Beyaert is de naam van een West-Vlaamse familie die, naast de bekende architect Hendrik Beyaert, een aantal drukkers, uitgevers en boekhandelaars voortbracht, gedurende de negentiende en twintigste eeuw, met een doorgezette activiteit tot in de eenentwintigste eeuw. Veel informatie over de drukwerken van de verschillende drukkers Beyaert is te vinden in 'Catalogus van het Fonds Joseph de Bethune, Deel I Boeken', Kortrijk, 1982.

Louis Beyaert-Feys De eerste drukker Beyaert, Louis, was zoon van de Bruggeling Michel Beyaert, die vermeld werd als schoenmaker en als 'schrijver', wat enige aanwijzing geeft dat hij zich al in letterminnende kringen bewoog. Louis, in Brugge geboren, vestigde zich in 1809 als boekhandelaar en drukker in Roeselare. Tien jaar later verhuisde hij naar Kortrijk. Als drukwerk van hem zijn onder meer bekend:

uit zijn Roeselaarse tijd: Gedichten op den Veldslag van het Schoon Verbond en het Verrukkend Vaderland (1815); uit zijn Kortrijkse tijd: Aan de weldoeners der school van Bermhertiigheid... (1824); Nederlandsche dichtstukjes, door Jan Hofman (1829); Christelijke gedazchten voor elken dag van de maand, door J.B. Annocque (1829); Den Geest van het Christendom, door J.B. Annocque, 1830; Geschenk aan de jeugd op den dag van haar Eerste Heylige Communie, door J.B. Annocque (1831); Kleine gedichten voor kinderen, door Hiëronymus van Alphen (1828); het volledige werk van Pieter-Jan Renier, onder meer Nut der volksbeschaving (1837), een bekroond gedicht van deze rederijker en fabeldichter; 'Broederschap van de Goede Dood' (1844).

Van zijn acht kinderen waren er drie die het drukkersberoep kozen.

Eugène en Georges Beyaert Eugène Beyaert (1810-1879), gekend als Beyaert-Deljoutte, was als oudste zoon de voortzetter van de drukkerij. Hij drukte vooral boeken met een religieuze inhoud. Voorbeelden:

1862 — Notre-Dame de Groeninghe: poème historique. 1865 — Origine de la dévotion au sacrécoeur de Jésus. 1871 — Dévotion au Sacré Coeur de Jésus, son origine. 1873 — Notre Dame de Lourdes: poème historique. 1887 — Het begijnhof van Kortrijk.

Eugène publiceerde pamfletten voor de katholieke partij: Aan de katholijke kiezers. Eenige vragen en antwoorden over de katholijken en de liberalen, 1865.

In 1876 verscheen, op initiatief van zoon Georges Beyaert (1856-1904), De Gazette van Kortrijk als katholiek weekblad (1876-1914). Guido Gezelle verleende volle medewerking aan dit blad, zodat sommigen hem zelfs als de hoofdredacteur ervan beschouwden. Michel VAN DER PLAS, a.w. blz. 335 en vv. gaat hier uitgebreid op in. Toen Georges (of Joris) Beyaert, na een hevige kiesstrijd stokslagen kreeg van liberale tegenstrevers, publiceerde Gezelle een huldedicht met de aanvangsregels:

"Gij hebt de macht gevoeld van 't liberaal gepeupel" "dat slagen deelt zo het geen stemmen wint".

Georges Beyaert gaf nog andere kranten uit: de Courrier de Courtrai et de l'Arrondissement (1876-1882), het Gildeblad der Ambachten, Neringen en Nijverheden van Kortrijk (1891-1907) en De Kouter (1900-1902).

Drukker Georges (of Joris) Beyaert, die verder bleef uitgeven op de naam 'Eugeen Beyaert' drukte onder meer: Kortrijk in het verleden door Theo Stevens (1883); Reisjes in Zuid-Vlaanderen door Theodoor Stevens, Kortrijk (1901); ̈Vlaanderen voor en tijdens het bewind der geuzen (1888); The Song of Hyawatha, vertaald door Guido Gezelle (1886); Westvlaamsch Idioticon door Leonard De Bo (1886); De XIV stonden of de Bloedige Dagvaart ons Heeren, tekst van Guido Gezelle en muziek van Joseph Ryelandt (1895); Goddelijke beschouwingen door Mgr. Gustavus Josephus Waffelaert, vertaald door Guido Gezelle (1897); Algemeene politieverordening der stad Kortrijk, 198 blz. (1899).

Hij drukte voor de Geschied- en Oudheidkundige kring van Kortrijk afwisselend met Leon Beyaert-Sioen.

