Het conclaaf van 1644 vond plaats van 9 augustus tot 15 september 1644 in het Apostolisch Paleis te Rome, en volgde op de dood van paus Urbanus VIII op 29 juli 1644. Het conclaaf leidde tot de verkiezing van Giovanni Battista Pamphili als paus Innocentius X.

Achtergrond Paus Urbanus VIII, lid van de invloedrijke familie Barberini, had tijdens zijn pontificaat drie familieleden tot kardinaal benoemd: zijn broer Antonio Marcello Barberini en zijn neven Francesco Barberini en Antonio Barberini. Zijn bewind werd gekenmerkt door nepotisme en financiële problemen, mede veroorzaakt door de Eerste Oorlog van Castro. Deze situatie leidde tot spanningen binnen de kerkelijke hiërarchie en beïnvloedde de dynamiek van het conclaaf.

Verloop Het conclaaf vond plaats tegen de achtergrond van de Dertigjarige Oorlog, waarbij de rivaliteit tussen Frankrijk en Spanje ook binnen de Katholieke Kerk voelbaar was. De Franse koningin-moeder Anna van Oostenrijk, zuster van de Spaanse koning Filips IV, probeerde de verkiezing van pro-Spaanse kardinalen te voorkomen. De Barberini-neven stonden aan tegenovergestelde zijden: Francesco Barberini steunde de Spaanse factie, terwijl Antonio Barberini, onder invloed van Jules Mazarin, de Franse belangen behartigde. Er werd gesuggereerd dat de Barberini's zelfs huurlingen hadden ingehuurd om de stad onrustig te maken en zo druk uit te oefenen op het conclaaf.

De Franse factie probeerde Giulio Cesare Sacchetti verkozen te krijgen, maar zijn kandidatuur werd uiteindelijk door Spanje verworpen. Na weken van onderhandelingen en politieke intriges werd Giovanni Battista Pamphili verkozen tot paus. Pamphili nam de naam Innocentius X aan en begon zijn pontificaat op 15 september 1644. Zijn verkiezing werd gezien als een overwinning voor de Spaanse factie, hoewel hij later ook afstand nam van de Barberini's, wat leidde tot hun tijdelijke ballingschap.

1644 Categorie:1644