Frédéric Chopin schreef tussen 1827 en 1846 21 nocturnes voor solo piano. Deze worden algemeen beschouwd als enkele van de mooiste korte solowerken voor het instrument en nemen een belangrijke plaats in binnen het hedendaagse concertrepertoire. Hoewel Chopin de nocturne niet heeft uitgevonden, heeft hij deze wel gepopulariseerd en verder ontwikkeld, voortbouwend op de vorm die was ontstaan bij de Ierse componist John Field.
Chopins nocturnes 1 tot en met 18 werden tijdens zijn leven gepubliceerd, in groepjes van twee of drie, in de volgorde van compositie. Nummer 19 en 20 werden echter eerder geschreven, vóór Chopins vertrek uit Polen, maar werden postuum gepubliceerd. Nummer 21 had oorspronkelijk helemaal niet de titel "nocturne", maar sinds de publicatie ervan in 1938 wordt het doorgaans wel opgenomen in publicaties en opnames van de reeks.
Categorie:Muziekalbum uit 1951 Categorie:Muziekalbum uit 1967