Metallica is een Amerikaanse metalband opgericht in 1981 in Los Angeles door de Deen Lars Ulrich en de Amerikaan James Hetfield. De band heeft sinds zijn ontstaan meer dan 163 miljoen exemplaren van zijn albums verkocht en is daarmee de succesvolste metalband aller tijden.
Bandgeschiedenis De beginjaren (1980-1990) Lars Ulrich plaatste in 1980 in het blad The Recycler een advertentie omdat hij samen met gelijkgestemden een metalband wilde starten. James Hetfield reageerde op deze advertentie en spoedig hadden Lars en James hun eerste ontmoeting, maar pas in de zomer van 1981 werd de basis van Metallica gelegd. Ulrich had met succes geprobeerd in aanmerking te komen voor het leveren van een bijdrage aan Metal Massacre, een Metal Blade-compilatie en moest nu snel een band vormen om dit nummer op te kunnen nemen. Naast Hetfield speelde Lloyd Grant leadgitaar.
Hun eerste show vond plaats op zondag 14 maart 1982 in Anaheim Club Radio City. Metallica speelde twee eigen geschreven nummers (Hit the Lights en Jump in the Fire) en daarnaast ook nog covers van onder andere heavy-metalbands Diamond Head, Sweet Savage en Blitzkrieg. De daaropvolgende maand namen ze de demo No Life 'Till Leather op om mee te kunnen doen aan een concert. Grant maakte toen geen deel uit van de groep, maar bassist Ron McGovney en gitarist Dave Mustaine wel. Ze namen vier nummers op: Hit the Lights, Motorbreath, Mechanix, The Four Horsemen en Jump in the Fire. Later dook deze demo als bootleg op en hij is nu bekend onder de titel Power Metal. Aan deze vier nummers werden nog Seek & Destroy, Metal Militia en Phantom Lord toegevoegd om tezamen de demo No Life 'Till Leather te vormen.
In november 1982 werd Ron McGovney vervangen door bassist Cliff Burton van Trauma en in november van dat jaar ontmoetten ze Kirk Hammett – toenmalig gitarist van Exodus – voor het eerst. In maart 1983 werd Dave Mustaine vanwege een alcoholprobleem en overmatig drugsgebruik uit de band gezet. Op 1 april 1983 werd hij door Kirk Hammett vervangen. Mustaine vormde al in de zomer van 1983 Megadeth en nam hierin gitaar en zang voor zijn rekening.
Vele optredens in Amerika volgden, tot ze in mei 1983 de studio in gingen om hun eerste album Kill 'Em All op te nemen. Het album werd twee maanden later uitgebracht. Metallica had eerst een andere titel in gedachten – Metal Up Your Ass – maar geen enkele platenmaatschappij wilde met die titel in zee gaan. Een korte tournee ter promotie van het album volgde en in oktober 1983 zaten ze alweer in de studio om hun tweede album Ride the Lightning op te nemen dat op 27 juni 1984 door Megaforce Records werd uitgebracht. Op Ride the Lightning – met nummers als For Whom the Bell Tolls, Creeping Death en Fade to Black – was voor het eerst de invloed van Cliff Burton goed te horen, die een leidende basgitaar speelde in plaats van de achtergrond op te vullen. Nauwelijks vijf maanden na het album verscheen de ep Creeping Death, een liveoptreden. In dit jaar kwam Metallica voor het eerst naar Europa en traden ze op als voorprogramma van Venom op diens '7 days of hell' tour in het 'Volkshaus' in Zürich Zwitserland op 3 februari 1984.
In het jaar 1984 trad Metallica voor de eerste keer op in Poperinge. In dat jaar werd de eerste editie van Heavy Sound Festival gegeven. Het Heavy Sound Festival vond plaats op sportterrein Don Bosco. Metallica keerde het volgende jaar, 1985, terug naar Poperinge om er een tweede keer op te treden. De band kreeg een beeld in Poperinge. Het beeld is een exact kopie van de gitaar van zanger James Hetfield, die hij in 1984 gebruikte toen Metallica kwam spelen in Poperinge.
Metal' Mike van Rijswijk haalde ze (na het beluisteren van een compact-cassette opgestuurd door Lars Ulrich) voor de Aardschokdag naar de IJsselhallen in Zwolle, op 11 februari 1984; het eerste optreden in Nederland.
