De PC (Permanente Commissie) is de belangrijkste kaatswedstrijd en oudste sportklassieker van Nederland, die jaarlijks op de vijfde woensdag na 30 juni op het Sjûkelân in de Friese stad Franeker wordt gehouden. De organisator is sinds 1854 de 'Permanente Commissie der Franeker kaatspartij'. Een werkbare samenwerking met de in 1897 opgerichte KNKB kwam pas in 1933 tot stand. Na verloop van tijd werd de afkorting PC niet alleen gebruikt voor de commissie maar ook voor de wedstrijd zelf. In 2003 kreeg de PC het predicaat Koninklijk. De wedstrijd wordt sinds enige jaren live uitgezonden op Omrop Fryslân en Youtube.

Voorgeschiedenis thumb|PC in 1903 miniatuur|Kaatswedstrijd in Franeker in 1924

miniatuur|Ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan in 1953 werd ook de Belgische spelvariant gespeeld. De oudste vorm van kaatsen is het jeu de paume dat in de 12e eeuw werd gespeeld door Franse monniken. Omstreeks 1400 was het spel ook buiten de kloostermuren erg in trek. In Engeland werd het tennis genoemd, in de Nederlanden kaatsen. In de 16e eeuw speelden adel en gegoede burgers in overdekte kaatsbanen. Het volk speelde buiten, wat overlast gaf en tot verboden in de steden leidde. Daarmee werd kaatsen buiten de stadspoorten een veldspel voor het volk. Rond 1700 werd het alleen nog door het volk gespeeld, in enkele plaatsen in Zuid-Holland, in West-Friesland in de omgeving van Hoorn en in het noordwesten van Friesland. In 1754 verscheen de eerste advertentie met de aankondiging van een kaatswedstrijd in Grouw. De herbergier liet een ‘curieuze zilveren bal verkaatsen’. In de verdere loop van de 18e eeuw loofden herbergiers als prijs een zilveren, soms een gouden bal uit of zilveren voorwerpen zoals lepels, messen of een tabaksdoos. In de eerste helft van de 19e eeuw liep het aantal door Friese herbergiers georganiseerde kaatspartijen op tot zo’n dertig per jaar. Door de slechte economische omstandigheden na 1845 liep de belangstelling voor kaatsen terug. Tien jaar eerder werd er nog volop gekaatst op het Franeker Oude Kaatsveld. Op zondagen was het aantal toeschouwers zo groot dat er niet voor iedereen plaats was. In 1853 was de neergang al zo ver gevorderd dat er nog maar een handjevol belangstellenden afkwam op de door de stadsherbergier Paulus de Vries georganiseerde 'balverkaatsersdag'. De ontevredenheid daarover werd de impuls voor actie.Breuker 2003 pp. 12-19

Oprichting PC De wens om een commissie in het leven te roepen die de belangstelling en liefde voor de oude kaatssport weer moest opwekken leidde tot de samenstelling van een permanente commissie van liefhebbers.Voor een kaatspartij die door een herbergier werd georganiseerd werd een commissie alleen voor die partij samengesteld, een tijdelijke commissie. De oprichters van de PC hadden als doel ‘bevordering en instandhouding van het kaatsspel’ en ‘veredeling van het volksvermaak’. De oprichters waren Bote Gosses Bruinsma, Jan Bogstra, Ane Buwalda Kuijpers, Johannes Wijngaard Bekker en Theodorus Ypma, allen inwoners van Franeker. Wat ze organiseerden noemden ze ‘Kaatspartij te Franeker’, een voortzetting van de naamgeving door de kastelein van de stadsherberg bij het Oud Kaatsveld. Op dat veld werd de wedstrijd ook gehouden.Franeker nieuws- en advertentieblad voor de provincie Friesland 10-06-1855 Na twee jaar werd het 'De buitengewone kaatspartij te Franeker' genoemd.Leeuwarder Courant 05-09-1856 Toen in 1856 het Oud Kaatsveld door het slechte weer onbespeelbaar was geworden, werd de zaak voorgoed verplaatst naar het Sjûkelân.

