Het Kasteel van Grave stond in de Nederlandse stad Grave, provincie Noord-Brabant. Het 12e-eeuwse kasteel is in 1674 afgebroken. Het enige zichtbare deel van het kasteel dat behouden is gebleven, is het in oorsprong 16e-eeuwse Arsenaal op de voormalige voorburcht.

Geschiedenis In de 12e eeuw had de familie Van Cuijck zijn residentie in het kasteel van Cuijck. Herman II van Cuijck raakte echter in 1133 betrokken bij de moord op Floris de Zwarte en uit wraak verwoestten keizer Lotharius en graaf Dirk VI zijn kasteel in Cuijk.

Toen Herman uit ballingschap terugkeerde mocht hij zijn kasteel weer herbouwen, maar hij liet Cuijk links liggen en koos voor een strategische locatie bij de monding van het riviertje de Raam. Rond 1145 bouwde hij daar samen met zijn broer Godfried het nieuwe kasteel, dat voortaan dus het centrum was van de heerlijkheid Land van Cuijk.

Naast dit nieuwe kasteel ontstond de nederzetting Grave. Jan I (1230-1308) liet rond 1290 het groeiende stadje voorzien van grachten en een stenen ommuring. Het kasteel zelf werd niet alleen versterkt maar ook in de ommuring opgenomen.

Eigendom van Gelre Johanna van Cuijck (1365-1426) deed rond 1400 afstand van Grave ten gunste van de Gelderse hertog Willem, die nu door de hertog van Brabant met Grave werd beleend. Willem stelde een plaatsvervanger aan om het kasteel te beheren.

Het kasteel was overigens niet alleen de verblijfplaats voor de eigenaar. Ook diverse bestuurlijke functies waren in het slot ondergebracht: de Graafse Hoge Vierschaar, het stadsbestuur, de ambtman en de schout zetelden allen in het kasteel. Verder deed het kasteel dienst als gevangenis.

Arnold van Egmond miniatuur|Kasteel van Grave tijdens de belegering van 1586Na het overlijden van hertog Reinald IV van Gelre in 1423 werd het kasteel bezet door Jan van Buren. In het kasteel bevonden zich Reinalds dertienjarige opvolger Arnold van Egmond (1410-1473) en zijn broer Willem. Door hen gevangen te nemen, wilde Jan een staatsgreep plegen. Dit mislukte echter en de twee jongens werden ontzet, waarna Arnold tot hertog van Gelre werd benoemd.

Tussen hertog Arnold en zijn zoon Adolf (1438-1477) ontstond een strijd om de macht. In 1465 was Adolf gevangen gezet door zijn zoon. Met hulp van Karel de Stoute herwon hij in 1471 weer de macht in Gelre. Hij overleed op 23 februari 1473 in eenzaamheid op het kasteel van Grave. Floris van Egmond In 1517 werd Floris van Egmond, graaf van Buren (1470-1539), pandheer van Grave en het Land van Cuijk. Via zijn kleindochter Anna van Buren (1533-1558) kwamen het kasteel en de heerlijkheid terecht bij Willem van Oranje (1533-1584), die er in 1559 mee werd beleend door koning Filips II. miniatuur|Het kasteel op een kaart uit 1649 Floris had het kasteel grootschalig laten verbouwen en uitbreiden. Op de voorburcht werden de oude gebouwen vervangen door een L-vormige nieuwbouw.

Verwoesting In 1674 werd Grave door troepen van de Republiek belegerd, waarbij het kasteel werd verwoest. De restanten van de hoofdburcht werden na enkele jaren gesloopt. Grave kreeg nieuwe vestingwerken volgens een plan van Menno van Coehoorn. In 1694 verrezen op het voormalige kasteelterrein het bastion Kasteele en een 'kat' met vijf kazematten. De gebouwen op de voorburcht werden in gebruik genomen als arsenaal, magazijn en stallen. In 1689 werd het kruithuis gebouwd.

In 1874 werd de vesting opgeheven. Het bastion verdween en de locatie werd onderdeel van een stadspark; in het gebouwencomplex kwam een psychiatrische kliniek. Vanaf 1973 was het complex in gebruik als gevangenis en in 2001 kwamen er commerciële functies in.

Beschrijving Het oorspronkelijke kasteel uit 1145 bestond uit een woontoren. In de 16e eeuw is het middeleeuwse kasteel stevig verbouwd en uitgebreid, met als resultaat een groot rechthoekig gebouw onder een zadeldak, met arkeltorentjes op de vier hoeken, en een ronde toren met spitsdak. Het kasteel beschikte over een eigen kapel. Rondom het gebouw stond een weermuur met torens op elke hoek. Aan de voorzijde bevond zich het poortgebouw. Rondom het kasteel lag een slotgracht.

Op de voorburcht stonden de bijgebouwen die aanvankelijk met rieten daken waren bekleed. Floris van Egmond liet deze tussen 1521 en 1534 vervangen door een groot L-vormig gebouw van baksteen met speklagen van mergel.

Het voormalige kasteelterrein ligt tegenwoordig onder de heuvel De Kat. Het 16e-eeuwse L-vormige gebouw is eind 17e eeuw als arsenaal behouden. De vijf kazematten zijn eveneens behouden gebleven.

Categorie:Verdwenen kasteel in Nederland Categorie:Kasteel in Noord-Brabant Categorie:Bouwwerk in Land van Cuijk