thumb|De zes chromosomen van Caenorhabditis elegans thumb|Een Mononchidae-rondworm die een soortgenoot opeet thumb|Heydenius myrmecophila aan de linkerkant van zijn gastheer en een mier van het geslacht Linepithema, beide ingesloten in Dominicaanse barnsteen uit het Oligoceen-Vroeg-Mioceen thumb|Video-opname van het wildtype van Caenorhabditis elegans (hermafrodiet) thumb|Synlofen bij verschillende rondwormen uit het geslacht Odilia thumb|Mannetjes zweepworm (Trichuris trichiura) met bacillaire banden thumb|Voortbeweging van het wildtype van Caenorhabditis elegans thumb|Dioctophyme renale uit hondennier. Ze kunnen bij de mens meer dan een meter lang worden.
Rondwormen (Nematoda) zijn een grote groep (stam) van zeer algemeen voorkomende wormen. Meer dan 25.000 van de naar schatting 10 miljoen bestaande soorten zijn beschreven.G. Poinar Jr., The Evolutionary History of Nematodes, Brill, Leiden, The Netherlands, 2011. Ook aaltjes behoren tot de rondwormen. Plantenparasitaire rondwormen worden meestal aaltjes genoemd. Nematologie is de wetenschap die de nematoden bestudeert. De term nematoda komt uit het Grieks en betekent “draad-achtig”. Ongeveer 90% van de rondwormen bevindt zich in de bovenste 15 cm van de bodem. Rondwormen kunnen ook een belangrijke rol spelen in de stikstofkringloop door stikstofmineralisatie.
Rondwormen hebben zich met succes aangepast aan bijna elk ecosysteem: van zee (zout) tot zoet water, in bodems van de poolgebieden tot de tropen van hoog tot laag. Ze zijn alomtegenwoordig in zoetwater-, zee- en terrestrische omgevingen, waar ze vaak andere dieren in aantallen overtreffen in zowel individuën als soorten en worden gevonden op locaties zo divers als bergen, woestijnen en troggen. Ze zijn te vinden in elk deel van de lithosfeer, zelfs op grote diepte, van 0,9 tot 3,6 km onder het aardoppervlak in goudmijnen in Zuid-Afrika. Ze vertegenwoordigen 90% van alle dieren op de oceaanbodem. De hoogste dichtheden rondwormen zijn waargenomen in de toendra en boreale bossen. De vele parasitaire soorten zijn pathogenen van de meeste planten en dieren. Een derde van de geslachten komt voor als parasiet van gewervelden; ongeveer 35 rondwormsoorten komen bij mensen voor.
Veel rondwormen eten bacteriën, schimmels en protozoa. Ze kunnen de bacteriepopulatie en -samenstelling effectief reguleren en tot 5000 bacteriën per minuut eten. Andere soorten leven als parasiet en veroorzaken plantenziekten zoals aardappelmoeheid, tasten insecten of naaktslakken aan of zitten in het darmkanaal van zoogdieren zoals de spoelwormen of de aarswormpjes en worden in het laatste geval dan vaak als draadworm aangeduid. Entomopathogene rondwormen worden ingezet ter bestrijding van schadelijke insecten,Wat zijn parasitaire nematoden? zoals de inzet van Steinernema feltiae bij de bestrijding van de eikenprocessierups.Biologische bestrijding van de eikenprocessierups en het gebruik van Phasmarhabditis hermaphrodita tegen naaktslakken.
Sommige rondwormen kunnen wel 8 meter lang worden (Placentonema gigantissima), , Extreme Nature (National Geographic Society, 2003) , The Ubiquitous Nematode: How a Simple Worm Conquered the Earth, Decoded Science, 13 september 2011 maar de meeste rondwormen zijn voor het blote oog onzichtbaar en alleen door een microscoop zichtbaar. Ze zijn dan 5 tot 100 µm dik en 0,1 tot 2,5 mm lang. Per m² bodem kunnen wel een miljoen rondwormen leven.