Beyaert ontplooide diverse nevenactiviteiten: stadsbibliothecaris van Kortrijk, benoemd door het katholiek stadsbestuur (1876- ); ‘boekbewaarder’ van de plaatselijke Davidsfondsafdeling (1881- ); lid van de ‘Gilde van Ambachten, Neringen en Nijverheden van Kortrijk’ (1891-1895); lid van het Comité voor de oprichting in Kortrijk van een gedenkteken in herinnering aan Guido Gezelle (1900).

Karel Beyaert-Filleul en Leon Beyaert-Sioen De tweede zoon van Beyaert-Feys, Karel (of Charles) Beyaert (1812-1886), gekend als Beyaert-Filleul, vestigde zich op de Markt van Kortrijk als boekhandelaar en boekbinder.

Zijn zoon Leon Beyaert (1862-1934) vestigde zich als drukker onder de firmanaam Beyaert-Sioen. Hij produceerde vooral werk van godsdienstige en plaatselijke aard. Voorbeelden: Bénédiction et inauguration du nouvel orgue en l'église Saint-Joseph à Courtrai (1914). P.O. Andreas, Onze Lieve Vrouw ten Putje, te Kortrijk vereerd (1915).

Met zijn vrouw Leonie Sioen hadden ze acht kinderen, die praktisch allen, actief of ondersteunend, de familiale drukkerij verder zetten. De drijvende kracht hierbij was Antoine Beyaert (1899-1967) (gehuwd met Cecile Caesens), terwijl zijn broer André (1892-1984) (gehuwd met Henriette Lecerf) een eigen drukkerij oprichtte.

De opvolging gebeurde in de persoon van Monique Legros en haar echtgenoot Charles Ramboux. Zij was een dochter van de oudste dochter, Marie Henriette Legros-Beyaert. De zoons Francis en Bernard Ramboux waren de opvolgers. en na hen, sinds 2015, Laurence Ramboux (dochter van Bernard) en echtgenoot Alexander Lemayeur.

Het bedrijf verhuisde naar Waregem en draagt de naam 'Beyaert Printing' alsook ook nog steeds 'Beyaert-Sioen'. Ver verwijderd van de traditionele drukkerij, heeft het zich gespecialiseerd in het bedrukken van verpakkingen, in offsetdrukwerk op groot formaat en in digitale printprojecten. Van de verschillende takken van de familie Beyaert is het de enige, die, via vrouwelijke afstammelingen, verder bestaat en nog steeds de naam Beyaert draagt.

Louis Beyaert-Defoort In 1842 vestigde Louis Beyaert-Defoort (1817-1876) zich als boekhandelaar en boekbinder in Brugge.

Hij drukte onder meer de Gedichten van Leonard De Bo (1873). Onder zijn acht kinderen werd er een jezuïet, een priester en een advocaat, terwijl Karel opvolgde als drukker-uitgever.

Zijn vier zoons studeerden af aan het Sint-Lodewijkscollege, waar ze in de retorica Leonard De Bo als klastitularis hadden. Het ging om Louis (reto 1862), Karel (1868), Néotère (1871) en Arthur Beyaert (1874).

Karel Beyaert-Storie Karel Beyaert (1848-1922), bekend als Beyaert-Storie, was getrouwd met Marie Storie (een afstammelinge van de drukkers Bogaert) en ze kregen elf kinderen.

Hij werd wellicht de bekendste onder de Beyaerts en bracht zijn uitgeverij tot bloei. Zijn statig herenhuis in de Mariastraat werd een ontmoetingsplaats voor West-Vlaamse bekendheden: Leonard De Bo, Victor Huys, Adolf Duclos, Amaat Vyncke, Karel Callebert, Jozef Samyn.

Beyaert gaf hun werken uit: De legenden van Sinte Franciscus van Assisië door Victor Huys (1881). Jan Onraedt door Karel Callebert (1876). Jan Breidel en Pieter de Coninck door Adolf Duclos (1887). Brieven van eenen Vlaamschen missionaris in Midden-Afrika door Amaat Vyncke (1885).

Zijn meeste uitgaven betroffen theologische en religieuze onderwerpen, wat tot gevolg had dat hij werd vereerd met de titel van 'pauselijk uitgever'.

Hij was ook een groot propagandist en hevig polemist voor de katholieke partij, vooral in de periodes van schoolstrijd. Hij publiceerde heel wat pamfletten.

Sterk beïnvloed door de neogotiek richtte hij een atelier op dat religieuze kunst produceerde. Deze activiteit zou worden verder gezet door zijn zoon Louis.

Louis en Jean Beyaert De beide zoons van Karel Beyaert volgden hem op, aanvankelijk als vennoten, maar na een aantal jaren scheidden hun wegen. Ze bleven allebei de titel 'pauselijk uitgever' voeren, en waren in de jaren negentien dertig en veertig beiden zeer actief in het publiceren van religieuze werken, in concurrentie met hun stadgenoot, de drukker-uitgever Desclée de Brouwer.

Over Louis Beyaert verwijzen we naar het afzonderlijk lemma Louis Beyaert-Carlier.

