Het reliekschrijn voor de arm van Karel de Grote, ook wel armreliekhouder van Karel de Grote (Frans: reliquaire du bras de Charlemagne), is een middeleeuws reliekschrijn dat volgens de overlevering een bot bevat van de arm van Karel de Grote. Het schrijn van verguld koper en zilver werd omstreeks 1167 vervaardigd in een Maaslands atelier, werd vervolgens eeuwenlang bewaard in de schatkamer van de Dom van Aken en bevindt zich tegenwoordig in het Louvre in Parijs (inv.nr. MR 347). Het wordt beschouwd als een meesterwerk van Maaslandse edelsmeedkunst.
Geschiedenis Het schrijn werd vervaardigd in opdracht van keizer Frederik I Barbarossa (1152-1190). Het was bedoeld als reliekhouder voor een bot van de arm van Karel de Grote, dat tijdens diens heiligverklaring in 1165 was verwijderd uit zijn graftombe (zie Karelsschrijn). Het is daarmee de oudste bewaard gebleven reliekhouder die verband houdt met de cultus van deze omstreden heilige. Vanwege de herkomstplaats Aken en de vele overeenkomsten met andere twaalfde-eeuwse kunstvoorwerpen, staat vast dat het schrijn een werkstuk is van een Maaslands atelier. Door sommige kunsthistorische is Godfried van Hoei genoemd als maker, maar daarvoor bestaat geen bewijs. Het Louvre noemt zonder verdere toelichting zowel Luik als Keulen als ontstaanslocaties, maar onduidelijk is waarop dat gebaseerd is. 'Reliquaire du bras de Charlemagne' en 'Plaque remontée en 1937 sur le bras-reliquaire MR 347' op collections.louvre.fr, geraadpleegd 22 februari 2026.
Over de exacte bewaarplaats in de Dom van Aken is niets bekend. Evenmin is bekend of het voorwerp op bepaalde dagen een functie had in de liturgie, bijvoorbeeld op de feestdag van Karel de Grote op 28 januari. In 1794 werd Aken tezamen met de Zuidelijke Nederlanden, het Prinsbisdom Luik en de overige op de westelijke Rijnoever gelegen Duitse landen bezet door troepen van de Eerste Franse Republiek. Nog in hetzelfde jaar werden enkele kerkschatten van de Akense Dom, inclusief het schrijn met het armreliek van Karel de Grote, weggevoerd naar Parijs. De meeste schatten waren tijdig in veiligheid gebracht in het cisterciënzerklooster van Paderborn. Het Akense domkapittel werd kort daarna opgeheven, de dom zelf werd geplunderd en ingericht als paardenstal. Pas na het concordaat tussen de paus en Napoleon in 1882 kreeg de dom zijn religieuze functie terug.
In 1802 schonk de door Napoleon aangestelde bisschop van Aken, Marc-Antoine Berdolet, het schrijn (en enkele andere voorwerpen, waaronder de talisman van Karel de Grote) aan Joséphine de Beauharnais, de echtgenote van Napoleon, toen zij de Akense kuurbaden bezocht. Dit gebeurde uit dankbaarheid voor Napoleons bemoeienis om de elders in veiligheid gebrachte kerkschat van Aken terug te bezorgen. Hortense de Beauharnais erfde het schrijn en de talisman van haar moeder. De talisman belandde via keizerin Eugénie de Montijo in 1919 in het Paleis van Tau in Reims. Het schrijn werd in 1825 door de Franse staat aangekocht van de collectioneur ridder Edme-Antoine Durand (1768-1835), waarna het werd opgenomen in de collectie van het Louvre, afdeling Kunstvoorwerpen uit de Middeleeuwen, Renaissance en Moderne Tijd (inv.nr. MR 347). Anno 2026 is het voorwerp onderdeel van de permanente museumcollectie en te zien in zaal 502 op de eerste verdieping van de Richelieuvleugel. 'Reliquaire du bras de Charlemagne' op collections.louvre.fr, geraadpleegd 22 februari 2026.
Beschrijving De armreliekhouder van Karel de Grote heeft een voor die tijd en voor dit reliek ongebruikelijke vorm, namelijk een kistje, in plaats van de gebruikelijke vorm van een nagebootste arm, een zogenaamd 'sprekend reliek', zoals de Thomasarm in Maastricht, die echter veel jonger is. Het schrijn, met een lengte van 54,8 cm, een breedte van 13,5 cm en een hoogte van 13,6 cm, bestaat uit een eikenhouten kist met een op drie plaatsen scharnierend deksel. De kist is bekleed met platen van verguld zilver die door middel van verschillende edelsmeedtechnieken zijn bewerkt. Het totale gewicht bedraagt 3,470 kg. De kwaliteit van het vakmanschap is hoog, met name het drijf- en repousseerwerk, het stempel- en stanswerk en het email in de voor het Maasland kenmerkende champlevé-techniek. De portretbustes van de heiligen en wereldlijke vorsten, afgebeeld onder een rondboogarcade, is de repoussé-techniek toegepast, waarbij een metalen plaat (hier verguld zilver) aan de achterzijde wordt bewerkt om aan de voorzijde een reliëf te creëren. In de boogvelden van de arcaden bevinden zich kleurrijke plaquettes van champlevé op verguld koper.Legner/Dumont (1972), p. 244: 'De armreliekhouder van Karel de Grote'.
