Madeleine Tulou (Lyon, circa 1698 - 1777) was een Franse sopraan.
Tulou was de dochter van een slager in Lyon. Ze reisde als twintigjarige naar Parijs om te gaan werken bij de Opéra. Haar debuut vond plaats in 1718: zij zong de rol van Florise in Les Ages, een ballet van André Campra. Ook hierna kreeg ze vooral kleine rollen toebedeeld, maar in maart 1724 zong ze in Amadis de Grèce van André Cardinal Destouches de belangrijke rol van Niquée.
In 1724 keerde ze om onbekende redenen terug naar haar geboortestad Lyon. Hier vond zij werk bij het professionele operagezelschap Académie de Musique en bij het amateurgezelschap Académie des Beaux-Arts. Haar succes nam toe en in de jaren 30 was zij te horen in de hoofdrollen van diverse bekende opera's, waaronder Alceste en Armide van Jean-Baptiste Lully. Daarnaast gaf zij privéconcerten in het huis van de gouverneur Louis Nicolas de Neufville.
Op 19 juli 1731 huwde ze Louis Joseph Lépagnol genaamd Blanc.
In 1741 vertrok Tulou samen met haar geliefde naar Parijs, waar ze opnieuw werd aangenomen bij de Opéra. Opmerkelijk genoeg belandde ze in het koor. Politie-inspecteur Jean-Baptiste Meusnier zou hier in 1753 over opmerken dat Tulou in het koor was geplaatst omdat ze kennelijk te 'machtig' was geworden.Meusnier schreef een rapport over artiesten in Parijs vanwege zorgen bij tijdgenoten over het moreel verval binnen deze beroepsgroep. Tulou was een van de artiesten die door hem werd onderzocht. Mogelijk waren haar collega's bang voor de concurrentie van deze populaire zangeres uit Lyon en degradeerden ze haar daarom tot koorlid.
In 1753 ging Tulou met pensioen.
Categorie:Frans zanger