Opgaande lijn De commissie deed er alles aan om de wedstrijd aantrekkelijk te maken. Het terrein werd feestelijk versierd en commissielid Buwalda Kuijpers ontwierp in 1855 de telegraaf, zodat iedereen steeds kon weten hoe de stand van de wedstrijd was. Er kwam een tentje voor de kaatsers waarin ze zich konden verkleden. In 1868 kwam er een overdekte tribune bij en een tentje met eten en drinken, dat door een rondgaande ober bij de toeschouwers aan de man en de vrouw werd gebracht. ’s Avonds was er op het Sjûkelân een voorstelling met een moderne toverlantaarn (Dissolving views) en muziek. Rond de prijsuitreiking in De Koornbeurs werd het de aanwezigen met muziek en dans aangenaam gemaakt.Franeker Courant 28-07-1878 Het resultaat was dat er duizenden toeschouwers op af kwamen. Rond 1890 werden er extra treinen, trams en stoomboten ingezet om de mensenmassa te vervoeren. Het kaatsen was van een soms wat ruwe kermiskaatspartij veranderd in een beschaafd volksvermaak waarin sport en cultuur samengingen.

Beelden en heraldiek Ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum (1878) ging de Permanente Commissie het feest verder aankleden met beelden uit de Klassieke oudheid. Het kaatsen moest worden opgewaardeerd en de verruwing moest worden bestreden. Op de oostelijke Skiltribune stonden drie beelden: een vrouwenfiguur geflankeerd door twee kaatsende figuren. Op de bolwerktribune kwamen de beelden die daar nu nog steeds worden geplaatst. In het midden Pallas Athene, als godin van de wijsheid de beschermvrouwe van universiteiten. Vanaf het veld gezien links van haar Demeter, godin van de vruchtbare aarde, rechts van haar Apollo, god van het goede en schone, handhaver van recht en orde. Links van Demeter een gekroonde leeuw met een witte bal, rechts van Apollo een gekroonde leeuw met een rode bal onder de poten. Deze leeuwen vertegenwoordigen de beide parturen, zoals ook de bordjes aan de telegraaf in rood en wit zijn uitgevoerd. Aan de beide uiteinden Victoria, godin van de overwinning. De Oudheid klonk ook nog door in benamingen voor de bovenslag. Als de bal rollend over de bovenlijn kwam was het gewoon een bovenslag. Werd hij in één keer vanuit het perk over de bovenlijn geslagen, dan was het een Victoriaslag. Als de bal daarbij over het publiek heen of zelfs over de tribune werd geslagen was het een Herculesslag.Westra pp. 54, 55 In 1997 werd de oude traditie met wapenschilden en vlaggen in ere hersteld. Vroeger vertegenwoordigden de wapenschilden de deelnemers aan het toernooi, in 1997 waren het de schilden en vlaggen van de districten Oostergo, Westergo en Zevenwouden en de elf steden. Ze werden opgesteld voor de tribunes.Breuker 2003 pp. 138-140

PC en Belgen Voor het 35-jarig jubileum van de PC had het bestuur Belgische kaatsers uitgenodigd voor een demonstratie van het Belgische spel. De normale wedstrijd werd daarom over twee dagen gehouden.Franeker Kaatspartij, Franeker Courant 02-08-1888 Er volgden meer internationale ontmoetingen, meestal in PC-jubileumjaren. In 1903 en 1913 werden de PC en de internationale wedstrijden op verschillende dagen gehouden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vluchtten honderdduizenden Belgen naar Nederland en daar zaten een paar goede kaatsers bij. Die wilden wel meedoen met het Friese spel en in 1917 won een Belgisch trio de PC met August van Lierde als koning. In het algemeen hadden de Friezen meer moeite met de Belgische kaatsvariant dan omgekeerd.

PC en kaatsbond Vanaf 1870 werd in verschillende dorpen en steden een kaatsvereniging opgericht. Zo’n vereniging organiseerde regelmatig een kaatswedstrijd en de inmiddels zeer invloedrijke Permanente Commissie kreeg het verwijt dat men maar één wedstrijd per jaar uitschreef en niets aan training deed. Vanuit de verenigingen ontstond de behoefte aan een overkoepelende bond, zoals dat ook bij andere sporten het geval was. In 1897 was het zover. Zestien van de inmiddels ongeveer 25 verenigingen werden meteen lid van de bond. Drijvende kracht was de Franeker onderwijzer Willem Westra, voorzitter van de in 1893 opgerichte kaatsvereniging ‘Jan Bogstra’. Westra wilde de PC ook binnen de bond halen, maar die wilde beslist zelfstandig blijven. Wel spraken ze in 1905 af dat beide organisaties gebruik mochten maken van de ‘terreininventaris’ van het Sjûkelân. Drie jaar later accepteerde de PC dat de bond toestemming moest geven voor het houden van hun wedstrijd en dat er volgens de door de bond opgestelde kaatsreglementen zou worden gespeeld. Pogingen om de PC helemaal op te laten gaan in de bond slaagden niet, maar leidden wel tot conflicten. In 1933 sloot men een werkbaar compromis, waarna grote problemen zich niet meer voordeden. De PC profiteert van de bond met zijn kennis op technisch en sportief gebied en met zijn nationale en internationale contacten, de bond profiteert van de geweldige propaganda voor het kaatsen en de cultuur, die uitgaat van de PC met zijn historisch gegroeide onafhankelijke positie.Breuker 2003 pp. 90-101; Breuker 1997 pp. 65-73

