thumb|Belegering van de Langacker- of Nieuweschans in 1673 (prent uit 1675) thumb|Nieuwe-Schans op topografische kaart van 1933 thumb|Garnizoenskerk van Nieuweschans (met op de achtergrond "de Hoofdwacht") thumb|Reconstructie vesting Nieuweschans met brug thumb|Oude locomotiefloods

Bad Nieuweschans (Gronings: (Nij-) Schanze of Nij-Schans; Duits: Bad Neuschanz), tot maart 2009 officieel Nieuweschans en eerder Langeakkerschans geheten, is een grensplaats en kuuroord in de gemeente Oldambt in de Nederlandse provincie Groningen. Het is de oostelijkst gelegen plaats van Nederland en tevens de noordelijkst gelegen grensplaats. Op telde Nieuweschans inwoners. Vanwege de vele historische gebouwen is het dorp in augustus 1974 aangewezen als beschermd dorpsgezicht.

Tot 1990 vormde Nieuweschans een aparte gemeente, waartoe naast de hoofdplaats Nieuweschans ook de buurtschap Hamdijk behoorde. Vervolgens behoorde het tot 2010 bij de gemeente Reiderland. De gemeenten Nieuweschans, Beerta en Finsterwolde werden in het verleden wel de 'Rode Driehoek' genoemd, vanwege de sterke positie van de communistische partij.

Geschiedenis

Langeakkerschans De Nieuwe- of Langeakkerschans werd aangelegd in 1628, ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog, in opdracht van Ernst Casimir van Nassau-Dietz, jongere broer van Willem Lodewijk en jongere neef van de Staatse opperbevelhebber Maurits van Oranje.

Door overstromingen waren in de vijftiende en zestiende eeuw grote stukken land door de Dollard verzwolgen. Vanaf die tijd werd door zowel actieve inpoldering als natuurlijke aanslibbing de zee teruggedrongen. Hierdoor werd ook het strategisch belangrijke grensgebied uitgebreid. Zodoende werd besloten hier een vesting aan te leggen op het voormalige schiereiland de Langeakkeren, die onderdeel vormde van de hoge kwelder het Lietsland (vermoedelijk vernoemd naar een riviertje Lethe dat hier vanuit het achterland bij Bellingwolde naar zee stroomde).

De schans werd ontworpen door ingenieur Matthijs van Voort. Hij kreeg de vorm van een regelmatige vijfhoek met bastions, omgeven door wallen en een gracht. Binnen de schans werd een regelmatig stratenpatroon aangelegd, met in het midden een exercitieterrein. Het water uit het achterland werd door het vesting geleid en ging via Langeakkerzijl naar een nieuw ingerichte haven. Met behulp van deze sluis kon men ook de achterliggende polder onder water zetten ten behoeve van de verdediging (inundatie).

De vesting werd Langeakkerschans genoemd, naar de langgerekte akkers op de kwelder. Voor de aanleg daarvan koos men de hoek van de in 1605 ingedijkte polder uit, rond de de sluis Bunderzijl, waardoor het water van deze polder samen met dat van de dorpen Wymeer en Dünebroek naar zee werd geleid.

Na jaren van onderhandelingen werd de grond waarop de schans was gebouwd in 1636 door de Republiek voor 16.000 gulden gekocht van de graaf van Oost-Friesland. De schans was lange tijd van strategisch belang, hetgeen vooral tijdens het rampjaar in 1672 naar voren kwam toen deze tijdelijk in handen viel van Münsterse troepen. Na verdere inpolderingen verloor de schans eind 18e eeuw echter haar betekenis en werd vervolgens ontmanteld.

Bevelvoering De vesting viel onder het commando van een gouverneur, zoals Hans Willem van Aylva in 1683. Het lokale bevel lag bij een commandeur, met een majoor als zijn plaatsvervanger. In vredestijd bestond de bezetting uit twee compagnieën infanterie en een aantal artilleristen.

De eerste commandeur, Schelte van Aysma, werd in 1628 door Friesland geleverd. De functie werd vrijwel altijd bekleed door leden van adellijke families, waaronder de geslachten van Aysma, van Burmania, Gockinga, van Iddekinge, van Isselmuiden, Sickinghe, Tamminga, Wichers en van Reitzenstein.

Andere bekende commandeurs van de vesting waren: Poppo Bockes van Burmania (1637–1638) Feio Sickinghe (vanaf 1682) Feijo Sickinghe (1738–1748)

Verovering en herovering De vesting gold destijds als een belangrijke strategische locatie. Tijdens de Tweede Münsterse Oorlog werden in 1672 om Delfzijl te beschermen alle troepen, munitie en geschut uit Langakkerschans teruggetrokken. Kort daarna werd Langakkerschans, samen met de Dijlerschans, de Bellingwolderschans, de stelling Winschoten en het Huis te Wedde, door de bisschop van Münster, Christoph Bernhard von Galen, ingenomen.

