miniatuur|Vuurtoren van keizer Tiberius op Capri. Prentkaart circa 1900 De Vuurtoren van Tiberius, soms genoemd de Vuurtoren van de Villa Jovis, staat op Capri, een eiland van Italië in de Baai van Napels. Het gaat om de ruïne van wat ooit een vuurtoren was uit de Romeinse Keizertijd.

Beschrijving De Vuurtoren van Tiberius bevindt zich op de Heuvel van Tiberius, een heuveltop in het domein van de Villa Jovis, dat een voormalig Romeins paleis is op Capri. De naam komt van de bouwheer keizer Tiberius, die regeerde in de 1e eeuw.

De vuurtoren heeft een vierkante vorm. Daarboven stond een spitse bovenbouw die vermoedelijk van de middeleeuwen dateert. De oorspronkelijke hoogte was vermoedelijk 20 m.

Historiek Keizer Tiberius liet de vuurtoren bouwen om aan de zeelui in de Baai van Napels een referentiepunt te geven. Zodoende moest de zeevaart tussen Napels en zijn paleis op Capri veilig kunnen verlopen. De vuurtoren maakte deel uit van een communicatielijn langs de kusten waaronder de seintorens op de Capo Miseno en op de Punta Campanella. Tussen de torens werd met rookpluimen in codevorm gecommuniceerd overdag; ’s nachts gebeurde dit met fakkellichten. Statius bezong in zijn gedicht Silvae, boek 3, hoofdstuk 5, de Vuurtoren van Tiberius. Dit hoofdstuk draagt de naam ‘Ad Uxorem Claudiam’. Statius spoort er zijn vrouw Claudia aan met hem te verhuizen naar Napels. Hij noemde het licht van deze vuurtoren ‘zo’n zoet licht dat in competitie gaat met het maanlicht dat door de nacht reistDe zinsnede in Silvae luidt aldaar in het Latijn: 'trepidis ubi dulcia nautis, lumina noctivagae tollit Pharus aemula lunae'.’ De vuurtoren kon zich meten met de vuurtorens in Alexandrië, Ravenna of Puteoli.

Aan het einde van Tiberius’ bestuursperiode stortte de vuurtoren in ten gevolge van een aardbeving. Tenminste, zo werd dit opgetekend door Suetonius.

In de tijd van de Flavische keizers werd de vuurtoren heropgebouwd.

De vuurtoren deed verder nog vele eeuwen dienst. Tijdens de middeleeuwen zouden monniken van de nabij gelegen kerk Santa Maria del Soccorso de vuurtoren bediend hebben. De vuurtoren bleef in werking tot in de 17e eeuw.

In de 19e eeuw was de vuurtoren een ruïne, zoals de Duitse historicus Ferdinand Gregorovius (1821-1891) vaststelde.

De Italiaanse archeoloog Amedeo Maiuri (1886-1963) voerde graafwerken in de jaren 1935-1937 uit in de ondergrond van de Villa Jovis. Hij stootte op een verbindingstunnel tussen de Romeinse villa en de vuurtoren. In de tunnel vond hij plekken waar toortsen werden aangestoken. Hij meende dat de toortsen voor signalisatie in de vuurtoren dienden. Later in de 20e eeuw werden brokstukken van de vuurtoren weggehaald tijdens een restauratieproces.

Categorie:Capri (eiland) Categorie:Bouwwerk in Campanië Tiberius Categorie:Romeins bouwwerk in Italië