thumb|Rechthoeken op 90, bogen op 88 (juni 2026)
Weteringschans 88-90 te Amsterdam is een gebouw aan de Weteringschans te Amsterdam-Centrum.
Achtergrond De Weteringschans, dan nog alleen Schans geheten, diende eeuwenlang als vesting- dan wel stadswal van Amsterdam. Dit in combinatie met Lijnbaansgracht en Singelgracht. In het eerste kwart van de 19e eeuw, toen Amsterdam (alweer) aan uitbreiding dacht, werden die stadswallen afgebroken. Op de vrijkomende plek moest woningbouw komen, maar er kwamen in eerste instantie ook bedrijventerreinen, eind 19e eeuw weer vervangen door woningbouw. De woonbebouwing van de Weteringschans tussen de Weteringplantsoenen en het Frederiksplein kwam pas op gang in het laatste kwart van de 19e eeuw, toen Amsterdam ook begon te bouwen aan haar 19e-eeuwse gordel buiten de Singelgracht. Ter plaatse was dat De Pijp. Daar waar in de Pijp revolutiebouw plaatsvond (kopen grond, goedkoop bouwen, verkopen/verhuren, volgens stuk grond kopen), werden aan de Weteringschans woningen van het betere soort neergezet voor de gegoede burgerij. De gevelwand laat daarbij binnen bebouwen van perceel tot perceel een opmerkelijke samenhang in architectuur zien; (bijna) alle werden in historiserende of neostijlen opgetrokken.
Gebouw Dit gebouw is een van de weinig dubbele herenhuizen in de nummering Weteringschans 68 tot en met 118. Projectontwikkelaar Gerrit Jan Venema had hier redelijk in het midden ten minste vier percelen gekocht en liet er vier huizen op bouwen; woonhuis 86, het dubbel huis 88-90 en Weteringschans 92. Het maakt volgens het Bureau Monumenten en Archeologie deel uit van een gevelwand, waarin allerlei soortgelijke panden staan, maar die onderling in de afwerking verschillen. Dit dubbele gebouw lijkt voor wat betreft indeling op de andere gebouwen alhier, Het gebouw 88-90 begint met een souterrain achter een hardstenen plint. In die plint beginnen ook de trapjes naar de twee portieken met elk twee toegangsdeuren, die toegang geven tot de bel-etage en bovenwoningen. De drie woonetages met op de eerste verdieping erkers, die een balkon dragen, eindigen in de daklijst gedragen door grote en kleine consoles. Boven de daklijst zijn twee dakkapellen met klauwstukken te zien, die staan voor een schilddak. De gebouwen lijken een spiegelbeeld van elkaar (symmetrie was in de mode in de bouwwereld), maar een blik op de gevel van de beletage laat verschillen zien. Zo is de portiek van huisnummer 88 vervat in een rondboogconstructie, de portiek van huisnummer 90 is hoekig uitgevoerd. Hetzelfde geldt voor de raampartijen die de portieken flankeren, bij 88 zijn ze rond, bij 90 rechthoekig. Dit heeft voor dat gedeelte van de gevel gevolgen voor de banden (dakje in plaats van rechte lijn).
Het gebouw is een gemeentelijk monument, passend in de luxe woonhuizen voor de gegoede burgerij die hier kwam wonen. Er werd ook gewezen op het toegepaste houtsnijwerk in de erkerconstructies. Het gebouw werd ingedeeld bij het eclecticisme met toepassing van neorenaissance.
Schrijver en journalist Adolf Friedemann (1871-1932), schrijver van een biografie over Theodor Herzl, bracht zijn laatste jaren door op Weteringschans 88.
Categorie:Bouwwerk in Amsterdam-Centrum Categorie:Gemeentelijk monument in Amsterdam