thumb|Schema van een archicembalo met aanduiding van toonafstanden in centen

Het archicembalo of arcicembalo was een experimenteel toetsinstrument uit de renaissance, ontworpen door de Italiaanse componist en muziektheoreticus Nicola Vicentino. Het instrument werd beschreven in zijn traktaat L'antica musica ridotta alla moderna prattica, dat in 1555 in Rome verscheen.

Het archicembalo was verwant aan het klavecimbel, maar had veel meer toetsen per octaaf dan een gewoon klavierinstrument. Daardoor konden kleinere intervallen worden gespeeld dan de gewone halve toon. Vicentino ontwierp het instrument om chromatische en enharmonische muziek praktisch uitvoerbaar te maken.

Achtergrond Vicentino was een van de meest experimentele muziektheoretici van de zestiende eeuw. Hij probeerde de muziektheorie van de Oud-Griekse muziek opnieuw toepasbaar te maken op de muziek van zijn eigen tijd. Daarbij vertrok hij van de drie klassieke genera: het diatonische, het chromatische en het enharmonische genus.

In 1551 raakte Vicentino in Rome betrokken bij een beroemd muziektheoretisch debat met de Portugese theoreticus Vicente Lusitano. De discussie ging onder meer over de vraag of de moderne muziek uitsluitend diatonisch was, of ook chromatische en enharmonische elementen bevatte. Vicentino verloor het debat, maar werkte zijn visie later verder uit in L'antica musica ridotta alla moderna prattica.

Het archicembalo was bedoeld als praktisch antwoord op dat theoretische probleem. Met een gewoon klavier konden veel van Vicentino's subtiele toononderscheidingen niet worden uitgevoerd. Het nieuwe instrument moest die kleinere intervallen wel hoorbaar maken.

Bouw en stemming Het archicembalo had twee klavieren. Anders dan bij veel latere toetsinstrumenten dienden deze klavieren niet vooral voor een verschil in klankkleur, maar om extra toonhoogten beschikbaar te maken.

Volgens de beschrijving in L'antica musica had het instrument 36 toetsen per octaaf, verdeeld over twee klavieren. Het onderste klavier had 19 toetsen per octaaf en het bovenste 17. Samen maakten ze een systeem mogelijk waarin 31 verschillende toonhoogten per octaaf konden functioneren.

De extra toetsen maakten onderscheid mogelijk tussen tonen die op een gewoon klavier samenvallen, zoals een verhoogde toon en een verlaagde toon. Zo konden bijvoorbeeld kruisen en mollen afzonderlijk worden behandeld. Dit was belangrijk voor Vicentino's poging om chromatische en enharmonische intervallen nauwkeurig te realiseren.

Het instrument wordt vaak in verband gebracht met microtonale muziek, omdat het kleinere toonafstanden gebruikte dan het latere standaardklavier met twaalf tonen per octaaf. Het was echter geen moderne gelijkzwevende stemming. Vicentino's systeem stond dichter bij een uitgebreide vorm van middentoonstemming en bij renaissancetheorie over consonantie en toonverhoudingen.

Doel Vicentino wilde met het archicembalo aantonen dat de muzikale ideeën uit de Oud-Griekse theorie ook in de zestiende-eeuwse praktijk konden worden gebruikt. Het instrument moest componisten en uitvoerders in staat stellen om subtiele verschillen tussen intervallen te horen en te spelen.

Het archicembalo was vooral bedoeld voor experimentele muziek, studie en demonstratie. Het was geen algemeen verspreid huiskamer- of kerkinstrument. De technische complexiteit en het grote aantal toetsen maakten het moeilijk bruikbaar voor gewone uitvoeringspraktijk.

Vicentino ontwierp ook een verwant orgelachtig instrument, het arciorgano, dat dezelfde soort microtonale mogelijkheden moest bieden.

Betekenis Het archicembalo is vooral belangrijk in de geschiedenis van de muziektheorie en de stemming. Het toont aan dat componisten en theoretici al in de renaissance nadachten over alternatieve toonstelsels, microtonale intervallen en de grenzen van het gewone klavier.

Hoewel het instrument geen brede verspreiding kende, bleef het een opvallend voorbeeld van experimentele instrumentbouw. In de moderne muziekwetenschap wordt het archicembalo bestudeerd als een vroeg voorbeeld van praktisch onderzoek naar microtonaliteit, chromatiek en enharmoniek.

Het instrument is ook belangrijk voor de interpretatie van Vicentino's eigen muziek en theorie. Moderne onderzoeksprojecten, zoals Vicentino21, proberen zijn ideeën opnieuw hoorbaar te maken door reconstructies, digitale edities en uitvoeringspraktijk te combineren.

Zie ook

Nicola Vicentino Klavecimbel Muziektheorie Microtonale muziek Chromatiek Enharmoniek Middentoonstemming Renaissancemuziek

Referenties

Externe links

Vicentino's 31-tone Compositional Theory bij Music Theory Online Digitale editie van L'antica musica ridotta alla moderna prattica bij Utrecht University Vicentino21, onderzoeksproject van de Schola Cantorum Basiliensis

Categorie:Toetsinstrument Categorie:Muziektheorie Categorie:Renaissancemuziek