Levy Ali Cohen (Meppel, 6 oktober 1817 – Groningen, 22 november 1889) was een Nederlandse arts en politicus.
Biografie
Jeugd en scholing De vader van Levy ALi Cohen was koopman in manufacturen in Meppel. Hij kreeg zijn onderwijs aan de Franse school en de Latijnse school. Ali Cohen studeerde vanaf 1836 vervolgens geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen en hier kreeg hij onder meer college van Theodorus van Swinderen en Jacob Baart de la Faille. Tijdens zijn studietijd was hij ook lid van de studentenvereniging GSC Vindicat atque Polit., "Ter gedurige herinnering": Leven en werken van Levy Ali Cohen 1817-1889 (Zutphen 2004) 14 & 21.
Maatschappelijke carrière Naast interesse in de medische wereld ontwikkelde Ali Cohen ook belangstelling in de natuurwetenschap. Zo publiceerde hij in 1842 de resultaten van zijn onderzoek naar fossielen in de Hondsrug.Nicolai, "Ter gedurige herinnering", 21. Hij was lid van diverse verenigingen en richtte zelf in 1846 de "Vereeniging van Groningsche Genees- en Heelkundigen" op. Ali Cohen solliciteerde diverse malen naar een functie van geneesheer, maar werd hier ook voor afgewezen. Daarnaast trachtte hij ook een academische betrekking te krijgen in Groningen, wederom zonder resultaat. Wek bouwde hij thuis een eigen huisartsenpraktijk uit., "Ter gedurige herinnering", 34.
Ali Cohen groeide ook uit tot een bekende persoonlijkheid in de joodse gemeenschap van Groningen. Zo hield hij zich bezig met de intellectuele ontwikkeling en beschaving van de gemeenschap. Daarnaast had hij een voorliefde voor de joodse letterkunde. Samen met Abraham Hartog Israëls richtte hij in 1842 het Genootschap voor Hebreeuwse Taal- en Letterkunde op., "Gronings roanticus en nationaal hervormer: de hygiënist Levy Ali Cohen", in: , Medische geschiedenis in regionaal perspectief: Groningen 1500-1900 (Rotterdam 1997) 106-107.
Hygiënisten Ali Cohen was van mening dat de maatschappelijke "stoornissen", uitbraak van epidemieën en hoge sterfte, werden veroorzaakt door de levenswijze van de mensen. De ervaringen die hij tijdens de cholera-uitbraak in 1848-1849 had opgedaan waren hiervoor beslissend in zijn ontwikkeling geweest., "Gronings romanticus en nationaal hervormer", 114. In 1852 verscheen het onderzoek dat Ali Cohen had uitgevoerd naar de gezondheidstoestand van Den Haag. Hierin wees hij op een aantal factoren die bepalend waren door de achteruitgang van de gezondheid in de stad, zoals gebrekkige riolering, giftige uitwasemingen van de grachten en verkrotting. Hij behoorde dan ook tot de groep artsen die zich "Hygiënisten" noemden., "Ter gedurige herinnering", 38 & 40. In de jaren 1850 verwierf Ali Cohen door middel van zijn publicaties enige bekendheid als voorstander van sanitaire hervormingen., "Grongs romanticus en nationaal hervormer", 120.
Politieke carrière Ali Cohen stelde zich in 1851 via de liberale kiesvereniging Vrijheid en Orde kandidaat voor de gemeenteraad. In 1864 werd hij lid van de gemeenteraad. Ali Cohen had in 1852 al zijn diensten aan Johan Rudolph Thorbecke aangeboden om een positie binnen de staatsgeneeskunde te kunnen bekleden. In februari 1853 kreeg hij samen met Jacobus Penn de opdracht om een wetsontwerp op dit gebied uit te werken. Door de val van het Kabinet-Thorbecke I naar aanleiding van de Aprilbeweging kwam hier niks van terecht., "Ter gedurige herinnering", 46.
In 1862 kwam Thorbecke opnieuw aan de macht en opnieuw wendde hij zich tot Ali Cohen die samen met Penn en Blom Coster de opdracht kregen voor het maken van een wetsontwerp. De Tweede Kamer behandelde de vier Geneeskundige Wetten pas in 1865 en Thorbecke wist alle vier de wetten aangenomen te krijgen., Thorbecke wil het: Biografie van een staatsman (Vijfde druk; Amsterdam 2020) 599-601. In deze wetten werd het oude Geneeskundig Staatsbestuur vervangen door een Staatstoezicht dat bestond uit inspecteurs en geneeskundige raden. Voor zijn inspannen kreeg Ali Cohen ook het ridderkruis van de Orde van de Nederlandse Leeuw en deed hij dienst als inspecteur van Geneeskundig Staatstoezigt, eerst in Drenthe en Overijssel en later in Friesland en Groningen. In 1876 vertegenwoordigde Ali Cohen ook de Nederlandse regering bij het Internationale Sanitaire Congres te Brussel., "Gronings romanticus en nationaal hervormer", 122.
Ali Cohen was een huisvriend van de familie Jacobs en hielp Aletta Jacobs om te beginnen aan de studie van leerling-apotheker in Groningen. In 1889 overleed hij aan een slopende "ruggemergsziekte"., "Ter gedurige herinnering", 50.
Geselecteerde bibliografie 1847: Waarom en hoe moet de wetenschap der natuur door den mensch worden beoefend? 1860: Algemene gezondheid en fabrijk-nijverheid: het verband tusschen beide, en de wijze waarop beider strijdige belangen kunnen worden overeengebragt 1872: Handboek der openbare gezondheidsregeling en der geneeskundige politie
Categorie:Nederlands medicus Categorie:Nederlands gemeenteraadslid Categorie:Nederlands ambtenaar