Lorenzo Calvo y Mateo (ca. 1789 – na feb 1848) was een Spaans koopman en ondernemer, die werkzaam was bij Real Compañía de Filipinas in Manilla en Kanton. Hij ontwikkelde zich na het einde van de Manillagaljoenhandel tot een van de belangrijkste Spaanse kooplieden en ondernemers in de handel tussen de Filipijnen, China en Europa. Daarnaast behoorde hij tot de Spaanse ondernemers die zich inzetten voor economische hervormingen en vrijhandel binnen het Spaanse koloniale rijk.
Levensloop Jeugd en loopbaan bij de Real Compañía de Filipinas Over de afkomst van Calvo bestaat enige onduidelijkheid. Volgens documenten van de Real Compañía de Filipinas werd hij rond 1789 geboren in Milmarcos, destijds behorend tot Aragón (tegenwoordig in de provincie Guadalajara). Andere auteurs noemen Zaragoza als geboorteplaats. (2013), La Participación española en la economía del opio en Asia Oriental tras el fin del Galeón, Universitat Pompeu Fabra, Departament d'Humanitats, geraadpleegd op 28 juli 2026, online via deze link
Calvo trad in 1802 in dienst van de Real Compañía de Filipinas in Manilla. Hij bekleedde achtereenvolgens de functies van auxiliar primero, tenedor de libros (boekhouder) en almacenero (magazijnmeester). In juni 1816 werd hij overgeplaatst naar de factorij van de compagnie in Kanton. Als factor in Kanton combineerde hij zijn werkzaamheden voor de compagnie met particuliere handelsactiviteiten, zoals in deze periode gebruikelijk was onder verschillende medewerkers van de Real Compañía de Filipinas.
Koopman in China In China ontwikkelde Calvo zich tot een van de belangrijkste Spaanse kooplieden. Vanuit Kanton bouwde hij een omvangrijk handelsnetwerk op en speelde hij een prominente rol in de particuliere handel die door medewerkers van de Real Compañía de Filipinas naast hun officiële werkzaamheden werd bedreven. Daarbij trad hij regelmatig op als tussenpersoon voor buitenlandse handelshuizen. Zo onderhield hij al vóór zijn vertrek uit China nauwe betrekkingen met de Britse firma Charles Magniac & Co., waarvoor hij onder meer als vertegenwoordiger in Manilla optrad, terwijl beide ondernemingen elkaar in Azië wederzijds als handelsagent ondersteunden.
Zijn handelsactiviteiten brachten hem in nauw contact met Britse, Indiase, Chinese en Filipijnse kooplieden. Daarnaast onderhield hij relaties met Amerikaanse handelshuizen en vormde zijn netwerk een schakel tussen Manilla, Macau, Kanton en Brits-Indië. Hierdoor ging hij deel uitmaken van een internationaal handelsnetwerk dat een belangrijke rol speelde in de overgang van de handel onder compagnieën naar particuliere vrijhandel. (2022), 'Merchant Networks, Microspaces, and the Circulation of Ideas: Liberalism in the Wake of the Royal Company of the Philippines', Philippine Studies: Historical and Ethnographic Viewpoints, jaargang 70, nr. 3, pp. 365–401, geraadpleegd op 28 juli 2026, online via JSTOR
Lorenzo Calvo y Cía Na zijn vertrek uit Azië in november 1822 vestigde Calvo zich achtereenvolgens in Bordeaux en Parijs, waar hij de firma Lorenzo Calvo y Cía oprichtte. Terwijl hij in Europa verbleef, werd de vestiging in China geleid door Gabriel de Yruretagoyena. De onderneming werkte samen met onder meer Charles Magniac & Co., Russell & Company, Perkins & Company en verschillende handelshuizen in Manilla, Macao en Kanton.
De firma was actief in de handel tussen India, China, de Filipijnen en Europa. Zij hield zich bezig met de financiering van internationale handelsstromen, de aan- en verkoop van zilver en textiel en speelde daarnaast een belangrijke rol binnen de opiumhandel die zich in deze periode sterk uitbreidde. In de eerste helft van de jaren 1820 behoorde Calvo tot de belangrijkste Spaanse kooplieden die actief waren in de opiumhandel tussen India en Zuid-China. Daarbij werkte hij nauw samen met Britse handelshuizen in Kanton en Macau en maakte hij gebruik van eigen schepen om de handel te organiseren. Vanuit Europa bleef Calvo nauw betrokken bij zijn onderneming in Azië. Daarbij werkte hij samen met onder anderen Gabriel de Yruretagoyena, José Miguel de Barcáiztegui, José de Azcárraga en Domingo Roxas, die ieder een rol speelden in het handelsnetwerk van Lorenzo Calvo y Cía. Samen met Roxas en Manuel Bernáldez y Pizarro investeerde hij in verschillende industriële projecten, waaronder een buskruitfabriek, een ijzerfabriek, een katoenspinnerij en een ververij. Deze ondernemingen maakten deel uit van pogingen om de productie in de Filipijnen te moderniseren en de economie minder afhankelijk te maken van de traditionele koloniale handelsstructuur.
Ondergang Na enkele jaren van snelle expansie raakte Calvo's handelsnetwerk rond 1828 in financiële problemen. De onderneming werd geconfronteerd met hoge schulden, omvangrijke speculatieve investeringen en betalingsproblemen tegenover zowel de Real Compañía de Filipinas als Chinese handelspartners. Uiteindelijk moest Lorenzo Calvo y Cía haar activiteiten staken en ging de onderneming failliet. Rond dezelfde tijd raakte Calvo ook in politieke moeilijkheden. Hij werd in Spanje beschuldigd van hoogverraad wegens zijn betrokkenheid bij de financiering van de mislukte liberale expeditie van generaal José María Torrijos. Er werd een prijs op zijn hoofd gezet en zijn bezittingen werden geconfisqueerd.
Betekenis Calvo speelde een belangrijke rol in de internationale handelsnetwerken die zich na het einde van de Manillagaljoenhandel ontwikkelden tussen de Filipijnen, China en Europa. Zijn activiteiten weerspiegelen de overgang van de traditionele koloniale handel naar particuliere internationale handelsnetwerken, waarin Spaanse, Britse, Chinese en Filipijnse kooplieden nauw met elkaar samenwerkten.
Daarnaast behoorde hij tot de groep voormalige functionarissen van de Real Compañía de Filipinas die zich uitsprak voor economische hervormingen en vrijhandel. Zijn geschriften over de liquidatie van de compagnie en het Spaanse tabaksmonopolie vormen belangrijke bronnen voor de economische geschiedenis van de Filipijnen in de eerste helft van de negentiende eeuw.
Werken Tijdens zijn laatste levensjaren publiceerde Calvo twee werken over de economische ontwikkeling van de Filipijnen en de liquidatie van de Real Compañía de Filipinas. Daarin verdedigde hij vrijhandel en leverde hij scherpe kritiek op het beleid van de compagnie en het Spaanse tabaksmonopolie. Esposición presentada a la Junta Liquidadora (1835). Demostración de los perjuicios que causa a la España el estanco del tabaco y medios de evitarle con aumento del tesoro público (1840).
Noten en referenties
Categorie:Filipijns ondernemer Categorie:Persoon in de 19e eeuw Categorie:Persoon in de Spaans koloniale Filipijnen