thumb|Begane grond (2011); rechts de gang thumb|De twee Van Houtenpanden 222 (rechts) en 224/226 (links) in 1974; 224/226 rond 1990 gesloopt Rozenstraat 222 te Amsterdam is een gebouw aan de Rozenstraat in Amsterdam-Centrum.
Achtergrond De Rozenstraat werd aangelegd tijdens het volbouwen van de Jordaan in de 17e eeuw. Dat betekende dat de straat perceel voor perceel werd bebouwd in een tijd dat er nog geen adressen bestonden. Bijna alle gebouwen kregen daardoor een ander uiterlijk. De geschiedenis van de Rozenstraat gaat gelijk op met die van de parallel liggende Rozengracht. Anders dan die gracht werd de straat alleen belangrijk voor lokaal verkeer; ze stuit aan beide uiteinden op grachten zonder brug.
Rozenstraat 222 Het gebouw werd op 23 september 1970 opgenomen in het rijksmonumentenregister met de duiding:
Amsterdam Monumentenstad schreef over het gebouw dat het een van de Van Houten-monumenten is. Bij de herbouw in 1936 werden gevelonderdelen van andere gesloopte gebouwen hergebruikt om die nieuwbouw een “klassiekere uitstraling” te geven. Amsterdam Monumentenstad heeft echter niet kunnen achterhalen uit welk gebouw de halsgeveltop met gedeelde klauwstukken is gekomen. Het hergebruik geldt ook voor de zandstenen omlijsting van de topgevel. Ze maakt geen melding van oeils-de-boeuf. Ze omschreef de stijl als traditionalisme; de architect die de herbouw van Rozenstraat 222 begeleidde zou Jan de Meyer zijn.Amsterdam Monumentenstad (geraadpleegd 23 juni 2026) Het Stadsarchief Amsterdam laat zien dat het oorspronkelijke idee was de voorgevel af te sluiten met een tuitgevel; op de bestektekening ontbreken ook de gevelornamenten. De gereviseerde tekening laat het gebouw zien, zoals het er in 1936 kwam.Stadsarchief Amsterdam: Bouw- en omgevingsdossiers SA00497856, foto’s 4 en 5. (geraadpleegd 23 juni 2026) Een aanvullend document meldt dat de hoofdinspecteur bouwtoezicht Eelke van Houten daarbij betrokken was.
Het gebouw is een opmerkelijke verschijning in de gevelwand van gebouw-voor-gebouw-bouwen. Het valt ten eerste op omdat het in dit deel van de gevelwand het enige gebouw is dat voor de Tweede Wereldoorlog is gebouwd in een straat die in de 17e eeuw is aangelegd. Zowel links als rechts heeft sloop en herbouw plaatsgevonden. Ten tweede is het opvallend dat het gebouw als zodanig geen voordeur heeft. Het heeft drie venstergangen voor woonhuizen, daarboven de twee gevelversieringen met daartussen een venster, dat lijkt op een laad- en losluik met daarboven nog een gevelopening om bij de hijsbalk te kunnen komen. Die gevelversieringen worden door het rijksmonumentenregister omschreven als oeils-de-boeuf, maar er zitten geen ramen in. Ze hebben de vorm van een cartouche waarin A (anno) en 36 (1936) in reliëf is geplaatst. Dat het gebouw geen voordeur heeft, komt omdat hier de voormalige De Drie-Roemersgang liep. Via deze gang konden gebouwen op het binnenterrein richting Rozengracht bereikt worden; zogenaamde inpandige gebouwen. Een foto uit 1930 van die gang laat een deels vervallen gevelwand zien. Die inpandige gebouwen stonden in een kwaad daglicht; ze werden slecht onderhouden en moesten te veel armelui onderdak bieden. De huizen waren vochtig en klam.Stadsarchief Amsterdam Drie-Roemersgang in 1930) Via die Drie-Roemersgang konden bewoners ook in Rozenstraat 222 komen.
Rozenstraat 224 Tegelijkertijd met Rozenstraat 222 werd Rozenstraat 224 gesloopt en herbouwd, ook onder toezicht van Van Houten. Dat gebouw werd niet oud; het werd rond 1991 opnieuw gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw uit de koker van architect Jan Griffioen.
Rozenstraat 198-208 Wanneer Monumentenzorg hier in 1963 en later in 1974 een foto neemt, bestaat de gevelwand ter plekke alleen nog uit de huizen 222 en 224/226. Ze steken uit boven allerlei onderstukken; gebouwen waarvan alleen nog de begane grond bestaat.
Rond 2000 komen er plannen om alle gebouwen tussen Rozenstraat 194 en 222 te slopen. Het zijn alle onderstukken met daarin bedrijfjes, met op het binnenterrein nog een voormalig schoolgebouw. Dat laatste gebouw zou blijven staan, waardoor er hier postzegelarchitectuur moest plaatsvinden. Bij dit soort architectuur zijn de afmetingen van het gebouw al bekend voordat de ontwerptafel ter sprake komt. Het gebouw mocht niet dieper worden dan tien meter, niet hoger dan elf meter en niet breder dan 32 meter. Bovendien moest het gebouw passen in die gevelwand van relatief smalle gebouwen. De oplossing voor dat laatste werd gevonden door de voorgevel in zes segmenten te onderscheiden. Een deel van de woningen kreeg daarbij toegang via de eerdergenoemde gang. DRK Architecten (Donald Jansen, Rolf Bekker) was verantwoordelijk voor het ontwerp van deze 23 woningen. De oplevering liet acht jaar op zich wachten.Gebouwd in Amsterdam (geraadpleegd 23 juni 2026)
Categorie:Bouwwerk in Amsterdam-Centrum Categorie:Rijksmonument in Amsterdam-Centrum