De Faubourg Saint-Antoine is een oude buitenwijk van Parijs, nu gelegen in het 11e en 12e arrondissment. De hoofdas, rue du Faubourg Saint-Antoine, loopt min of meer oost-west tussen Place de la Bastille en Place de la Nation. De Rue de Charonne, iets noordelijker, is een andere as.
Geschiedenis Als buitenwijk begon de Faubourg Saint-Antoine buiten de Porte Saint-Antoine, onderdeel van de 14e-eeuwse stadsmuren. De naam verwees naar de in 1204 gestichte cisterciënzerinnenabdij Saint-Antoine-des-Champs. De landelijkheid belette niet dat er zich nijveraars vestigden. Dit werd gestimuleerd door de belastingvrijstelling die koning Lodewijk XI in 1471 verleende. De wijk stond bekend om zijn houtbewerkers, meubelmakers, textielproducenten en schoenmakers.
In 1625 kreeg de wijk een gebedshuis. Deze chapelle Saint-Marguerite hing aanvankelijk af van de Église Saint-Paul, maar werd in 1712 een zelfstandige parochie.
In 1652 vond de Slag bij Faubourg Saint-Antoine plaats tussen het koninklijk leger van Turenne en de troepen van de Fronde, onder bevel van Condé.
Uit de ambachtelijke activiteiten in de wijk groeiden in de 18e eeuw manufacturen. De arbeidersbevolking liet zich geregeld gelden. In mei 1750 was de Faubourg Saint-Antoine een haard van de revolte tegen Lodewijk XV. In de aanloop naar de Franse Revolutie braken er dodelijke onlusten uit en werd de residentie van de behangfabrikant Jean-Baptiste Réveillon vernield. De naam van de woelige wijk werd in die jaren gewijzigd naar Faubourg-de-Gloire. Tijdens de Julirevolutie van 1830 werden er barricaden opgeworpen. Toen in 1848 de beloften van de Februarirevolutie niet werden ingelost, nam de Faubourg Saint-Antoine volop deel aan het Junioproer. Inwoners bemanden de laatste barricade die standhield tegen Cavaignac, alvorens ook zij genadeloos werden neergeslagen.Philippe Darriulat, L'Acropole des va-nu-pieds. Juin 1848: l'insurrection et ses conséquences vues du Faubourg Saint-Antoine, Champ Vallon, 2026.
In de 19e eeuw stelde de meubelmakerij en de ébénisterie vele duizenden arbeiders te werk in de Faubourg Saint-Antoine. Tot vandaag laat dit zijn sporen na in de talrijke meubelzaken en in enkele scholen voor toegepaste kunst.
Literatuur Jean Diwo, Les Dames du Faubourg, 3 dln., Denoël, 1984-1988 Raymonde Monnier, Le Faubourg Saint-Antoine, 1789-1815, Société des études robespierristes, 1981 Jean-H. Prat, Histoire du Faubourg Saint-Antoine, Editions du Tigre, 1963
Voetnoten
Categorie:12e arrondissement (Parijs) Categorie:11e arrondissement (Parijs)