De oejezd Ozoergeti (Russisch: , ; Georgisch: , ) was een bestuurlijke eenheid in het gouvernement Koetais van het onderkoninkrijk van de Kaukasus van het Russische Rijk. Ozoergeti lag in het westen van het moderne Georgië en kwam overeen met de regio Goeria.
Geschiedenis Het Russische Rijk annexeerde vanaf 1810 het westen van Georgië, maar vond weerstand in de berggebieden maar ook de westelijker gelegen vorstendommen, waaronder Goeria en Mingrelië. Deze gebieden werden in de eerste helft van de 19e eeuw Russische protectoraten met vergaande autonomie.
Na de Russisch-Turkse Oorlog van 1828-1829 werd de autonomie van Goeria opgeheven, waarna het gebied opgenomen werd in de Russische bestuurlijke structuur. De Russisch-Turkse grens kwam op de zuidgrens van Goeria te liggen, met een grenspost bij Sjekvetili. De Russische grens verschoof verder naar het zuiden door de veroveringen op de Ottomanen in de oorlog van 1878-1879, waaronder het oblast Batoemi.
In 1840 werd de oejezd Goeria een van de elf provincies van het nieuwe gouvernement Georgië-Imeretië. In 1846 werd dit gouvernement gesplitst en werd Goeria onderdeel van het gouvernement Koetais. De naam wijzigde naar Ozoergeti, naar de hoofdstad van de oejezd. De onderwerping aan het Russische gezag viel niet goed onder de lokale bevolking, waarna in 1841 een opstand in Goeria uitbrak.
In 1902 begon in het dorp Nigoiti een grote socialistische boerenopstand tegen het tsaristische gezag, die zich over heel Ozoergeti verspreidde. De rebelse Goeriaanse Republiek werd uitgeroepen, maar deze werd na de Russische revolutie van 1905 neergeslagen. De opstand was de opmaat naar de Democratische Republiek Georgië.
Na de val van het tsaristische bewind in 1917 hield het gouvernement Koetais op te bestaan, maar de provincies bleven tot de bestuurlijke hervorming van de Sovjet-Unie in 1929-1930 bestaan, ook tijdens de onafhankelijke Democratische Republiek Georgië (1918-1921). In 1930 werd de provincie Ozoergeti opgeheven toen de nieuwe Sovjet-rajons werden opgericht. De drie oetsjastokken van de provincie werden de rajons Lantsjchoeti, Ozoergeti en Tsjochataoeri.
Economie miniatuur|Graanopslag in Goeria (medio 1880). De belangrijkste economische activiteit in Ozoergeti was destijds agrarisch van aard, met name landbouw vanwege de aanwezigheid van vruchtbare grond. De belangrijkste gewassen waren maïs, gomi (gierst), bonen, erwten, hennep en tabak. De tabaksteelt was aanzienlijk. In 1895 werd bijna 13.000 poed tabak geoogst. Daarnaast was er ook zijdeteelt, die lokaal werd verwerkt.
Dit was eind 19e eeuw de enige ambachtelijke productie van belang. Later kwam er productie van timmerhout op gang door de aanwezigheid van bossen. De wijnbouw was eind 19e eeuw teruggelopen door schimmelziekten en de tuinbouw was slecht ontwikkeld. De veeteelt was onbelangrijk. De geregistreerde handel met Turkije nam af gedurende de 19e eeuw, met name door de toename van smokkel.
In 1883 opende de spoorlijn Samtredia - Batoemi die door het noorden en westen van de Ozoergeti passeerde. De spoorlijn was onderdeel van de Transkaukasische spoorweg tussen Bakoe en de Zwarte Zee voor het vervoer van olie, maar ook Georgische mijnbouwproducten en had zes stations in Goeria. De spoorlijn stelde de Goerianen in staat elders te werken, in de kolenmijnen van Tkiboeli, de mangaanmijnen in Tsjiatoeri en de havens van Poti en Batoemi.
