Xiangyunloong is een geslacht van basale plantenetende sauropodomorfe dinosauriërs dat tijdens de vroege Jura leefde in het gebied van het huidige China. De enige benoemde soort is Xiangyunloong fengming.
Vondst en naamgeving In de eenentwintigste eeuw groeven Zhu Liurong, Yue Shukai en Yue Shuyong van het Yunnan Institute of Geological Survey en het Bureau and Natural Resources een skelet op bij Daaonai, nabij Luming in het district Xiangyun van de Dali Bai Autonome Prefectuuur in het westen van Yunnan. Bij preparatie bleek het om een nog onbekende soort te gaan.
In 2026 werd de typesoort Xiangyunloong fengming benoemd en beschreven door Hu Shaobin, Wang Yanchao, Mo Xiong, Zhang Xiaoqin, Zeng Wentao, Wang Tao, Sun Zaibo, Dong Qixing, Guan Qi, Liu Yihong, Zheng Yushen, Bing Yin, Wang Yaming en You Hailu. De geslachtsnaam combineert een verwijzing naar Xianglun, wat op zich "voorspoedige wolken" betekent, met het Chinees "龙", loong of long, "draak". De soortaanduiding weerspiegelt de Chinese traditie om grote eruditie te tonen. Fengming betekent zingende feniks, wat weer verwijst naar het feit dat vogels dinosauriërs zijn. Tegelijk verwijst het naar Luming wat "roepend hert" betekent. Daarnaast was Fengmin de geboortenaam van meester Lin Fengmian, de oprichter van de China Academy of Art, waarvan de staf nauw betrokken was in het onderzoeksproject.
Het holotype, YDDY 10001-10041, is gevonden in een bovenste laag van de onderste afzetting van de Fengjiaheformatie die dateert uit het Hettangien. Het bestaat uit een gedeeltelijk skelet zonder schedel. Het bewaart drie halswervels, vijf ruggenwervels, vijftien staartwervels, ribben, een tiental chevrons, een linkerdarmbeen en een rechterzitbeen.
Beschrijving
De lengte van Xiangyunloong werd in 2026 geschat op negen à tien meter. Het taxon is daarmee een van de grootste vroege sauropodomorfen van China.
De beschrijvers stelden een aantal onderscheidende kenmerken vast. Twee ervan zijn autapomorfieën, unieke afgeleide (dus nieuwe) eigenschappen. Het midden van de doornuitsteeksels van de halswervels zijn zijwaarts verbreed. Het darmbeen heeft boven het heupgewricht een horizontaal verkorte, maar zijwaarts en naar onderen uitwaaierende kam.
Daarnaast is er een unieke combinatie van op zich niet unieke kenmerken. Bij de ruggenwervels is de hyposfeen, het centrale secundaire gewrichtsuitsteeksel van de achterzijde, net zo hoog als de opening van het ruggenmergkanaal. Het doornuitsteeksel van de achterste ruggenwervel heeft een sterk ontwikkelde achterste hoek. De eerste staartwervel heeft een trog tussen het voorste gewrichtsuitsteeksel en de richel op het zijuitsteeksel.
Een vergelijking met Yimenosaurus en Yunnanosaurus viel lastig te maken omdat hun fossiel materiaal niet beschikbaar bleek. Xiangyunloong heeft in ieder geval een kortere nek.
Fylogenie Xiangyunloong werd binnen de Sauropodomorpha in de Massopoda geplaatst, in een polytomie of "kam" met de twee soorten van Xingxiulong.
Levenswijze Xiangyunloong staat vrij hoog in de stamboom, relatief dicht bij de Sauropoda. De beschrijvers geven aan dat ze getroffen werden door twee overeenkomsten die dat weerspiegelen. De zevende, negende en elfde ruggenwervel hebben een hoge hyposfeen. Die heeft weliswaar nog een tamelijk simpele bouw, maar het uitsteeksel versterkt de ruggengraat tegen verzakken en lijkt dus een aanpassing voor een verhoogd lichaamsgewicht, een voorafschaduwing van het gigantisme van de sauropoden. De tweede overeenkomst bevindt zich in het systeem van richels, laminae, in de staartwervels. Dat wordt bij sauropoden in toenemende mate complexer en daarvan zien we bij Xiangyuloong de eerste sporen. Hij toont als meest basale bekende sauropodomorf een fossa prezygapophysealis centrodiapophysealis (een mogelijke extra autapomorfie) en als enige Chinese basale vorm een lamina centrodiapophysealis anterior en een lamina centroprezygapophysealis. Een derde overeenkomst is een hoog ruggenmergkanaal als bij de sauropodiform Pulanesaura.
De beschrijvers zagen er van af een exacte gewichtsschatting, gezien het gebrek aan fossiel materiaal van de ledematen uit de doorsnede waarvan het gewicht geëxtrapoleerd zou moeten worden. Het was echter duidelijk dat het dier zeker enkele tonnen gewogen zou kunnen hebben. De bouw van de staartwervels zou een langere staart hebben mogelijk gemaakt om de romp te heffen ter compensatie van de kortere nek. Dat past bij een tweevoetige gang. Xiangyunloong was dus volgens de beschrijvers nog niet overgegaan op een viervoetige gang.
Literatuur
Categorie:Sauropodomorpha