thumb|Portret van Ivan Vyhovsky door Havrylo Vasko (1850) Ivan Vyhovsky (Oekraïens: Іван Виговський; Oudroetheens: Іоан Виговский of Іоан Виговскій; Vyhiv, circa 1600 – Vilchivka bij Korsoen, 16 maart 1664) was de hetman van het Kozakken-Hetmanaat van 23 augustus 1657 tot 17 oktober 1659.

Aan het begin van de Chmelnytsky-opstand van 1648 werd hij door Bohdan Chmelnytsky gevangengenomen in de slag bij de Gele Wateren (Zjovi Vody), waarna hij al gauw zijn grootste vertrouweling werd. In september 1651 leidde Vyhovsky de Kozakse vredesdelegatie die met de Polen het Verdrag van Bila Tserkva sloot. In januari 1654 was hij de rechterhand van Chmelnytsky bij het sluiten van het Verdrag van Perejaslav met Moskovië. Na de dood van Bohdan Chmelnytsky op 6 augustus 1657 werd Vyhovsky door de Rada van de Kozakse Starsjyna te Tsjyhyryn verkozen tot de nieuwe hetman op 23 augustus 1657. Tegelijk zou hij regent zijn over de Joeri, de minderjarige zoon van Bohdan, die al eerder tot waarnemend hetman was benoemd.

Vyhovsky zette het beleid van Bohdan voort en sloot op 16 september 1658 de Unie van Hadjatsj met het Pools-Litouwse Gemenebest. Volgens dit verdrag zou het Kozakken-Hetmanaat een Grootvorstendom Roethenië vormen, gelijkwaardig aan het Grootvorstendom Litouwen en de Kroon van het Poolse Koninkrijk. Daarmee zou het Gemenebest voortaan een unie zijn van Polen, Litouwers en Roethenen (Oekraïners en Belarussen). De door Kozakken gehate katholieke Unie van Brest zou ongedaan gemaakt worden, de orthodoxe Metropool van Kyiv zou erkend worden en het Roetheens zou weer de bestuurstaal worden in de woiwodschappen Kiow (Kyiv), Tsjernihiv en Bratslav.

De Pools-Litouwse delegatie ging hiermee akkoord, maar de Sejm walny van het Gemenebest had met deze voorwaarden grote moeite. Met name de bisschoppen van de Rooms-Katholieke Kerk die in het parlement zetelden eisten dat de Unie van Brest zou blijven bestaan. De Poolse adel wenste bovendien dat er geen gelijkwaardig Grootvorstendom Roethenië zou komen met eigen autonome wetgeving; zij wilde haar kolonisatie van Oekraïense landbouwgronden voort kunnen zetten. Tot slot moest het Kozakken-Hetmanaat haar bondgenootschap met Moskovië van 1654 weer verbreken. Uiteindelijk keurde de Sejm op 22 mei 1659 een sterk afgezwakte versie van de verdragstekst goed en de Poolse koning legde er zijn eed op af op 10 juni 1659. Maar een groot deel van de Kozakse achterban van Vyhovsky was allerminst blij met de sterk gewijzigde voorwaarden die zonder hun instemming waren aangepast. De Moskovieten waren boos dat het bondgenootschap was verbroken en verklaarden het Gemenebest en de Oekraïense Kozakken opnieuw de oorlog. Hoewel Vyhovsky op 29 juni 1659 de slag bij Konotop op de Moskovieten won, was dat niet genoeg. Steeds meer ontevreden Kozakken liepen over naar Moskovische zijde, waar de jonge Joeri Chmelnytsky zich nu als hun nieuwe leider opwierp. Uiteindelijk moest Vyhovsky in oktober 1659 aftreden als hetman en naar Polen vluchten. Joeri werd als nieuwe hetman erkend en sloot een nieuw bondgenootschap met Moskovië.

Vyhovsky zou zich in de jaren daarna nog actief inzetten voor een verzoening tussen Polen en Oekraïne, zolang de Kozakken maar autonomie zouden krijgen. Toen er in 1664 een Kozakse anti-Poolse opstand uitbrak op in Rechteroever-Oekraïne, werd Vyhovsky verdacht erbij betrokken te zijn. Daarom werd hij door de Polen worden geëxecuteerd wegens verraad. In tegenstelling tot de traditionele Russische geschiedschrijving verwierp de Russische historica Tatjana Tairova-Jakovleva (2009) het idee Vyhovsky een "verrader" zou zijn geweest (niet zozeer tegenover Polen, maar tegenover Rusland). Integendeel, hij was altijd trouw gebleven aan Bohdan Chmelnytsky sinds hij in 1648 de eed aan hem had afgelegd en Vyhovsky zette de plannen van Chmelnytsky voort na diens dood in 1657. Tairova-Jakovleva beschouwde het verzet van de Poolse samenleving en de druk van de paus als de redenen voor het mislukken van de ratificatie.

Categorie:Oekraïens politicus Categorie:Kozakken Categorie:Persoon in de 16e eeuw