De kaneelkleurige gordijnzwam (Cortinarius cinnamomeus) is een schimmel behorend tot de familie Cortinariaceae. Hij vormt ectomycorrhiza met loof- en naaldbomen, op zuur, voedsel- en humusarm zand of leem.NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen

Kenmerken Uiterlijke kenmerken Hoed De hoed is 3–7(9) cm breed, jong halfbolvormig tot gewelfd en later meer uitgespreid. Het oppervlak voelt zijdeachtig zacht en is fijn vezelig tot geschubd. De kleur is geel- tot kaneelbruin met oker- of olijftinten, in het midden vaak roodbruin en aan de rand wat geler.

Lamellen De lamellen zijn breed, staan dicht opeen en zijn breed tot smal aangehecht. Jong zijn ze oranje, later kaneel- tot roestbruin. De sneden zijn vaak lichter geel.

Steel De steel is 4–6(–8) cm lang en circa 0,8 cm breed. Hij is geelachtig en kan naar de basis toe olijfgroen getint zijn. Soms is hij bruinvezelig of gezoneerd. De steel is jong gevuld en later hol. Resten van het velum zijn rossig bruin gekleurd, die van de cortina gelig.

Vlees Het vlees is vaal geel in de hoed, in de steel geler. Geurt zwak naar jodoform, de smaak is mild.

Sporenprint De sporenprint is roestbruin.

Microscopische kenmerken De elliptische, fijnwrattige tot bijna gladde sporen meten 7–9 × 4,5–5 µm, de basidia 25 × 5–7 µm.

Verspreiding, ecologie en habitat thumb|Europees verspreidingsgebied De soort komt in Europa vooral op voedselarme, zure zand- en leembodems met een dunne strooisellaag. Vruchtlichamen verschijnen meestal van augustus tot en met oktober. Ze vormt ectomycorrhiza met loof- en naaldbomen, waaronder den, spar, eik en beuk.

In Nederland komt de kaneelkleurige gordijnzwam vrij zeldzaam voor.

Foto’s

Categorie:Gordijnzwammen Categorie:Schimmelsoort