Vanaf september tot december 1985 namen ze in Kopenhagen hun derde album op, Master of Puppets. Dit album is onder veel liefhebbers nog steeds een van de favorieten. In maart 1986 werd het album uitgebracht. In dezelfde maand traden ze op in het voorprogramma tijdens de Amerikaanse tournee van Ozzy Osbourne. Metallica's populariteit steeg gestaag en dit was de laatste keer dat ze in een voorprogramma optraden.
27 september 1986 is een zwarte dag in de geschiedenis van Metallica. Bij het Zweedse stadje Ljungby sloeg een van de toerbussen om, wat de 24-jarige Cliff Burton zijn leven kostte. De rest van de band overleefde het ongeval. Kirk Hammett: Ik draaide me om en zag Cliffs voeten onder de bus uitsteken. In het verwerkingsproces vormde alcohol hun steun en toeverlaat. Metallica is doorgegaan met de groep uit eerbetoon voor Cliff. James Hetfield: Cliff zou de laatste zijn die zou willen dat we opgeven. In oktober 1986 werd Cliff Burton opgevolgd door Jason Newsted, bassist van Flotsam & Jetsam, na auditie te hebben gedaan.
Op 10 oktober 1987 werd de ep Garage Days Re-Revisited uitgebracht met alleen maar covers. Deze ep is nu een collector's item en was voornamelijk bedoeld om Newsted in de band te integreren. Hun vierde album getiteld ...And Justice for All volgde op 25 augustus 1988. Dit album werd uitgebracht door Elektra Records. Ondanks het feit dat ...And Justice for All Metallica een nieuwe golf van populariteit bracht en met One de eerste videoclip was er ook felle kritiek: als onderdeel van het "ontgroeningsproces" van Jason Newsted was zijn bas nauwelijks te horen op het album. Later hebben James en Lars dit toegegeven. De Damaged Justice Tour volgde, met als hoogtepunt het concert in Seattle in 1989.
Het grote publiek (1990-1996) Op 6 oktober 1990 doken ze de studio in voor hun vijfde studioalbum, ditmaal met producer Bob Rock. Er werd gekozen voor simpelere en rustigere nummers, die ook aan moeten kunnen slaan bij het grote publiek en MTV. Dit album verscheen in 1991, waarmee Metallica ook bij het grote publiek bekendheid verwierf. Officieel heet het vijfde studioalbum simpelweg Metallica, maar de naam The Black Album vanwege de zwarte hoes, werd uiteindelijk populairder, mede door de band zelf. Met Enter Sandman en de ballad Nothing Else Matters bestormde Metallica de hitlijsten. Ook Sad But True, Wherever I May Roam en The Unforgiven zijn uiterst succesvol en kunnen op veel airplay rekenen. Metallica wist hiermee als eerste metalband op grote schaal een mainstream publiek te bereiken. Er volgde een jarenlange wereldtournee met optredens in alle werelddelen. Op het hoogtepunt van de populariteit bracht Metallica de box Live Shit: Binge & Purge met onder andere 3 live-cd's en 2 livevideo's uit. Deze box laat Metallica zien op het hoogtepunt van hun carrière. De box bestaat uit de volgende drie concerten:
Seattle 1989 tijdens de Damaged Justice Tour San Diego 1992 tijdens de Wherever We May Roam Tour Mexico City 1993 tijdens de Wherever We May Roam Tour
In 1992 verbrandde James Hetfield tijdens het nummer Fade to Black in Montréal, Canada, door een fout met nieuwe pyrotechniek zijn arm. Terwijl James met spoed naar het ziekenhuis werd gebracht, stopte ook supportband Guns N' Roses het concert, waarop de Metallica- en Guns N' Roses-fans rellen begonnen te schoppen buiten het stadion.
De Load- & ReLoad-jaren (1996-2001) In 1996 en 1997 kwamen respectievelijk de twee nieuwe studioalbums Load en ReLoad uit, beide afkomstig uit een opnameperiode. Op deze twee cd's heeft Metallica een ander geluid en voorkomen. Veel fans van het eerste uur haakten dan ook af. Met Until It Sleeps, Mama Said en The Unforgiven II wist Metallica toch wel weer de hitlijsten binnen te dringen. In de clip van Until It Sleeps zijn scènes te zien die zijn gebaseerd op de werken Ecce Homo en De Tuin der Lusten van de Nederlandse schilder Jheronimus Bosch.