Geografie miniatuur|Station Soepsa (circa 1890) aan spoorlijn Samtredia - Batoemi. De oejezd Ozoergeti lag aan de Zwarte Zee in het zuidwesten van het kerngebied van het gouvernement Koetais en grensde in het zuiden eerst aan het Ottomaanse Rijk en vanaf 1878 aan de oblast Batoemi, dat door Rusland veroverd werd. Ten noorden van Ozoergeti lagen de oejezden Senaki en Koetais. De uiterst oostelijke hoek grensde aan de oejezd Achaltsiche van het gouvernement Tiflis. In 1912 was de provincie afgerond 1.899 vierkante werst groot (2.161 km²).
De noordwestelijke hoek van Ozoergeti was een moerassig laagland met lokale bossen, dat behoorde tot het Kolcheti-laagland. Het grootste deel van de provincie was bergachtig, oplopend naar de hoge bergkam van het Adzjarië-gebergte in het zuidoosten. Dit was tevens de natuurlijke grens met Achaltsiche en Batoemi. De berghellingen waren dicht bebost. Door de provincie stroomden vele kleine rivieren en er was veel neerslag. De Soepsa was de belangrijkste rivier in de provincie, door de centrale vallei van Ozoergeti.
Bestuurlijke indeling miniatuur|provinciehoofdstad Ozoergeti in 1878. De provincie Ozoergeti was oorspronkelijk onderverdeeld in twee districten (oetsjastok), ook wel politiedistricten genoemd, maar na verschillende wijzigingen werd medio 1888 de definitieve indeling ingevoerd van drie districten, Goeriantski (Ozoergeti), Lantsjchoetski en Tsjochataoerski. Deze werden de basis voor de hedendaagse gemeentelijke indeling. De nummers I tot en met III in de tabel verwijzen naar de nummers op de etnografische kaart in de infobox en de bijbehorende census van 1886.
Bestuurlijke onderverdeling oejezd Ozoergeti District Centrum Opp.(werst²) Inwoners 1886 1912 Ozoergeti (stad) 1.472 6.564 I Goeriantski Ozoergeti 606 19.390 20.585 II Lantsjchoetski Lantsjchoeti 465 26.442 38.658 III Tsjochataoerski Tsjochataoeri 828 28.542 37.603 Totaal 1.899 75.846 103.410Verantwoording data: Volkstelling Transkaukasus 1886; Kaukasische kalender 1913;
Demografie miniatuur|Goeriaanse militie tijdens de Russisch-Turkse Oorlog van 1877-1878. Volgens de Russische volkstelling van 1897 woonden er op dat moment 90.326 mensen in Ozoergeti. In 1912 waren dat er 103.410. Demografie van oejezd Ozoergeti Jaar Totaal Georgiërs Grieken Russen Turken 1886 75.846 75.562(99,6%) 19(0,4%) 83(0,1%) 182(0,2%) 1897 90.326 86.414(95,7%) 3.009(3,3%) 567(0,6%) 179(0,2%)Verantwoording data: Volkstelling Transkaukasus 1886; Russische volkstelling van 1897; Kaukasische kalender 1913;
Etniciteit en religie In het oejezd Ozoergeti woonden vrijwel alleen maar Georgiërs, allen Goerianen. Er woonden daarnaast enkele duizenden Pontische Grieken en enkele honderden Russen. Deze laatsten woonden vooral in hoofdstad Ozoergeti. Een gemeenschap Ottomaanse Turken woonde in het dorp Lichaoeri.
In lijn met de bevolkingssamenstelling gaf ruim 99 procent in de volkstelling van 1897 aan tot een Oosters-orthodoxe kerk te behoren. Het grootste deel van de rest was moslim (0,5 procent).
Zie ook Onderkoninkrijk van de Kaukasus (1801-1917)
Referenties
Categorie:Onderkoninkrijk van de Kaukasus (1801-1917)