Lectio brevior potior (Latijn voor "de kortere lezing is sterker"), vaak afgekort tot lectio brevior, is een van de uitgangspunten van de tekstkritiek, met name de tekstkritiek van de Bijbel. Dit uitgangspunt is gebaseerd op de opvatting dat schrijvers eerder geneigd waren om de tekst te verfraaien en te harmoniseren door toevoegingen en inlassingen (interpolaties) dan een tekst te verkorten door weglatingen (omissies). Daarom wordt bij het vergelijken van twee of meer handschriften van dezelfde tekst aangenomen dat de kortere lezingen waarschijnlijk dichter bij het origineel liggen (de autograaf).

Wanneer er in de geschiedenis van de overlevering van handschriften echter sprake was van een bewuste poging om de tekst te ontdoen van latere toevoegingen (zoals bijvoorbeeld het geval is bij de Alexandrijnse uitgaven van Homerus), kan de kortere lezing het gevolg zijn van een dergelijke herziening, waarbij legitieme oudere lezingen zijn weggelaten omdat ten onrechte werd aangenomen dat het om latere toevoegingen ging. Maurice A. Robinson stelde dat schrijvers in de praktijk niet de gewoonte hebben om teksten voortdurend uit te breiden, maar deze juist vaak inkorten vanwege onopzettelijke weglatingen of het bewust schrappen van passages die als moeilijk worden ervaren, en dat dit principe daarom moet worden losgelaten.

Zie ook Lectio difficilior potior ("de moeilijkere lezing is sterker") Westerse non-interpolaties

Categorie:Bijbelwetenschap Categorie:Latijnse uitdrukking Categorie:Tekstkritiek