De prijzen In 1854 kregen de prijswinnaars van de PC 36 gulden samen (toen een royaal weekloon), de premiewinnaars (verliezers van de finale) 9 gulden. Bovendien kregen de winnaars een bloemenkrans, wat tot die tijd niet gebruikelijk was. In de loop van de tijd werd geld als prijs afgewisseld met zilveren of gouden voorwerpen. Tot 1885 waren er slechts twee prijzen. Daarna varieerde het aantal tussen drie en acht, tot in 1974 het op vier werd gesteld. In 1883 werd door de commissaris der koning Binnert Philip baron van Harinxma thoe Slooten een zilveren bal beschikbaar gesteld als wisselprijs voor de beste kaatser van het winnende partuur, die daarmee eeuwige roem vergaarde. Een commissie van oud-kaatsers bepaalt wie de koningsbal krijgt omgehangen. Op de bal staat het familiewapen van Van Harinxma, een gedicht van Jacobus van Loon en een afbeelding van het Franeker kaatsen in het verleden. In 1997 is er een replica van gemaakt, die de koning een jaar thuis mag houden, de originele is te waardevol om er risico mee te lopen. Vanaf 2010 werden het weer geldprijzen. (In 2010 per partuur prijswinnaars € 4500,-, premiewinnaars € 3000,- en als 3e prijs € 1500,-.) De prijswinnaars krijgen bovendien een gouden tientje elk plus een medaille van het Provinciaal bestuur en natuurlijk ook een krans.

De vijfde woensdag

Voor de vijfde woensdag na 30 juni werden van oudsher de zestien beste parturen uitgenodigd. Sinds 2012 zijn de vijftien hoogst geklasseerde parturen volgens de KNKB-ranglijst rechtstreeks geplaatst. De parturen 16 tot 19 kaatsen een week eerder om de overgebleven plaats. Op de maandag voor de PC wordt er om 18.00 uur in De Koornbeurs onder grote belangstelling geloot voor de wedstrijdlijst. De voorzitter van de PC houdt een toespraak, de kaatsers trekken zelf hun lot. Op de woensdag begint klokslag 8.00 uur de receptie in De Koornbeurs. Omdat er veel mensen op af komen gaan de deuren al om 6.30 uur open. De PC-voorzitter houdt een toespraak waarin hij herinneringen ophaalt aan vroegere helden en aanwezige oud-winnaars krijgen extra aandacht. Na de receptie worden het winnende partuur van het vorige jaar, de scheidsrechter en de Permanente Commissie in open koetsen naar het Sjûkelân gereden. Daar geeft de regerend PC-koning de koningsbal terug aan de voorzitter, die hem daarna voor iedereen zichtbaar in de PC-tent hangt in afwachting van de nieuwe koning. De koetsen worden voorafgegaan door het Stedelijk Muziekcorps Harmonie. Voordat de wedstrijd om half tien begint wordt het Fries volkslied gespeeld. Er wordt gekaatst in twee perken. Na de eerste omloop blijven er acht parturen over, na de tweede omloop volgt de halve finale en dan de finale omstreeks 17.00 uur. De prijsuitreiking is meteen na afloop van de finale.

Bij het 150-jarig bestaan in 2003 werd de PC het predicaat Koninklijk verleend. In 2023 is het 170 jaar geleden dat de Permanente Commissie werd opgericht. In die periode kon de wedstrijd vijf keer niet doorgaan. In 1859 heersten de pokken en 1866 de cholera. Tijdens de Duitse bezetting werden de wedstrijden in 1943 en 1944 afgelast. In 2020 ging de PC niet door vanwege corona.

Recordwinnaars