit West-Surinameplan zal op niets uitlopen, net als de spoorlijn.
Midden-Oosten