Een cento (ook: centone) is een literaire tekst, meestal een gedicht, die volledig of grotendeels is samengesteld uit citaten van andere auteurs. De term is afgeleid van het Latijnse cento, dat lappendeken of lapwerk betekent.Algemeen letterkundig lexicon (2012-...

Kenmerken Een cento bestaat uit regels, halve verzen of fragmenten die uit hun oorspronkelijke context zijn gehaald en tot een nieuw geheel zijn geformeerd. De techniek benadrukt de belezenheid van de auteur en speelt in op het plezier van herkenning bij een geletterd publiek. Vaak heeft een cento een humoristisch of parodistisch karakter.

Hoewel een cento uit bestaande tekstfragmenten bestaat, wordt het niet als plagiaat beschouwd; het geldt eerder als een hommage aan de bron waaruit wordt geput.

Geschiedenis Cento’s komen reeds voor in de klassieke oudheid. Bekend zijn de Homeruscento’s uit de hellenistische en Byzantijnse periode, evenals de Vergiliuscento’s van Ausonius en Proba. In de middeleeuwen ontstonden nieuwe varianten, zoals de 11e-eeuwse Ecbasis Captivi en Fergus van Guillaume le Clerc.

Tijdens de renaissance bleef het genre in gebruik, onder meer in Petrarca-cento’s. In de Nederlandstalige literatuur zijn de Politica (1589) van Justus Lipsius en de hymnen van Daniel Heinsius uit de vroege 17e eeuw bekende voorbeelden.

Moderne toepassingen Ook in de moderne tijd worden cento’s geschreven, vaak met humoristische of satirische bedoeling. Een bekend Nederlandstalig voorbeeld is de Frater Venantius‑sketch van Wim Sonneveld, waarin liedteksten bestaan uit subtiele intertekstuele verwijzingen. In de postmoderne literatuur wordt de techniek soms toegepast in proza, zoals in Renaud Camus' onafgewerkte romancyclus Les Eglogues (1975–1982).

Zie ook medley

Categorie:Literatuur