Jean Beyaert (1884-1938) werd opgevolgd door zijn zoons Joseph en Jean-Marie.

Joseph Beyaert (1911-1980) nam de Gruuthusedrukkerij over en was nog actief begin jaren zestig. Zijn drukkerij was gelegen Gruthuusestraat 4. Het was de opvolging van de negentiende-eeuwse drukkerij van Honoré Van den Berghe-Denaux. De machinerie dateerde waarschijnlijk nog grotendeels uit die tijd. In 1970 en 1976 stond Joseph Beyaert op een onverkiesbare plaats op de kandidatenlijst van de PVV voor de gemeenteraadsverkiezingen in Brugge.

Jean-Marie Beyaert (1912-1975) bleef uitgever, onder meer van jeugd- en kinderboeken, alsook van religieus werk. Hij bleef tot omstreeks 1960 uitgeven, onder de namen 'Uitgeverij Beyaert' en 'Karel Beyaert', met Karel Wynsberghe (1930-2005) als zijn medewerker.

Enkele werken die verschenen onder de uitgeversnaam Charles Beyaert: Principes d'économie sociale (1924). Jacques d'Arnoux, L'heure des héros, avec ou contre le Christ (1949). Berthold de Jésus oC c. d., A l'école de la perfection religieuse (1951). Dom Eugène Van Deur, La mère de Jéus près de la croix (1953).

Met als uitgever "Editions Beyaert" verschenen onder meer: H. Bless, Psychiatrie pastorale, in het Nederlands vertaald door Pieter Ghyssaert (1936). Pieter Ghyssaert, Komt, laten we luisteren naar den gekruisigde (1937). Pieter Ghyssaert, Wees gegroet, Koninging, Moeder der Barmhartigheid (1937). Pieter Ghyssaert, Hart van Jezus, leer ons geloven in uw liefde (1937). Pieter Ghyssaert, Une sainte du sana, Laura Staelens (1939). Pieter Ghyssaert, Een heilige van het sana, Laura Staelens (1941). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg mijn gebeden (1942). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg onze Heilige Mis (1942). Notre Bible, source de vie (1943). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg Gods' wil (1943). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg Gods' genade (1943). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg Christus mystiek lichaam (1944). Pieter Ghyssaert, Ik overweeg Christus genadebronnen (1944). Pieter Ghyssaert, Ma prière qui l'apelle (1944). Pieter Ghyssaert, Sa grâce qui m'enrichit (1944). Pieter Ghyssazert, La Messe qui me le donne (1944). Dom Emiliane Loehre, L'année du Seigneur, Tome V (1945). Pieter Ghyssaert, Son église qui me rattache à Dieu (1945). Pieter Ghyssaert, Een zonnige lijderes (1945). Pieter Ghyssaert, Dieu m'appelle (1946). Pieter Ghyssaert, Jezus Christus vtegemoet (1946). Th. Hénusse s.j., Coeurs inquiets (1951). Dom Eugène Vandeur, Jésus (1952). Pieter Ghyssaert, Geestelijke geschriften van Charles de Foucauld (1957).

De opeenvolgende drukkers-uitgevers en de familie Beyaert ̈Michel Beyaert (Brugge 28 januari 1734 - 4 augustus 1819), schoenmaker en "schrijver”, hier vermeld als de stamvader van de drukkers Beyaert.

X Theresia De Naël (1735-1782) Michiel Beyaert (1760-1760) Michiel Ignatius Beyaert (1761-1819) Theresia Blondina Beyaert (1761-1761) Joanna Theresia Beyaert (1764-1832), x Cornelius Yperman Joanna Francisca Beyaert (1767- ) Joannes Michelis Beyaert (1770- ) Philippe Joseph Beyaert (1771-1772) Françoise Philippine Beyaert (1773- ) Thérèse Françoise Jeanne Beyaert (1775- ) Thérèse Beyaert (1776-1801) Maria Jacoba Beyaert (1779-1814)

Xx Thérèse Jacoba Van Han (1755-1819) Louis Beyaert (1784-1851), drukker-boekhandelaar Albert-Casimir Beyaert (1786-1857), schoenmaker Felix-Dominicus Beyaert (1792- ) Catharina Beyaert (1795-1879) Anna Beyaert (1800-1800)

Louis Beyaert (Brugge, 7 juni 1784 - Kortrijk, 4 september 1851), drukker-boekhandelaar onder de naam Beyaert-Feys.

X Sophie Feys (1787-1828) Eugène Beyaert (Roeselare, 7 februari 1810 - Kortrijk, 8 december 1879), drukker-boekhandelaar, x Hortense Deljoutte Zoon: Georges Beyaert (1856-1904), drukker-krantenuitgever, vriend van Guido Gezelle. Hij was getrouwd met Maria Vanlerberghe (1853-1931). Hij was pas 46 toen hij stierf en had zeven kinderen.