De Admiraliteit te Harlingen werd verzocht een schip op de rivier de Dollard te positioneren om alle toevoer over water richting de vesting af te sluiten.

Na het Gronings Ontzet en de herovering van onder andere Winschoten trokken de Münsterse soldaten zich terug naar de Oude- en Nieuwe Schans. Het land tussen de twee schansen werd onder water gezet, zodat de schansen elkaar niet konden ondersteunen. Hoewel Oudeschans zich snel overgaf, moest Nieuwe Schans (Langakkerschans) nog standhouden.

De herovering van Langakkerschans werd geleid door Carl von Rabenhaupt, een Staatse generaal met ervaring in belegeringen in Groningen. Nadat hij in december 1672 de vesting van Coevorden had ontzet (zie: Ontzet van Coevorden), begon hij op 10 juni 1673 met de belegering van Langakkerschans. Hij sloot de schans van drie zijden in en liet een oorlogsschip de toevoer via de Eems blokkeren. De schans werd verrast en van meerdere kanten aangevallen; de resterende Münsterse soldaten sloegen direct op de vlucht. De meeste gevangen genomen troepen voegden zich later bij von Rabenhaupt.

Von Galen slaagde er niet in versterkingen te sturen, waardoor de schans op 22 juli 1673 definitief door von Rabenhaupt werd heroverd.

Opheffing en reconstructie Tot in de 18e eeuw werd de vesting nog verder versterkt en uitgebreid. Door inpolderingen kwam de schans aan het einde van de 18e eeuw echter steeds verder landinwaarts te liggen en verloor hij zijn functie. In 1815 vertrok het Nederlandse garnizoen en in 1870 werd bij Koninklijk besluit bepaald dat Nieuwe Schans geen vesting meer was. In 1882 werden de vestingwerken geslecht en de grachten gedempt.

In de jaren 1970 werd de vesting deels gereconstrueerd.

Industrialisatie Na aanleg de hoofdweg naar Duitsland in 1845 en de spoorlijn Harlingen - Nieuwe Schans in 1868 brak een tijdperk van welvaart door industrialisatie aan. Er vestigden zich meerdere grote bedrijven die gerelateerd waren aan de landbouw. De "Coöperatieve Stroocartonfabriek De Dollard" opende zijn poorten in 1888 (in 1989 Kappa Triton, in 2015 Solidus Solutions). Deze fabriek sloot in 2025 haar deuren.

Tweede Wereldoorlog Tijdens de Tweede Wereldoorlog reden de treinen vanuit Kamp Westerbork onderweg naar vernietigingskampen (vooral in Polen) langs Nieuweschans, waarbij de treinen tot Nieuweschans onder supervisie van de nazi's bemand waren door Nederlands spoorwegpersoneel. De rest van de reis reed de trein met een Duitse bemanning.

Grenswijziging Na de bekrachtiging van het Eems-Dollardverdrag (1960) door het parlement in 1963 werd de gemeente Nieuweschans (en daarmee Nederland) een stukje groter door de annexatie van een stukje Duitsland ten behoeve van de aanleg van een nieuwe weg en grenspost ten zuiden van de dorpskern (de huidige A7). Om dit mogelijk te maken werd ook de loop van het Wymeerer Sieltief (Wijmeersterdiep) omgelegd.

Kuuroord In 1985 werd het kuuroord Fontana (nu Thermen Bad Nieuweschans) geopend nadat zout, mineraalrijk bronwater was ontdekt op 630 meter diepte. Dit kuurcentrum trok in 2016 ongeveer 210.000 bezoekers. Op 12 november stemde een grote meerderheid van de gemeenteraad van Reiderland in met de naamsverandering tot Bad Nieuweschans. Dit werd op 1 april 2009 bekrachtigd door het Ministerie van Binnenlandse Zaken. De toevoeging 'Bad' (van het Oudhoogduitse 'bad' voor "warm baden") moet de komst bevorderen van meer ondernemingen en activiteiten gericht op zorg- en wellness-toerisme.

Economie en vervoer Thermen Bad Nieuweschans herbergt thermale (bronnen)baden, sauna's en andere wellnessfaciliteiten en trekt jaarlijks meer dan 200.000 bezoekers. Het bedrijf biedt werk aan circa 200 medewerkers.

