Nieuw Salverdt is een voormalige dwarshuisboerderij en marechausseekazerne aan de Rijksweg 85 in het Drentse Smilde. Het gebouw, dat in oorsprong dateert uit het midden van de negentiende eeuw, is aangewezen als een provinciaal monument.

Geschiedenis

Het gebouw werd oorspronkelijk rond 1855-1856 gesticht als boerderij in opdracht van Catharina Stinstra uit Franeker, de weduwe van Agge Fontein. De boerderij was uiterlijk op 22 maart 1856 gereed en kreeg de naam Nieuw Salverdt, vermoedelijk vernoemd naar het landgoed Groot Salverdt van de familie Fontein in de Friese buurtschap Salverd. De boerderij werd geëxploiteerd door pachters. Na het vertrek van de laatste pachter, Lieuwe de Vries, werd het pand in mei 1895 ontruimd.

In december 1894 was het gebouw al te koop aangeboden, waarna het in eigendom kwam van notaris Jan Veenhoven en boomkweker Johan de Wal. De familie Veenhoven kocht in die periode vaker gebouwen op om deze vervolgens te verhuren als marechausseekazerne. In 1895 volgde de verbouwing tot kazerne. De komst van de Koninklijke Marechaussee naar Smilde werd noodzakelijk geacht vanwege regelmatige onlusten en oproeren bij de lokale veenontginning.

Het pand behield zijn functie als marechausseekazerne tot aan de Tweede Wereldoorlog. Daarna nam de Rijkspolitie het gebouw in gebruik, die er tot 1957 gevestigd bleef. In 1957 werd het complex verkocht aan A.M. Popken, die het inrichtte als woning en mechanisatiebedrijf. In 2013 onderging het pand een restauratie.

Architectuur en indeling

Het hoofdvolume van het gebouw werd rond 1860 opgetrokken in een sobere eclectische stijl. Het ontwerp van de verbouwing tot marechausseekazerne in 1895 was in handen van de lokale architect P.J. Kramer, die eveneens het toezicht op de uitvoering hield. Bij deze verbouwing werd op het middenblok van het voorgedeelte een extra verdieping gebouwd, terwijl het hoofdvolume aan weerszijden werd uitgebreid met een lagere zijvleugel van één bouwlaag hoog.

Exterieur Het gebouw heeft een samengestelde plattegrond en telt twee bouwlagen. Het is deels onderkelderd en opgetrokken uit bruinrode baksteen op een grijs-wit geschilderde plint met sierlijst. Het hoofdvolume springt iets naar voren ten opzichte van de zijvleugels. De voorgevel van het hoofdgedeelte telt zeven identieke vensters met een middenstijl en bovenlicht, die voorzien zijn van een decoratieve witgestucte omlijsting in de vorm van een wenkbrauwboog. Onder de vensters van de verdieping loopt een doorgaande waterlijst.

De daken zijn gedekt met grijze verbeterde holle dakpannen, terwijl op het achterste dakschild en de boerderijschuur grijze golfplaten liggen, waaronder de oorspronkelijke rieten kap nog aanwezig is. Op de daken bevinden zich diverse gemetselde schoorstenen en dakkapellen.

Interieur en historische indeling Volgens historische gegevens uit 1895 was het voorgebouw destijds opgedeeld in drie gedeelten, bestaande uit een bureau, acht kamers, gangen, twee keukens en drie kelders. Deze ruimten waren functioneel ingericht voor de huisvesting van de manschappen:

Gehuwde marechaussees: Voor twee gehuwde personeelsleden was er telkens voorzien in twee kamers, een keuken en een kelder. Ongehuwde marechaussees: Drie ongehuwde manschappen deelden samen een woonkamer en een kelder, en beschikten over drie slaapkamers op de bovenverdieping.

In de aangebouwde schuur bevonden zich destijds twee paardenstallen (één grotere stal voor negen paarden en een ziekenstal voor twee paarden), een tuigkamer, twee cellen, drie privaten en een ruime zolder voor de berging van hooi, stro en brandstoffen.

Terreininrichting en monumentenstatus

Het gebouw ligt vrijstaand op een ruim perceel op flinke afstand van de openbare weg en de Drentse Hoofdvaart. Aan de voorzijde bevindt zich een grote tuin in de Engelse landschapsstijl met een gazon, een bomenpartij en rododendrons, omzoomd door een gracht of sloot als erfafscheiding. Een centraal geplaatst smeedijzeren hekwerk verleent toegang tot de oprijlaan.

Nieuw Salverdt is aangewezen als een provinciaal monument vanwege de hoge cultuurhistorische waarde als overheidsgebouw met een agrarische kern en de verbondenheid met de negentiende-eeuwse sociale onrust in de Drentse veengebieden. Daarnaast beschikt het pand over architectuurhistorische waarde vanwege de sobere eclectische stijl en detaillering, stedenbouwkundige ensemblewaarde door de prominente ligging aan de Drentsche Hoofdvaart, en zeldzaamheidswaarde als voormalige dienstwoning in de provincie Drenthe.

De provinciale bescherming is beperkt tot het voorste gedeelte van de voormalige kazerne en het bijbehorende voorterrein. De sterk gewijzigde achterzijde, die diverse achteraanbouwen en de latere bijgebouwen op het achterterrein vallen wegens onvoldoende monumentale waarde buiten de bescherming. Afbeeldingen

Zie ook Lijst van provinciale monumenten in Drenthe

Categorie:Monument in Midden-Drenthe Categorie:Provinciaal monument in Drenthe