De Senhaja Srair (Berbers: ⵉⵙⵏⵀⴰⵊⵏ ⵙⵔⴰⵢⵔ) zijn een Sanhaja-Berberse bevolkingsgroep die voornamelijk leeft in het Rifgebergte in het noorden van Marokko. Zij vormen een van de historische Sanhaja-groepen die zich in Noord-Marokko hebben gevestigd en onderscheiden zich van de Zenata-stammen die het grootste deel van de Rif bewonen. De Senhaja Srair spreken traditioneel een Sanhaja-variant van het Berbers, die linguïstisch afwijkt van het naburige Riffijns.

Naam De naam Srair (ook gespeld als Srayer of Srayr) verwijst naar het bergachtige gebied waarin de stamfederatie historisch gevestigd is. De benaming Senhaja Srair betekent letterlijk "de Sanhaja van Srair".

Geschiedenis De Senhaja behoren tot de grote Berberse stamconfederatie van de Sanhaja, die historisch verspreid was over grote delen van Noordwest-Afrika. Oorspronkelijk leefden Sanhaja-groepen in een veel ruimer gebied dat zich uitstrekte van de westelijke Sahara tot de Maghreb. De vestiging van de Senhaja Srair in het Rifgebergte wordt doorgaans verklaard door een combinatie van migratie, geleidelijke verplaatsing en terugtrekking in bergachtige gebieden tijdens verschillende historische perioden. Vanaf de vroege middeleeuwen trokken delen van de Sanhaja-bevolking noordwaarts vanuit de meer zuidelijke en westelijke regio’s van de Maghreb, onder invloed van politieke veranderingen, conflicten tussen Berberse confederaties en de opkomst van nieuwe machtsstructuren in de regio. In het Rifgebergte vestigden deze groepen zich in moeilijk toegankelijke berggebieden, waar zij relatief onafhankelijk konden blijven van centrale autoriteiten. Door deze geografische isolatie konden zij hun eigen sociale organisatie, taalvarianten en culturele tradities behouden, terwijl zij zich geleidelijk aanpasten aan de lokale Rifijnse context. Door hun geïsoleerde ligging in de bergen behielden de Senhaja Srair lange tijd hun eigen dialect, sociale organisatie en culturele gebruiken. Tijdens de koloniale periode maakten zij deel uit van het Spaanse protectoraat in Noord-Marokko. Net als andere Rifbewoners namen leden van de Senhaja Srair deel aan het verzet tijdens de Rifoorlog (1921–1926).

Geografie Het traditionele leefgebied van de Senhaja Srair ligt in het centrale Rif, voornamelijk in de huidige provincies Al Hoceima, Chefchaouen en Taounate. Het gebied bestaat uit bergachtige landschappen met verspreide dorpen en landbouwterrassen.

Taal De Senhaja Srair spreken een Berberse taalvariant die tot de Sanhaja-tak behoort. Deze taal is historisch gezien meer verwant aan de Berbertalen van de Atlas dan aan de naburige Rifijnse (Zenata-)dialecten. Dit komt door hun Sanhaja-achtergrond, aangezien de Sanhaja-talen oorspronkelijk een bredere verspreiding hadden in zowel de Atlas- als Sahararegio’s, voordat de huidige geografische scheiding ontstond. Hierdoor vertoont hun taal zowel structurele als lexicale verschillen met het standaard Tarifit van de omliggende Riffijnse groepen.

Cultuur De cultuur van de Senhaja Srair vertoont overeenkomsten met die van andere Rifijnse gemeenschappen, maar kent ook eigen kenmerken op het gebied van taal, muziek, traditionele architectuur en klederdracht. De economie was historisch gebaseerd op kleinschalige landbouw, veeteelt en olijventeelt. Tegenwoordig woont een aanzienlijk deel van de Senhaja Srair in andere delen van Marokko of in de diaspora in Europa.

Stammen Tot de Senhaja Srair worden onder meer de volgende stammen gerekend: Ait Ahmed Ait Bachir Ait Bouchibet Ait Bounsar Ait Khaled Ait Khannous Ait Mezdouy Ait Seddat Ketama Taghzout Zarkt

Zie ook Sanhaja Riffijnen Rifgebergte Berbers

Categorie:Berbers Categorie:Riffijnen Categorie:Volk in Marokko