thumb|300px|alt=Gevangenis van Loos|Historische foto van de gevangenis van Loos-lès-Lille. Het Centre pénitentiaire de Lille-Loos-Sequedin (historisch bekend als de gevangenis van Loos-lès-Lille of Maison d'arrêt de Loos) was een beruchte penitentiaire inrichting in de Franse gemeente Loos, vlakbij de Noord-Franse stad Lille. Het complex kende een lange geschiedenis die transformaties van een middeleeuwse cisterciënzerabdij tot een zwaarbeveiligde nazigevangenis en een modern detentiecentrum omvat. De historische gebouwen werden in 2011 definitief gesloten.

Geschiedenis Van abdij naar armenhuis (1146–1817) De oorsprong van het complex ligt in 1146 met de oprichting van de Abdij Notre-Dame de Loos, een klooster van de cisterciënzerorde. Tijdens de Franse Revolutie werd de abdij genationaliseerd en werden de monniken verdreven. Het gebouw deed daarna tijdelijk dienst als militair hospitaal. In 1812 besloot de burgemeester van Lille het complex om te bouwen tot een bedelaarskolonie en armenhuis (dépôt de mendicité).

Transformatie tot gevangenis (1817–1906) Door een acuut cellentekort in de regio wijzigde de Franse minister van Binnenlandse Zaken de plannen. In 1817 opende het complex officieel de deuren als de Maison Centrale de Loos, bestemd voor veroordeelden tot lange gevangenisstraffen. Omdat de oude abdijgebouwen rond de eeuwwisseling niet meer voldeden aan de moderne eisen, ontwierp architect Carlos Batteur een nieuwe cellulaire gevangenis. Deze opende in september 1906 met vijf vleugels en een capaciteit voor honderden gedetineerden. In 1927 werd hier de allereerste penitentiaire antropologische dienst van Frankrijk opgericht, gericht op de sociale reclassering van delinquenten.

Tweede Wereldoorlog en de Jodenvervolging (1940–1944) Tijdens de Duitse bezetting van Frankrijk speelde de gevangenis van Loos-lès-Lille een centrale, tragische rol in de repressie en de Holocaust in de regio Nord-Pas-de-Calais. Vanaf mei 1941 vorderde de bezetter een specifiek deel van het complex op, dat bekend kwam te staan als het Quartier allemand (de Duitse afdeling), dat onder strikt gezag van de Wehrmacht en de Gestapo stond.

Omdat de regio bestuurlijk was toegevoegd aan het militaire gezag in Brussel (Militärbefehlshaber in Belgien und Nordfrankreich), fungeerde Loos als het belangrijkste regionale verzamel- en doorvoerpunt voor de deportaties in de regio. In lieu van de reguliere Franse deportatieroute te volgen (die via Kamp Drancy liep), werden Joodse gezinnen en leden van de Sinti- en Roma-gemeenschap vanuit Loos overgebracht naar het SS-Sammellager Kazerne Dossin in Mechelen (België), om van daaruit met de Belgische transporten naar de vernietigingskampen te worden gestuurd.

Grensarrestaties Feignies (31 juli 1942) De grensarrestaties in Feignies op 31 juli 1942 markeren een specifiek sluitstuk in de vroege Jodenvervolging in bezet België en Noord-Frankrijk. Het daaropvolgende administratieve en juridische traject van de slachtoffers via de gevangenis van Loos-les-Lille illustreert de nauwe samenwerking tussen de reguliere Duitse douane, de militaire rechtspraak en de Sicherheitspolizei (Gestapo).

Voorgeschiedenis en vluchtpoging In de zomer of 1942 nam de anti-Joodse druk in het bezette West-Europa drastisch toe. In België startten in juli 1942 de eerste oproepen voor de zogeheten 'tewerkstelling' (in realiteit de deportaties via de Kazerne Dossin). Veel Joodse gezinnen probeerden hierop het land te ontvluchten richting het onbezette Zuid-Frankrijk (Vichy-Frankrijk) of Zwitserland.

