De Tweede Kamerverkiezingen 1864 waren periodieke Nederlandse verkiezingen voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Zij vonden plaats op 14 juni 1864.

Nederland was verdeeld in 39 kiesdistricten, waarin 75 leden van de Tweede Kamer gekozen werden.Acht enkelvoudige kiesdistricten kozen één lid, in 29 meervoudige kiesdistricten werden twee leden afgevaardigd, in het kiesdistrict Rotterdam drie en in het kiesdistrict Amsterdam zes. Een kiezer bracht evenveel stemmen uit als er afgevaardigden in zijn kiesdistrict gekozen werden. Om gekozen te worden moest een kandidaat minimaal de districtskiesdrempel behalen.De districtskiesdrempel werd bepaald door de volgende formule: 50% van het aantal uitgebrachte geldige stemmen, gedeeld door het aantal in het district te verkiezen zetels.

De verkiezingen werden gehouden vanwege het periodiek aftreden van 36 leden van de Tweede Kamer van wie de zittingstermijn afliep op 18 september 1864. Tevens werden verkiezingen gehouden voor drie nieuwe zetels vanwege de uitbreiding van de Tweede Kamer van 72 naar 75 leden; de hierbij betrokken kiesdistricten waren Deventer en Haarlem (beide van een naar twee afgevaardigden) en het nieuw ingestelde kiesdistrict Winschoten (een afgevaardigde).

In negen kiesdistrictenAmsterdam, Deventer, Dordrecht, Goes, Gorinchem, Haarlem, Hoorn, Leeuwarden en Sneek. was een tweede verkiezingsronde benodigd tussen de twee hoogstgeplaatste (niet-direct gekozen) kandidaten uit de eerste ronde vanwege het niet-behalen van de districtskiesdrempel. Deze tweede ronde vond plaats op 28 juni 1864.

Uitslag Opkomst 1862 1864 # stemmen % # stemmen % Kiesgerechtigden 87.375 88.587 Niet opgekomen 50.472 57,76% van het aantal kiesgerechtigden. 42.216 47,65 Opkomst 36.903 42,24 46.371 52,35

Verkiezingsuitslag naar groepering GroeperingIn 1864 bestonden nog geen politieke partijen. Gekozen leden sloten zich gewoonlijk eerst na hun verkiezing aan bij een kamerfactie.Zetels 1862Een wijziging van het aantal zetels van een groepering is ontstaan door aftreden en overlijden gedurende de zittingsperiode. AfAftredend in 1864 vanwege het bereiken van het einde van de zittingstermijn. BijGekozen c.q. herkozen bij de periodieke verkiezingen in 1864. BijGekozen vanwege de uitbreiding van de Tweede Kamer in 1864. 1864 +/− thorbeckianen   23/21  9 10 1 23 +2 liberalen   19/21 12 11 2 22 +1 conservatieven   15/16  9 10 17 +1 conservatief-liberalen  4  2  2   4   0 antirevolutionairen  4/3  1  1   3   0 conservatief-protestanten  3  2  2   3   0 conservatief-katholieken  3  1  0   2 −1 gematigde liberalen  1  0  0   1   0 totaal 72 36 36 3 75 +3

Gekozen leden

Vanwege de uitbreiding van het zetelaantal van de Tweede Kamer werden de volgende drie leden gekozen: in het kiesdistrict Deventer: Albertus van Delden (liberalen); in het kiesdistrict Haarlem: Asser van NieropVan Nierop was ook gekozen in het kiesdistrict Hoorn. Hij gaf de voorkeur aan Haarlem. (thorbeckianen); in het kiesdistrict Winschoten: in eerste instantie werd Anthony Winkler Prins gekozen, die echter afzag van zijn benoeming. Om in de ontstane vacature te voorzien werd een naverkiezing gehouden, waarbij Willem Jonckbloet (liberalen) gekozen werd.

Bij de periodieke verkiezingen werden 28 leden herkozen. Vier leden hadden aangegeven niet herkiesbaar te zijn, terwijl vier aftredende leden verslagen werden.

Onderstaand volgen enkele bijzonderheden:

in het kiesdistrict Amsterdam versloeg Jan van Swieten (52,9%, liberalen) het aftredende lid Jan Heemskerk (48,4%, liberalen);

in het kiesdistrict Breda werd Petrus Hollingerus Pijpers (thorbeckianen) gekozen in de vacature ontstaan door het periodiek aftreden van Cornelis Oomen (liberalen) die had aangegeven niet herkiesbaar te zijn;

in het kiesdistrict Goes werd Jean de Laat de Kanter (liberalen) gekozen in de vacature ontstaan door het periodiek aftreden van Bernhard van Diggelen (liberalen) die had aangegeven niet herkiesbaar te zijn;

in het kiesdistrict Gorinchem werd Gerrit Simons (conservatieven) gekozen in de vacature ontstaan door het periodiek aftreden van Johannes van der Poel (conservatieven) die had aangegeven niet herkiesbaar te zijn;

in het kiesdistrict 's-Gravenhage versloeg Jacob van Zuylen van Nijevelt (52,2%, conservatieven) het aftredende lid Willem Gevers Deynoot (38,9%, thorbeckianen);

in het kiesdistrict Hoorn was in eerste instantie Asser van Nierop gekozen in de vacature ontstaan door het periodiek aftreden van Peter Tutein Nolthenius (conservatieven) die had aangegeven niet herkiesbaar te zijn. Van Nierop was echter ook gekozen in het kiesdistrict Haarlem, waaraan hij de voorkeur gaf.Het was volgens de vigerende wetgeving geoorloofd zich in meer dan één kiesdistrict kandidaat te stellen. Als iemand in meerdere districten gekozen werd, diende hij vervolgens aan te geven voor welk district hij in de Tweede Kamer zitting wilde nemen; in het andere district/de andere districten werd dan een naverkiezing gehouden. Om in de ontstane vacature te voorzien werd in Hoorn een naverkiezing gehouden, waarbij Willem van Goltstein van Oldenaller (conservatieven) gekozen werd;

in het kiesdistrict Maastricht versloeg Paul van der Maesen de Sombreff (82,6%, thorbeckianen) het aftredende lid Edmond van Wintershoven (16,6%, thorbeckianen);

in het kiesdistrict Roermond versloeg Karel Cornelis (51,1%, thorbeckianen) het aftredende lid Frederik de Keverberg de Kessel (48,7%, conservatief-katholieken).

De zittingsperiode van de Tweede Kamer ging in op 19 september 1864. De zittingstermijn van Tweede Kamerleden bedroeg vier jaar.Om de twee jaar was de helft van de Kamerleden aftredend.Door de tussentijdse ontbinding van de Tweede Kamer in 1866 traden alle leden af op 30 september 1866.

Bronvermelding

Categorie:Nederlandse politiek in 1864 1864 Nederland