Seraphine, Louise Marie, Zoete (Sint Andries, 23 augustus 1907 - Amstetten, 20 maart 1945) was tijdens de Tweede Wereldoorlog actief als weerstander, samen met haar echtgenoot Fritz Vincke.

Ze overleed als politiek gevangene in het concentratiekamp Mauthausen.

Persoonlijk leven In 1930 trouwde Seraphine met Godfried (Fritz) Vincke. Ze baatten samen een tuinbouwbedrijf uit in de Batterijstraat in Klemskerke.

Het koppel kreeg vijf kinderen, Michel, Paulette, Philip en Bernard. Het vijfde kindje stierf aan een maand oud (wiegendood). Na het overlijden van beide ouders werden de kinderen opgevoed door Zoete haar zus, Suzanne.

Tweede Wereldoorlog Samen met haar echtgenoot en tal van familieleden en vrienden was Zoete actief in de weerstand. Het hoofddoel was inlichtingen verzamelen en doorspelen.

Verzet Al in 1941 was ze lid van het Geheim Leger, schuiloord Blankenberge. Op dat moment was ze de enige vrouw in de sectie "Coq/mer-Klemskerke-Vlissegem". Ze had toen de graad van soldaat-recruteur.

Later trad ze ook in de groep Bayard waar ze het laatste lid in de sectie van Fritz Vincke zal zijn. Op 1 april 1943 had ze de rang van adjudant reeds gekregen. Ze diende als koerierster voor de regio Oostende en de oostkust.

Seraphine Zoete wilde vooral inlichtingen inwinnen, maar vermoedelijk had ze een FN 1922 pistool met ivoren handgrepen. Dit handvuurwapen werd teruggevonden in de jaren 1960 bij werken aan het huis waar het koppel tijdens de oorlog woonde.

Zoon Michel Vincke zou zich later herinneren dat Seraphine gegevens die Fritz verzameld had neerschreef in Chinese inkt op 'speciaal papier dat niet verfrommelde' om het vervolgens in de kledij van koeriers te verbergen.

Gevangenschap Het koppel werd door de Duitsers gevangengenomen. Seraphine Zoete was met twee van haar kinderen op bezoek bij een tandarts in Brugge toen ze op 8 september 1943 werd opgepakt. Aanvankelijk werd ze, net als haar echtgenoot, in Gent opgesloten. Ze werd samen met haar schoonzus, Yvonne Vincke, naar Gross-Strehlitz overgebracht om vervolgens naar Mauthausen te worden getransporteerd. Daar droeg men haar op om samen met 350 andere vrouwen puin op te ruimen na een bombardement op een belangrijk knooppunt.

Op 19 maart 1945 werd ze verwond door een nieuw bombardement. Er kwam een stuk shrapnel in haar hoofd terecht en ze overleed de volgende dag op 20 maart 1945 aan haar verwondingen.

Verraad De Familie Vincke had een brievenbus voor inlichtingen in een trap bij de bloemenzaak van Yvonne Vincke, de schoonzus van Seraphine Zoete. Een koerierster moest de inlichtingen doorsturen. Die koerierster, Germaine Funfshilling, had een relatie met Firmin Demey die de Nieuwe Orde aanhing en via Funfshilling bewijsmateriaal tegen de familie verzamelde.

In 1948 werd Germaine Funfshilling schuldig bevonden aan verklikking met veel doden tot gevolg, ze werd hiervoor veroordeeld. In 1953 wordt ze door de Franse militaire rechtbank beschuldigd van de deportatie van een 80-tal mensen, waarvan 41 mensen nooit teruggekeerd zijn.

Herdenking Seraphine Zoete werd opgenomen in de 'Ruimte van Namen' bij de memorial van Mauthausen.

Daarnaast zijn er enkele straten naar haar vernoemd. In De Haan is er de Vincke-Zoetelaan, in Bredene de Seraphine Zoetestraat.

Ze kreeg postuum de erkenning van Adjudant en van 'Inlichtings- en actieagent' van de Belgische staat.

Referenties

Categorie:Verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog