thumb|Klassieke roedeverdeling (juni 2026) Bloemstraat 129-145 te Amsterdam is een gebouw aan de Bloemstraat in Amsterdam-Centrum.

Achtergrond De Bloemstraat werd aangelegd tijdens het volbouwen van de Jordaan in de 17e eeuw. Dat betekende dat de straat perceel voor perceel werd bebouwd in een tijd dat er nog geen adressen bestonden. Bijna alle gebouwen kregen daardoor een ander uiterlijk. De geschiedenis van de Bloemstraat gaat gelijk op met die van de parallel liggende Bloemgracht. Anders dan die gracht werd de straat alleen belangrijk voor lokaal verkeer; ze stuit aan beide uiteinden op grachten zonder brug.

Bloemstraat 129-145 Bloemstraat 129-145 maakt deel uit van de zuidelijke gevelwand van de straat tussen de Tweede Rozendwarsstraat en de Akoleienstraat. Dit deel is vanaf het midden van de 19e eeuw qua bouw constant in beweging geweest. Dit blokje stamt uit 1871, het grote bouwvolume Bloemstraat 147 stamt uit 1924 en Bloemstraat 103-115 uit de jaren tachtig van de 20e eeuw. De eerste en laatste werden gebouwd in het kader van stadsvernieuwing; het tweede ten behoeve van een kerk. Door de eeuwen heen werd de woonsituatie er in de Jordaan niet beter op. Slecht onderhouden huizen (en bewoners) hadden last van vocht, schimmel, maar ook te veel bewoners. Sloppen en gangen leiden dan nog naar inpandige woninkjes. Eind 19e eeuw kwamen overheid, kerk en filantropische particulieren in actie om (soms) voor sommigen de omstandigheden voor de armelui uit de Jordaan te verbeteren. Voor Bloemstraat 129-145 kwam het initiatief van de Doopgezinde Gemeente, die het liet bouwen uit een erfenis van L.T. Vogel. Die gemeente liet door architect Gerlof Salm een blokje ontwerpen met achttien eenkamerwoningen. De woningen werden rug-tegen-rug gebouwd. De woningen werden verdeeld over drie bouwlagen, die onder een zolder met kap waren gesitueerd, zolder en kap verdwenen in de loop der jaren. Die zolder was volgens Dienst Monumenten en Archeologie Amsterdam ingericht als slaapzaal met tussenschotten. Een foto uit 1931 laat voor de tweede verdieping nog een balkon zien; ook die is in de loop der jaren verdwenen.Stadsarchief Amsterdam: Beeldbank: Foto 1931 Die foto spreekt al van huisvesting van oudere echtparen; het gebouw had de naam “Huizen de Lely”. Monumentenstad wees ook op de verdwenen zolder en kap, maar hield het op negen woningen.Monumentenstad (geraadpleegd 22 juni 2026)

Het gebouw wordt gekenmerkt door roodbruin baksteen in kruisverband en de voor die tijd kenmerkende symmetrie van vensterpartijen en ingangen. Voor die tijd was het toepassen van risalieten gangbaar, deze zijn hier dus ook terug te vinden. Andere versieringen zijn in de loop der tijden verdwenen. Monumenten en Archeologie meldde nog wel dat de klassieke raamindelingen (roedeverdeling) en ook de toegangsdeuren nog origineel zijn, daar waar elders in de stad deze verdwenen zijn. Ook twee verdiepingsdeuren zijn bewaard gebleven. In de 21 eeuw wordt de gevel van het gebouw afgesloten door een lijst op klossen.

Het gebouw werd in 2004 tot gemeentelijk monument verklaard vanwege het behoren bij de startende sociale woningbouw in dit geval door een kerkgemeente en de plaats in het oeuvre van Gerlof Salm. Monumenten en Archeologie wijst daarbij er nog op dat het geheel niet vanzelfsprekend was dat voor die vernieuwing van huisvesting een gerenommeerd architect (als Salm) werd ingeschakeld; Salm was daar echter juist wel in actief. Het gebouw zou nog in grotendeels gave staat zijn, rekening houdend met verdwenen zaken als balkon en Vlaamse gevels.Data Amsterdam met omschrijving monument (geraadpleegd 22 juni 2026)

Huizen De Lely keek vanaf de bouw aan de achterzijde uit op het Rijpenhofje, Rozengracht 116-138, dat in 1912 daar nieuwbouw kreeg onder architectuur van Abraham Salm. Sinds 1965 vormen het Lelyhofje en het Rijpenhofje een gezameenlijk hofje.Jordaanweb (geraadpleegd 22 juni 2026)Amsterdam op de kaart/Monumenten Inventarisatie Project (geraadpleegd 22 juni 2026)

Categorie:Bouwwerk in Amsterdam-Centrum Categorie:Gemeentelijk monument in Amsterdam