In 1996 nam Metallica in Texas een concert op dat een jaar later als de dvd Cunning Stunts werd uitgegeven. Tijdens Enter Sandman vloog een technicus in brand en rende over het podium. In de credits wordt deze man vermeld als "Burning Dude". In 1998 verscheen de cover-cd Garage Inc., een dubbel-cd die niet alleen alle eerder opgenomen Metallica-covers verzamelde, waaronder de covers van Garage Days Revisited uit 1987 en de Garage Days uit 1984, maar ook nog een elftal nieuwe covers. Met de bewerking van het nummer Whiskey in the Jar naar de versie van Thin Lizzy, kon Metallica weer op veel airplay rekenen. In 1999 verscheen Metallica's tweede officiële livealbum S&M, waarin de band samen met Michael Kamen en het San Francisco Symphony Orchestra een aantal oude en nieuwere nummers laat horen in een klassiek jasje. Het was de enige officiële cd waarop de nummers No Leaf Clover en - Human staan, twee nummers die Lars en James schreven na ReLoad.
Nadat de band in 2000 nog door middel van het nummer I Disappear had bijgedragen aan de soundtrack van de film Mission Impossible II ging het snel bergafwaarts. Metallica spande een rechtszaak aan tegen de peer-to-peer-muziekdeelservice Napster en legde daarmee dit populaire programma plat, wat erg veel kwaad bloed zette bij de vele gebruikers ervan.
De onzekere toekomst van de band (2001-2003) In 2001 verliet bassist Jason Newsted de band na een conflict met zanger Hetfield. Ze raakten het niet eens over Newsteds zijproject EchoBrain. Bovendien speelden de jarenlange pesterijen en het opzettelijk weghouden van Newsted in creatieve beslissingen een rol. Newsted kreeg in de 14 jaar bij Metallica slechts op drie nummers credits: Blackened, My Friend of Misery en Where the Wild Things Are. Ondanks het verlaten van Newsted startte het drietal de opnames van een nieuw studioalbum met producer Bob Rock als plaatsvervangend bassist. Tijdens de opnamen van het nieuwe album, St. Anger, kreeg Metallica steun van een therapeut om te leren omgaan met de botsende karakters in de groep en het wegvallen van Newsted. Deze gesprekken en andere voorvallen zijn gefilmd en hiervan is de documentaire Some Kind of Monster gemaakt. Deze is te zien geweest in de bioscoop en is ook op dvd verschenen. Mede dankzij de gesprekken liet Hetfield zich in een afkickkliniek opnemen, aangezien hij verslaafd was aan drank en andere verdovende middelen. Drummer Ulrich en gitarist Hammett bleven achter, zich afvragend of de band Metallica nog wel toekomst had. Het was het donkerste uur van de band sinds de dood van Cliff Burton.
De St. Anger-jaren (2003-2006) In 2003 was James Hetfield helemaal afgekickt en doken de drie overgebleven Metallica-leden weer de studio in met producer Bob Rock om het nieuwe studioalbum St. Anger verder op te nemen. Rock speelde wederom de baspartijen in. Ook werden de opnames van Some Kind of Monster hervat. Tegen het einde van de opnames nam de band Robert Trujillo – ex-Ozzy Osbourne, Suicidal Tendencies, Infectious Grooves, Black Label Society – aan als nieuwe bassist. Als welkomstgeschenk kreeg hij hiervoor een miljoen dollar. St. Anger is een agressieve plaat, waarin Hetfield veel frustraties had verwerkt. Het album is hard en minder melodieus. Ook bevat dit album geen enkele gitaarsolo en gebruikte Ulrich een snaredrum waarbij de snaren niet tegen het onderste vel aangeklikt zitten, waardoor de drums klinken als zogenaamde 'trash can drums'. De teksten waren niet meer alleen door Hetfield geschreven en de productie was – al dan niet bewust – vlak en rommelig. Het album werd dan ook met gemengde reacties ontvangen, al waren ook veel fans blij dat Metallica de oude agressie terughad. In de toer die op St. Anger volgde, speelde Metallica slechts enkele nummers van het nieuwe album, en gebruikten ze de rest van de tijd voor een best-of-Metallica-compilatie, waarbij ze veel nummers speelden die ze al lange tijd niet hadden gespeeld en veel oude, snelle nummers van de oudere albums.
Death Magnetic (2008) thumb|250px|Lars Ulrich in Praag, 2004