Albertus Petrus Johannes (Bert) van der Burg (Utrecht, 11 juli 1914 – Asperen, 5 februari 2002) was een Nederlands arts en verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Biografie Van der Burg werd geboren in Utrecht als zoon van Jan Hendrik van der Burg en Bertje Elisabeth Nieuwenhuizen. Hij studeerde geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. In 1936 behaalde hij aldaar zijn kandidaatsexamen. In 1937 richtte hij in Utrecht een nieuwe scoutinggroep op, de Tuindorpgroep. In 1939 behaalde hij zijn doctoraal examen geneeskunde en in 1940 het examen semi-arts. Het artsexamen behaalde hij in 1941.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij lid van de Bond van Jong-Liberalen. Op 14 mei 1940, de dag van de Nederlandse capitulatie, stak hij alle administratie van de bond die hij als administrateur in zijn bezit had, waaronder ledenlijsten, in de brand. Samen met Klaas Stempels, Wim Eggink en Douwe Feikema richtte hij het verzetsblad Slaet op den Trommele op. Toen Eggink als secretaris van het hoofdbestuur terugtrad, nam Van der Burg dit over. In 1944 was hij als arts waarnemer voor Ada van Rossum, nadat zij was opgepakt wegens de illegale zendpost in haar woning in de Boothstraat.
Van der Burg was de enige oprichter van het verzetsblad die de oorlog overleefde, dankzij een waarschuwing die Eggink hem vanuit de gevangenis stuurde.
In 1945 werd hij waarnemend secretaris-penningmeester van het hoofdbestuur van de Bond van Jong-Liberalen.
Van der Burg vestigde zich als internist in Den Haag en later in Rijswijk. In 1952 promoveerde hij aan de Universiteit Utrecht op het proefschrift Capillairresistentie. Hij bleef lang actief binnen Scouting. In 1964 werd hij als hoofdkwartiers-commissaris der zeeverkenners opgevolgd door H.A.W. Goossens. Van 1966 tot 1978 was Van der Burg wethouder in Rijswijk.
Van der Burg overleed op 5 februari 2002 in Asperen.
Onderscheiding
Officier in de Orde van Oranje-Nassau
Categorie:Nederlands verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog Categorie:Nederlands medicus Categorie:Nederlands wethouder