Het station Bad Nieuweschans ligt feitelijk in Oudezijl, een buurtschap die aan de noordkant van de Westerwoldse Aa ligt. Oudezijl wordt tot Bad Nieuweschans gerekend, maar het westelijke deel – de Schanskerdijk – lag vroeger in het kerspel Nieuw-Beerta (gemeente Beerta). Hamdijk en Booneschans zijn buurtschappen ten zuiden van Bad Nieuweschans.

De A7 vanuit de stad Groningen sluit hier aan op de A280 bij Bunde in Duitsland. In 2002 is de spoorlijn Nieuweschans – Leer (Oost-Friesland), die voor modernisering enkele jaren gesloten was geweest, heropend. Eind 2015 is deze spoorlijn door een aanvaring met een brug over Eems bij Weener weer buiten gebruik gesteld. De heropening is gepland in najaar 2026.Wiederaufbau der Friesenbrücke: Teurer und langwieriger? NDR (19 oktober 2020). Gearchiveerd op 25 november 2020.

Te water is Bad Nieuweschans bereikbaar via de Westerwoldse Aa en het B.L. Tijdenskanaal dat even ten zuiden van het dorp uitmondt in de eerstgenoemde waterweg. Beide kanalen zijn in gebruik bij de pleziervaart. De Westerwoldse Aa verbindt Bad Nieuweschans via de Dollard en de Eems met de Waddenzee.

Bezienswaardigheden De Hoofdwacht dateert uit 1631 en bevindt zich aan de Voorstraat. Verder is er ook een aantal monumentale woonhuizen aanwezig. De oude remise is een voormalige locomotiefloods uit 1876, die als zodanig nog goed herkenbaar is. Tot 2016 waren er het Grand Café en Culturele Pleisterplaats 'De Oude Remise', een toeristisch informatiepunt en een archeologisch informatiepunt ondergebracht. Later kwam er 'De Graanrepubliek', waar aandacht is voor graan en graan gerelateerde streekproducten. De Nederlands-hervormde Garnizoenskerk van Bad Nieuweschans dateert uit 1751 en was ooit in gebruik als garnizoenskerk. Ook zijn de oude synagoge en de Joodse begraafplaats nog aanwezig. Voorts is in Bad Nieuweschans het Vestingmuseum gevestigd aan de 1e Kanonnierstraat 2. Aan de Molenstraat 5 bevindt zich de voormalige marechausseekazerne. Hier zijn onder andere een expositieruimte, een atelier en B&B gevestigd. Graansilo Watermann staat aan de Verlengde Hoofdstraat 3 Bad Nieuweschans telt 47 rijksmonumenten.

Landschap rond Bad Nieuweschans Bad Nieuweschans ligt in polderland dat ontstaan is door landaanwinning in de Dollard. De kwelders van de Dollard slibden hoog op en konden na verloop van tijd worden ingedijkt. Bad Nieuweschans ligt op een knooppunt van dijken van verschillende polders: Het Bunderneuland (D), ingedijkt in 1605, ten zuidoosten van het dorp De Uiterdijken, ingedijkt in 1657, ten westen van het dorp De Linteloopolder en de Charlottenpolder (D), ingedijkt in 1682, ten noordoosten van het dorp De Kroonpolder, ingedijkt in 1696, ten noordwesten van het dorp De Süder-Christian-Eberhards-Polder (D), ingedijkt in 1708, ten noordoosten van het dorp.

De polders bestaan grotendeels uit grootschalig akkerland. Daarnaast is er ook bos- en natuurgebied in de omgeving van Bad Nieuweschans.

Ten westen van Bad Nieuweschans, tussen de A7 en de spoorlijn, ligt het Nieuweschanskerbos, ten zuiden daarvan, tussen de Westerwoldse Aa en de A7, liggen de A-dijken, en ten zuiden daarvan, ten oosten van het B.L. Tijdenskanaal en de rijksgrens, ligt het Bos op Houwingaham. Deze natuurgebieden liggen in de ecologische hoofdstructuur van Nederland. Al deze bos- en natuurgebieden zijn eigendom van Staatsbosbeheer.

Bevolkingsontwikkeling Bad Nieuweschans was als grensplaats en vestingdorp sterk afhankelijk van de economie rondom de grens. Het inwonertal bereikte in 1960 haar hoogtepunt met ruim 2000 inwoners, en in 2020 haar dieptepunt met 1385 inwoners. Tegenwoordig schommelt het aantal inwoners rond de 1400.

1960 - 2.007 inwoners 1975 - 1.809 inwoners 1980 - 1.852 inwoners 1985 - 1.847 inwoners 1990 - 1.684 inwoners 1995 - 1.661 inwoners 2000 - 1.570 inwoners 2005 - 1.470 inwoners 2010 - 1.440 inwoners 2015 - 1.425 inwoners