Rondwormen kunnen aangetast worden door onder andere nematofage schimmels, virussen, sporozoën, amoeben, ciliaten, tardigraden, colembolen, oligochaeten en bacteriën.Dürschner, Ulrike (1983): Pilzliche Endoparasiten an beweglichen Nematodenstadien. Mitteilungen aus der Biologischen Bundesanstalt für Land- und Forstwirtschaft; Heft 217
Genoom De soort Caenorhabditis elegans wordt gebruikt als modelorganisme. Het was de eerste meercellige eukaryoot waarvan het genoom volledig in kaart werd gebracht in 1998 en bestaat uit zes chromosomen met ongeveer 100 Mbp en 20.000 genen., 1998. Genome sequence of the nematode C. elegans: a platform for investigating biology. Science 282 (5396): 2012–2018. Ook is van C. elegans de ontwikkelingsbiologie van elke cel bepaald en elke neuron in kaart gebracht. Het ook uit zes chromosomen bestaande genoom van Caenorhabditis briggsae is in 2003 in kaart gebracht en is ook ongeveer 108 Mbp groot met 22.000 genen.Wormbase[http://www.wormbook.org/chapters/www_genomesCbriggsae/genomesCbriggsae.html Genomics and biology of the nematode Caenorhabditis briggsae Caenorhabditis nigoni is nauw verwant aan Caenorhabditis briggsae en heeft een genoom dat 129 Mbp groot is met 29.167 coderende genen.
Ook is het genoom van Meloidogyne incognita in 2008 volledig gesequencet en bestaat uit 86 Mbp.Abad P, Gouzy J, Aury JM, et al., Genome sequence of the metazoan plant-parasitic nematode Meloidogyne incognita, Nature Biotechnology, 26, 8, 909–15, 2008, august, pmid=18660804, doi=10.1038/nbt.1482, Het andere modelorganisme ter vergelijking met Caenorhabditis elegans is Pristionchus pacificus, waarvan het genoom ook volledig in kaart is gebracht, die op zijn beurt weer is vergeleken met Parapristionchus giblindavisi. Het genoom van Trichinella spiralis is eveneens volledig in kaart gebracht en in 2011 gepubliceerd. et al, 2011. The draft genome of the parasitic nematode Trichinella spiralis. Nature Genetics 43: 228–235.full text Dit genoom is 58,55 Mbp basenparen groot met een schatting van 16.549 genen. Het Trichinella spiralis-genoom is het enige rondwormgenoom met het epigenetische mechanisme van DNA-methylatie, Het genoom van Necator americanus is in 2014 gesequencet en geanalyseerd. Het genoom is 244 Mbp groot en bestaat uit 19.151 eiwitcoderende genen.
Fossielen Rondwormen hebben geen lichaamsdelen die gemakkelijk kunnen worden geconserveerd gedurende geologische tijdsperioden en die relatief gemakkelijk kunnen worden geïdentificeerd in sedimenten en sedimentair gesteente. Daarom is hun fossielenbestand erg fragmentarisch en klein in relatie tot hun brede verspreiding en diversiteit, en is het beperkt tot specifieke conserveringsvormen of sedimentaire faciës.George O. Poinar, jr.: The Geological Record of Parasitic Nematode Evolution. S. 53-92 in: Kenneth De Baets, D. Timothy J. Littlewood (Hrsg.): Fossil Parasites. Advances in Parasitology, Bd. 90, Elsevier, 2015, doi:10.1016/bs.apar.2015.03.002Andrzej Baliński, Yuanlin Sun, Jerzy Dzik: Traces of marine nematodes from 470 million years old Early Ordovician rocks in China. In: Nematology. Bd. 15, Nr. 5, 2013, S. 567–474, doi:10.1163/15685411-00002702.
De best bewaarde rondwormfossielen werden gevonden in barnsteen uit het Krijt en het Tertiair, waarvan de oudste uit het Onder-Krijt in Libanon stammen.George O. Poinar, jr., Aftim Acra, Fadi Acra: Earlist fossil nematode (Mermithidae) in cretaceous Lebanese amber. In: Fundamental and Applied Nematology. Bd. 17, Nr. 5, 1994, S. 475–477.für einen Überblick über die Funde speziell im eozänen baltischen Bernstein siehe Wolfgang Weitschat, Wilfried Wichard: Atlas der Pflanzen und Tiere im Baltischen Bernstein. Pfeil, München 1998, , S. 54 ff. De vroegste directe fossielenbestanden (lichaamfossielen) zijn afkomstig uit de beroemde Rhynie Chert in Schotland en zijn ook het oudste directe bewijs voor parasitaire rondwormen. Ze bestaan uit eieren, verschillende larvenstadia en volwassen individuen ontdekt in de subhuidmondjesholte ("respiratory cavity") van de vroege landplant Aglaophyton major en in 2008 onder de naam Palaeonema phyticum beschreven. Sedimentstructuren met sporenfossielen van vrij levende mariene, infestale rondwormen werden gevonden in kleisteen uit het Ordovicium in de Hubei Provincie in China.
