De schuifsuikerpot, ook wel bekend als suikerdispenser, automatische suikerpot of Haagse suikerschuiver, is een suikerpot voor het gedoseerd uitgeven van kristalsuiker. Het ontwerp werd in de jaren dertig van de 20e eeuw ontwikkeld door de Nederlander Johannes Martinus Maria van den Broek. De pot werd vooral in Nederland populair in huishoudens en horecagelegenheden en stond bekend om zijn praktische schuifmechanisme.
miniatuur|272x272px|Allereerste bekende versie van de schuifsuikerpot uit circa 1930 Ontstaan Johannes Martinus Maria van den Broek werd op 28 mei 1896 geboren in Boxtel. Hij werkte, net als zijn vader, als koperslager. Tijdens zijn militaire dienst, vermoedelijk in de periode van de Eerste Wereldoorlog, kwam hij op het idee voor een mechanisme waarmee poedervormige of korrelige stoffen gedoseerd konden worden.
In 1919 verhuisde Van den Broek naar Den Haag, waar hij een winkel met werkplaats opende aan de Witte de Withstraat. Rond 1930 ontwikkelde hij de eerste versie van de automatische suikerpot. De pot werd vervaardigd uit koper, waarbij de beker op een forceerbank werd gevormd. Kleine onderdelen werden gestanst, vernikkeld en vervolgens gepolijst.
Werking De schuifsuikerpot werkt met een mechanisch schuifsysteem. Door een hendel of knop te bedienen, wordt een kleine hoeveelheid suiker uit het reservoir in een doseerbakje geschoven. Deze hoeveelheid komt ongeveer overeen met een theelepel suiker. Het systeem voorkomt knoeien en maakt nauwkeurig doseren mogelijk. miniatuur|173x173px|Kleine versie van het rechte model. Zeer zeldzaam. Op 28 oktober 1940 overleed J.M.M. van den Broek op 44-jarige leeftijd in Den Haag. Zijn vrouw zette de zaak voort samen met schoonzoon Frans van den Berg. Hij bracht veranderingen in het model van de suikerpot: van rechtopstaand naar een pot met een bollere buik voor een grotere inhoud.
Octrooi In 1931 vroeg Van den Broek octrooi aan op een: Inrichting voor het regelbaar afgeven van poedervormige of korrelige stoffen. Het octrooi werd in 1933 verleend onder nummer 30377 en bleef geldig tot 1 januari 1948.
Populariteit miniatuur|een Buikmodel schuifsuikerpot. De automatische suikerpot werd in de jaren dertig en veertig een bekend gebruiksvoorwerp. In 1935 bestelde de Indische maharadja van Pitiala tijdens een bezoek aan Nederland 24 verzilverde exemplaren voor zijn hofhouding.
Na het overlijden van Van den Broek in 1940 werd het bedrijf voortgezet door zijn vrouw en schoonzoon Frans van den Berg. In deze periode werd het ontwerp aangepast: de pot kreeg een bollere vorm, waardoor de inhoud groter werd.
Bebro en latere productie In 1951 trad zoon Toon van den Broek toe tot het bedrijf. De onderneming ging verder onder de naam Bebro, v/h J.M.M. van den Broek, een samentrekking van de namen Van den Berg en Van den Broek. miniatuur|Delftsblauwe keramieken suikerpot In 1958 werd het bedrijf overgenomen door Goessens, dat het voortzette onder de naam JeWeGo. In 1963 stopte JeWeGo met de productie van de metalen automatische suikerpot in Den Haag.
Ondertussen maakten schoonzoons P. Diekman en F. van den Berg in 1962 een doorstart in Ede. Zij produceerden de suikerpot eerst in aluminium en later in Delfts blauw aardewerk en diverse pasteltinten. Deze modellen werden verkocht onder de naam Tripet, een samentrekking van de namen van Diekmans kinderen: Trix en Peter. Deze productie stopte eveneens in 1963.
Verdwijning uit de markt In de jaren zestig en zeventig verschenen nog diverse merken op de markt, waaronder Corne Drost (Bennekom), Suko, Come en Superfortal (Nunspeet). Uiteindelijk stopten alle producenten met de fabricage van de schuifsuikerpot.
Vanaf de jaren zeventig waren de potten voornamelijk nog tweedehands te vinden, onder meer op rommelmarkten en later via online marktplaatsen.
Herintroductie In 2024 werd de schuifsuikerpot opnieuw in productie genomen door een Zandvoortse ondernemer Albert van Kouwen.
Categorie:Huishoudelijke apparatuur Categorie:Suiker