De iconografie wordt sterk bepaald door het streven van keizer Frederik Barbarossa om de Hohenstaufense dynastieke aspiraties te legitimeren. Op de lange en korte zijden van het schrijn liet hij zichzelf afbeelden temidden van familieleden en Karolingische en Ottoonse keizers. Elke figuur wordt geïdentificeerd door een Latijnse inscriptie. Op de voorzijde zijn de maagd Maria en het kindje Jezus afgebeeld, geflankeerd door de twee aartsengelen Michaël (S[an]C[tu]S MICHAEL) en Gabriël (S[an]C[tu]S GABRIEL), en aan de buitenzijde Barbarossa zelf (FREDERIC ROMANOR I[m]P[er]ATOR AVG) en zijn vrouw Beatrix I van Bourgondië (BEATRIX ROMANOR I[m]P[er]ATRIX AVGA). Op de achterzijde is Jezus centraal afgebeeld tussen de apostelen Petrus (SCS PETRVS) en Paulus (SCS PAVL[us]), die op hun beurt geflankeerd worden door Barbarossa's voorganger, keizer Koenraad III (CONRAD II ROMANOR REX), en Barbarossa's vader, hertog Frederik II van Zwaben (FREDERIC DVX SVAVORV). Op de korte zijden zijn roemruchte vertegenwoordigers van eerdere dynastieën afgebeeld: op de ene zijde de karolinger Lodewijk de Vrome (LVDOVICO I[m]PERATO[r] PIV) en op de tegenoverliggende zijde de ottoon keizer Otto III (OTTO MIRABILIA MV[n]DI). Aan de onderzijde van het deksel bevindt zich een zilveren plaat met gepointilleerde decoraties en een langere inscriptie: BRACHIVM SCI T GLORIOSI[S]SIMI INPERATORIS KAROLI ("arm van de heilige en meeste glorieuze keizer Karel").
Kunsthistorische analyse Het schrijn voor het armreliek van Karel de Grote wordt gezien als een meesterwerk van middeleeuwse metaalbewerking, typerend voor de bloeitijd van de Maaslandse edelsmeedkunst in het derde kwart van de twaalfde eeuw. Kunsthistorici hebben een sterke verwantschap vastgesteld met het kruistriptiek van Sainte-Croix, afkomstig uit de Luikse kapittelkerk van het Heilig Kruis, thans in het museum Grand Curtius. Niet alleen de bas-reliëfs van onder rondbogen geplaatste figuren zijn op vergelijkbare wijze vormgegeven, maar ook de subtiel gekleurde champlevé-emails en de gestanste sierranden met omkranste en gestippelde rosetten. Dat het schrijn Maaslands is, is min of meer onomstreden. Alleen de Duits-Britse kunsthistoricus Peter Lasko meende dat het schrijntje in het Rijnland is ontstaan, vanwege overeenkomsten met het Driekoningenschrijn en andere Keulse schrijnen.Kroos (1985), pp. 100-101: 'Der Reliquienkasten für den Arm Karls d. Gr. (Paris, Louvre)'.
Enkele kunsthistorici, waaronder Joseph de Borchgrave d'Altena, conservator van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, zagen overeenkomsten met het Hadelinusschrijn in Wezet, wat volgens Renate Kroos gezien de relatief ver uit elkaar liggende jaren van totstandkoming niet voor de hand ligt. Meerdere kunsthistorici volgden de Duitse kunstkenner en museumdirecteur Otto von Falke in zijn vermoeden dat het armreliekschrijn een product was van een te Maastricht gevestigd atelier, dat ook gedeeltelijk verantwoordelijk was voor de Noodkist (in casu de oudere delen van het schrijn, toegeschreven aan de zgn. 'Paulusmeester').Kroos (1984), p. 120. Dietrich Kötzsche opteerde voor een Luiks atelier, gezien de verwantschap met het kruistriptiek. Kroos concludeerde dat het voor werkstukken uit de omgeving Aken-Maastricht blijkbaar lastig kiezen is tussen een Maaslandse herkomst en een Rijnlandse, voor zover daartussen al verschillen bestaan.
Zie ook Barbarossaluchter Karelsschrijn Talisman van Karel de Grote
Bronvermelding en noten
Karel de Grote Categorie:Christelijke kunst Categorie:Edelsmeedkunst Categorie:Maaslandse kunst Categorie:12e-eeuwse beeldende kunst Categorie:Dom van Aken Categorie:Kunstwerk in het Louvre