Het echtpaar Markus Wolf Kleinhaus (geboren te Polen, 11 september 1897) en Céline Kleinhaus-Content (geboren te Amsterdam, 9 mei 1900), woonachtig aan de Belgiëlei 21 in Antwerpen, besloot eind juli per trein de grens over te steken. Op dezelfde internationale trein bevond zich het Amsterdamse gezin van Isaac Polak (geboren 7 februari 1891), zijn echtgenote Seline de Vries en hun 21-jarige dochter Eva Frederika Polak (geboren 5 juli 1921). Simon Bremer, een metgezel van Polak, maakte gebruik van een vervalst Belgisch identiteitsbewijs op naam van 'Jacques Peters' uit Lanaye.Dossiers d’enquête du Devisenschutzkommando Belgien, Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (CegeSoma) / Rijksarchief (België), Fonds AA 585/42/3 (Dossier Bremer et Polak).

Arrestatie en militaire berechting Op 31 juli 1942 werd de trein bij de Frans-Belgische grensovergang in Feignies (nabij Maubeuge) gecontroleerd door de Duitse douane. Douanesecretaris (Zollsekretär) R. Hobischka ontdekte de vervalste papieren en de Joodse identiteit van de reizigers, waarna de gezinnen uit de trein werden gehaald en overgedragen aan de Feldgendarmerie in Maubeuge.

Omdat de vluchtpoging met vervalste documenten als een militair en politioneel vergrijp werd gezien, werden de mannen en vrouwen overgebracht naar de nabijgelegen Franse stad Valenciennes. Op 3 augustus 1942 deed de Duitse militaire rechtbank van de lokale Feldkommandantur 678 (FK 678) uitspraak. Militair justitie-inspecteur (Heeresjustizinspektor) Baumgartner bekrachtigde een Strafverfügung (strafbeschikking) waarin de vluchtelingen formeel werden veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf wegens illegale grensoverschrijding.Strafverfügungen und Mandats d’arrêt (3 augustus 1942), Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (CegeSoma) / Rijksarchief (België), Archief van de Feldkommandantur 678 Valenciennes (FK 678).

Interventie door de Gestapo en opsluiting in Loos De opgelegde gevangenisstraf werd in de praktijk niet uitgezeten. Conform de nazi-richtlijnen stuurde de rechtbank een afschrift van het vonnis naar de Sicherheitspolizei-SD (Sipo-SD of Gestapo), waarvan het regionale hoofdkwartier voor Noord-Frankrijk gevestigd was in een gevorderde villa aan de Avenue de la République op de grens van Lille en La Madeleine.Célerse, G., Le siège de la Gestapo de La Madeleine (Lille), Stichting Auschwitz / Musée de la Résistance de Bondues. Online beschikbaar via Auschwitz.be.

De Gestapo nam de gevangenen over voor "verdere politionele maatregelen", wat in de praktijk deportatie betekende. Op 13 augustus 1942 worden de gezinnen binnengebracht in de Maison d'arrêt de Loos (de gevangenis van Loos-les-Lille). In de gevangenisadministratie werden de vrouwen ingeschreven in het vrouwenregister (Greffe des Femmes) onder de opeenvolgende gevangenisnummers 475 (Eva Polak) en 476 (Céline Kleinhaus).Archives départementales du Nord (Lille), Fonds 2025 W (Centre pénitentiaire de Lille-Loos) – Greffe : registres d’écrou, Femmes (1941 - 1943), Inschrijvingen nr. 475 en 476, d.d. 13-27 augustus 1942. Online inventaris via AD Nord. De mannen werden apart opgesloten in de mannensectie van de gevangenis.

Deportatie via Mechelen naar Auschwitz Na exact twee weken opsluiting in Loos-les-Lille werden de gezinnen op 27 augustus 1942 gezamenlijk op transport gesteld naar het bezette België.Service historique de la Défense (Caen), Bureau des archives des victimes des conflits contemporains (DAVCC), Fiches Markus Kleinhaus en Céline Content, Collectie nr. AC 40RC1252 (Verwijzing naar registers L.D.-P.246/247). Diezelfde dag werden zij binnengebracht in het SS-Sammellager Kazerne Dossin in Mechelen.

