Het conclaaf van 1565–1566 vond plaats van 20 december 1565 tot 7 januari 1566 in het Apostolisch Paleis te Rome, en volgde op de dood van paus Pius IV op 9 december 1565. Het conclaaf leidde tot de verkiezing van Antonio Ghislieri als paus Pius V.

Achtergrond Het conclaaf kwam bijeen na het overlijden van paus Pius IV, eind 1565. Onder de kardinalen bestonden verschillende facties, deels op basis van familiebanden of regionale verbondenheid (zoals de Florentijnen), deels op grond van standpunten over kerkelijke hervorming. Een belangrijk twistpunt was de mate en vorm van hervormingen voortkomend uit het Concilie van Trente: de jongere kardinalen drongen aan op een voortzetting en verdieping ervan, terwijl oudere kardinalen een meer conservatieve houding aanhielden en dweepten met de Inquisitie.

Verloop Aanvankelijk gold Alessandro Farnese als favoriet, maar ondanks aanzienlijke steun wist hij de vereiste meerderheid niet te behalen. De patstelling duurde tot kardinaal Carolus Borromeus voorstelde om een compromis te sluiten en de stemmen te bundelen op Antonio Ghislieri, een dominicaan en voormalig groot-inquisiteur met een reputatie van strenge vroomheid en hervormingsgezindheid.

Farnese stemde in en bracht zijn aanhangers mee, waarna ook de Spaanse kardinalen hun steun toezegden. Binnen korte tijd was een brede consensus bereikt. Op 7 januari 1566 werd Ghislieri tot paus gekozen en nam hij de naam Pius V aan. Zijn verkiezing betekende de bevestiging van de hervormingslijn die door het Concilie van Trente was ingezet en luidde een streng en hervormingsgericht pontificaat in.

1565-1566 Categorie:1565 Categorie:1566