De dame met het hondje (Frans: )Het schilderij staat ook bekend als Portret van mevrouw Ernest Feydeau. is een schilderij uit 1870 van Carolus-Duran. Sinds 1875 maakt het deel uit van de collectie van het Museum voor Schone Kunsten in Rijsel.
Voorstelling Dit levensgrote portret toont Léocadie Boguslawa Zelewska (1838–1924), echtgenote van de schrijver en bankier Ernest-Aimé Feydeau en moeder van Georges Feydeau, die als toneelschrijver furore zou maken. Ze draagt een luxueuze japon die is ontworpen door het Parijse modehuis van Charles Frederick Worth. De creaties van Worth stonden in deze periode in hoog aanzien bij de high society en fungeerden regelmatig als inspiratiebron voor toonaangevende schilders. De virtuoze weergave van de zware plooival en de textuur van de stof getuigt van de grondige voorbereiding door Carolus-Duran. In het prentenkabinet van het museum worden twee gedetailleerde voorbereidende schetsen bewaard voor de drapering van de jurk.
In haar linkerhand houdt Zelewska een gesloten waaier en een korte handschoen vast. Met haar rechterhand maakt zij een elegant, maar ongebruikelijk gebaar: zij schuift een zwaar groen gordijn opzij. Het vormt een theatrale uitnodiging aan de toeschouwer om haar achter het gordijn te volgen. Aan haar voeten, staand op een donkergroen tapijt, bevindt zich een klein zwart hondje dat opspringt en haar aandacht probeert te trekken. Hoewel de aanwezigheid van een hond in de kunst traditioneel symbool staat voor echtelijke trouw, fungeert het dier in deze specifieke compositie als een verwijzing naar wellust (la luxure).
Deze iconografie was een subtiele kritiek van Carolus-Duran op de scandaleuze reputatie van zijn model. Zelewska stond erom bekend dat zij er sinds haar huwelijk met Ernest Feydeau in 1861 talloze minnaars op nahield. In een dagboeknotitie van de gebroeders Goncourt uit 1864 omschreven zij het appartement van de Feydeaus als een weelderige, maar dubieuze smeltkroes van een courtisane en een speculant, waar alles "rook naar het geld van anderen"."Nous allons chez Feydeau(...) C'est à la fois un appartement de grande courtisane et de grand faiseur, quelque chose de riche et de louche qui, du lit de la femme au cabinet de l'homme, sent l'argent des autres." Geciteerd van museumwebsite. Desondanks werd het portret in het jaar waarin het ontstond gereproduceerd als ets door de bekende graveur Léopold Flameng onder de anonieme titel Portrait de Madame ***.
Herkomst Het schilderij werd voltooid in de eerste maanden van 1870 en datzelfde jaar gepresenteerd op de Salon. Na het overlijden van Ernest-Aimé Feydeau in 1873 ontdeed de jonge weduwe zich snel van het kunstwerk. Ze was al snel hertrouwd met de invloedrijke journalist, theatercriticus en politicus Henry Fouquier en wilde waarschijnlijk niet langer geconfronteerd worden met het gigantisch schilderij dat herinnerde aan haar eerdere huwelijk en levensstijl. In 1875 werd het portret door "Madame J. Casteleyn", waarschijnlijk een stroman of relatie, geschonken aan het Museum voor Schone Kunsten in Rijsel.
Ondanks de spanningen rondom het portret bleven de levens van de betrokken families elkaar kruisen. Op 14 oktober 1889 trad Marie-Anne Carolus-Duran, de oudste dochter van de kunstenaar, in het huwelijk met Georges Feydeau. Deze verbintenis bracht de jonge toneelschrijver onder de invloed van zijn schoonvader, waardoor hij zich ontwikkelde tot een verzamelaar van impressionistische kunst. Carolus-Duran bleef de familie portretteren; zo vervaardigde hij in 1876 een privéportret van Léocadie onder haar nieuwe naam Madame Henry Fouquier en schilderde hij rond 1900 een portret van zijn schoonzoon Georges Feydeau.
Afbeeldingen
Externe links
Categorie:Schilderij in het Museum voor Schone Kunsten (Rijsel) Categorie:Werk van Carolus-Duran