Vier dagen later, op 1 september 1942, werden alle betrokken gezinsleden vanuit Mechelen op Konvooi VII gezet met de bestemming het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau. Uit historische registers blijkt dat geen van de gezinsleden de deportatie en de Shoah heeft overleefd.Joods Monument, Gezinspagina Simon Bremer en Isaac Polak, Joods Cultureel Kwartier Amsterdam. Online beschikbaar via Joods Monument.Anne Frank Stichting, Eduard Bremer - Kennisbank Onderzoek, Amsterdam. Online beschikbaar via Research Anne Frank.

Het regime en getuigenissen De omstandigheden in het Quartier allemand waren buitengewoon hard. Gevangenen die door de nazi's als gevaarlijk werden beschouwd, werden volledig geïsoleerd en door de Gestapo gemarteld. Een aangrijpende getuigenis is die van de politieke gevangene Roger Véroone uit 1944..

De Trein van Loos De bezettingsperiode in de gevangenis eindigde uiteindelijk op 1 september 1944 met het drama van de 'Trein van Loos' (Le Train de Loos), het allerlaatste grote deportatiekonvooi vanuit Frankrijk naar de nazi-concentratiekampen. Slechts twee dagen voor de bevrijding van Rijsel werden 872 politieke gevangenen en verzetsstrijders in vrachtwagens van de gevangenis naar het station van Tourcoing gebracht. Daar werden ze samengeperst in dertien veewagons en weggevoerd naar kampen zoals Buchenwald, Dachau en Sachsenhausen. Bij de algemene repatriëring in mei 1945 bleken slechts 284 van de 872 gedeporteerden de ontberingen en dodenmarsen te hebben overleefd.

Na de oorlog, sluiting en herontwikkeling (1974–heden) In de decennia na de Tweede Wereldoorlog functioneerde Loos onder meer als een 'gevangenisschool' voor jonge gedetineerden onder de 30 jaar. Op 25 juli 1974 bracht een zware, gewelddadige muiterij de inrichting landelijk in het nieuws; gedetineerden stichtten brand in de werkplaatsen en bezetten de daken. In 2007 fuseerde de administratie van Loos met de nieuwere, nabijgelegen gevangenis van Sequedin tot het Centre pénitentiaire de Lille-Loos-Sequedin. Vanwege de zware veroudering en deplorabele staat van de historische infrastructuur werd het oude complex in oktober 2011 definitief gesloten.

Sloop en herbestemmingsplannen Na jaren van leegstand en vandalisme volgde in 2016 de sloop van de sterk verouderde cellulaire vleugels (de Maison d'Arrêt). Het monumentale hoofdgebouw – de voormalige 17e-eeuwse cisterciënzerabdij – bleef vanwege zijn historische waarde echter gespaard.

Aanvankelijk was het de bedoeling om op het terrein een hypermodern detentiecentrum voor 720 tot 840 gedetineerden op te trekken. Deze plannen moesten eind 2019 echter drastisch worden herzien na een zware brand in de nabijgelegen chemische fabriek van Kuhlmann. Door aangescherpte veiligheidseisen viel het grootste deel van het gevangenisterrein plotseling binnen een strikte Seveso-risicozone, waardoor grootschalige, permanente detentievleugels wettelijk niet meer waren toegestaan.

Huidige status Als alternatief voor het megaproject werd besloten om de historische en behouden gebleven abdijgebouwen te renoveren. Hierin wordt een kleinschaliger penitentiair project ondergebracht: een Structure d’accompagnement vers la sortie (SAS). Deze hybride instelling biedt plaats aan maximaal 150 gedetineerden in hun laatste detentiefase (met een resterende straf van minder dan twee jaar) en de opening staat gepland voor 2027.

Omdat een aanzienlijk deel van het omliggende terrein door de Seveso-beperkingen niet meer voor intensieve bewoning mag worden gebruikt, heeft de gemeente Loos plannen ingediend om een nieuwe verbindingsweg over de braakliggende grond aan te leggen. Deze weginfrastructuur moet dienen om de nabijgelegen Kiener-wijk te ontsluiten en te integreren met de rest van de stad.

Bronnen, noten en/of referenties

Categorie:Gevangenis in Frankrijk Categorie:Geschiedenis van het Noorderdepartement Categorie:Holocaust in Frankrijk