In het Laagland van Kolyma in Siberië werden in juli 2018 door Russische wetenschappers tijdens bodemonderzoek in de Pleistocene Parken rondwormen gevonden die respectievelijk ongeveer 42.000 en 32.000 jaar in de permafrost bodem zijn bewaard. Ondanks het feit dat ze waren bevroren sinds het Pleistoceen zijn twee exemplaren, genaamd Panagrolaimus aff. detritophagus en Plectus aff. parvus succesvol tot leven gewekt. (aff. is een afkorting van het Latijnse affinis en wil zeggen dat het nauw verwant is aan).A. V. Shatilovich, A. V. Tchesunov, T. V. Neretina, I. P. Grabarnik, S. V. Gubin, T. A. Vishnivetskaya, T. C. Onstott, E. M. Rivkina: Viable Nematodes from Late Pleistocene Permafrost of the Kolyma River Lowland. In: Doklady Biological Sciences. Bd. 480, Nr. 1, 2018, S. 100–102, doi:10.1134/S0012496618030079. Terwijl er in de wetenschappelijke wereld nog twijfels bestaan over de juistheid van deze bevindingen, wordt er algemeen aangenomen dat het theoretisch niet onmogelijk is dat deze dieren na een dergelijk lange periode terug tot leven gewekt kunnen worden.
Lichaamsbouw Rondwormen zijn ongesegmenteerde, ronde, oermondige dieren met een compleet spijsverteringsstelsel. Ze behoren daarmee tot de meest eenvoudige dieren die toch een compleet verteringsstelsel hebben. Ze hebben geen hart- en vaatstelsel of ademhalingsstelsel en zijn dus aangewezen op diffusie om zuurstof binnen te krijgen en te transporteren. (1973). The Respiratory Physiology of the Marine Nematodes "Enoplus brevis" (Bastian) and "E. communis" (Bastian): I. The Influence of Oxygen Tension and Body Size. J. Exp. Biol. 59(1): 255-266. PDF fulltext De dwarsdoorsnede van rondwormen is rond en bestaat uit een kop, middenstuk en staart. De kop is radiaal symmetrisch en de rest van het lichaam is tweezijdig symmetrisch.
De kop heeft in veel gevallen uit een geheel bestaande 'kopschermen' die rond de mond naar buiten uitstralen. Bij de basis van de lippen zitten amfiden. Dit zijn de belangrijkste reukorganen van een rondworm. Elke amfide bestaat uit twaalf sensorische zenuwcellen en met trilhaartjes bezette dendrieten.
Er zijn rondwormen met een of twee ogen, waarbij er meestal twee ogen aanwezig zijn, zoals bij Chromadorina bioculata, Oncholaimus vesicarius, Enoplus anisospiculus en Deontostoma californicum. De vrouwelijke Mermis nigrescens-rondworm heeft slechts een oog, waarvan de bouw afwijkt van de ogen van rondwormen die er twee hebben. Deze ogen bevatten melanine als schaduwpigment, terwijl dat bij Mermis nigrescens oxyhemoglobine bevat. Het oog van Mermis nigrescens bestaat uit een holle cilinder.Burr, A. H. J., et al. (2000). Een hemoglobine met een optische functie. Journal of Biological Chemistry 275 (7), 4810-15. en het rode pigment binnenin bleek hemoglobine te zijn.Burr, A. H. and F. I. Harosi. (1985). Naturally crystalline hemoglobin of the nematode Mermis nigrescens. An in situ microspectrophotometric study of chemical properties and dichroism. Biophysical Journal 47(4), 527–36. Deze hemoglobine, meestal als oxyhemoglobine, is dicht geconcentreerd in kristallijne vorm. De cilinder bleek een ocellus met een soort hoornvlies te zijn.Burr, AHJ, et al. (2000). Ocellaire pigmentatie en fototaxis in de nematode Mermis nigrescens: veranderingen tijdens de ontwikkeling. Journal of Experimental Biology 203 (8), 1341-50.
Op het lichaam komen vaak groeven, ribbels (synlofe=gebied met ribbels), borstelharen of andere onderscheidende structuren, zoals striae voor.
Bij de geslachten Trichuris en Capillaria komen bacillaire banden voor. Dit zijn gespecialiseerde rijen van in de lengterichting liggende cellen. Ze bestaan uit kliercellen en een ander type cellen en worden gevormd door de hypodermis. De kliercellen hebben poriën tot in de huid. De functie van de bacillaire banden is onbekend. Hun buitengewone structuur duidt erop dat de kliercellen mogelijk een rol spelen in osmotische of ionenregulatie. De andere cellen spelen mogelijk een rol bij de vorming van de huid en de opslag van voedsel.